is toegevoegd aan uw favorieten.

Geneeskundig tijdschrift voor Nederlandsch-Indië, 1913, 01-01-1913

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1.5; in acuitas uitgedrukt volgens von Siklossy = 51.6 acuitas.

Javal zegt: Het is beter te spreken van gemiddelde gezichtsscherpte dan van normale voor de waarde, die Snellen normalen visus noemt. Javal maakte letters, welker hoogte en breedte slechts 4 X zoo groot zijn als de dikte. Deze letters hebben dus slechts 16 vierkantjes.

v. Siklossy blijft vasthouden aan de letters van Snellen. Herkent het oog op 1 M. afstand proefteekens, welker dikte 0.3 mM. bedraagt (S=33.3 A), dan beduidt dit naar Javal een visus, die met Snellen V= */5 overeenkomt. Het herkennen van proefteekens van eene dikte van 0.25 mM. S = 40 A = 1.16 Snellen moet eenen goeden visus genoemd worden. Met uitstekenden visus kan het oog letterteekens van 0.175 mM. dikte op 1 M. herkennen S = 57A of V= 1,63.

Het onderscheid tusschen de typen van Snellen en Javal schijnt gering, doch dit is niet het geval. De verhouding van de dikte tot de hoogte en breedte is eene belangrijke factor. Javal beweert, dat de letters, waarbij bij de letterproeven van Snellen staat 5, op 7 M. goed herkend worden. De normale visus van het oog wordt dan

V = —= 1.4 in de beteekenis van Snellen. De gezichtshoek wordt dan yxz=42.8"

Javal wenscht de normale gezichtsscherpte op nieuw vastgesteld te zien. Zijne proeven schrijden voort met tusschenruimte

van i 2 = 1.41.

Snellen 1.5, 2, 3, 4, 6.10.

Javal 1.4, 2, 2.8, 4.5, 6.8.

Hij vindt den visus V' = 1,41 visus Snellen voldoende voor den normalen visus (V').

De proeven van Javal moeten op een afstand gelijk aan het duizendvoudige van hunne grootte herkend worden.

Hij stelt voor de op 5 M. afstand gemeten visus als H, de op 25 cM. gemetene als h aan te teekenen en daaronder de hoogte der herkende letters te verstaan.