is toegevoegd aan uw favorieten.

Geneeskundig tijdschrift voor Nederlandsch-Indië, 1911, 01-01-1911

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Of rijst versch gepeld is of niet, heeft geen invloed op liet uitbreken der ziekte. Hierover beslist alleen het al of niet aanwezig zijn van het zilvervlies.

Wat den invloed der verhitting van gabba op het uitbreken van polyneuritis betreft, zoo bleek, dat de toestand, waarin verhit wordt zeer veel invloed heeft. In stoom op 120°C verhitte gabba deed polyneuriiis ontstaan; in heete lucht of onder water even sterk verhitte niet.

Wordt dedek aloes met petroleumaether een of tweemaal gepercoleerd, dan gaat de beschuttende werking niet verloren. Wel als zij niet 0.3°/0 HC1 oplossing worden uitgeloogd. De HC1 oplossing, bij lage temperatuur ingedampt, gaf een werkzaam extract. Werden met alcohol hieruit de phytine en andere stoffen neergeslagen, dan bleef het laatste werkzaam. Tot dit zelfde resulstaat kwam ook Eijkman.

Phytine bleek onwerkzaam.

Het zoutzure extract kon met alcohol behandeld worden, tot het achteenvolgens 75%, 83% en 91 % alcohol bevatte, zonder dat de werkzame stoffen werden neergeslagen.

Werd de alcoholische vloeistof bij 60" ingedampt, daarna het residu in water opgelost en met alkali behandeld, dan ontstond een neerslag, dat niet meer werkzaam was, en ook uit de oplossing waren de werkzame stoffen verdwenen. Op deze zaak wordt echter door S. niet verder ingegaan.

Verder werd uit de waterige oplossing van de in alcohol oplosbare, met HC1 oplossing uit de dedek uitgetrokken stoffen, door verzadiging met ammoniumsulfaat een neerslag verkregen van prolaminen (in alcohol oplosbare proteinen), dat werd afgefiltreerd en weer in water opgelost. Het bleek bij rijst gevoegd de polyneuritis niet tegen te houden.

Zijn ook de werkzame stoffen nog niet geïsoleerd, zij zijn toch als het ware reeds binnen engere grenzen terug gebracht, zoodat er hoop is, dat zij eindelijk nog eens gevangen zullen worden.

Goede foto's en vele tabellen dragen tot verduidelijking bij.

36