Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Volgens veeljarige ondervinding van den apotheker deinhold te W ilikie is het zekerste middel om den heet van "■olie honden te genezen de lapis infernalis. Terwijl cauteriseren met potassa caustica of met verdund zwavelzuur dikwijls ongunstige resultaten leverde, leidde de cauterisatie der wonden met lapis infernalis in al de gevallen , hie hem voorkwamen, tot volkomen herstel. Ten blijke van den omvang, die deze ziekte nog altijd heeft, dient, dat gedurende dit jaar in Wurtemberg niet Kinder dan 143 menschen door dolle of van dolheid herdachte honden gebeten zijn; hiervan stierven 7 aan de watervrees.

Crehelmmldflelen. Als bijdrage hoe gaarne het publiek voor geheimmidde»en geld over heeft, wordt de uitgebreide verkoop van eene soort van kruiden te Stettin aangevoerd. Dooreen beambte, die zich E.v. W. teekent, worden ineen groven zak voor 1 thaler (f 1,75) 5 med. oneen afgeleverd van een grof poeder, hetwelk enkel bestaat uit grof gestooten sennebladen met zeer weinig poeder van absynth vermengd 1(1 eeue hoeveelheid, dat elk apotheker het mengsel gaarne tegen 60 a 70 ets. zou willen afleveren. la eene bijgevoegde aanwijzing wordt het voortdurend gebruik dezer kruiden, alleen in hoeveelheid gewijzigd iiaar den aard van het individu en de meerdere of mindere purgerende uitwerking, aan oud en jong als probatum tegen alle ziekten aanbevolen. Gezondheidsbloemengeest van F. A. Wald te Berlijn, volgens het etiquet eene parfumerie, uit de fijnste en heilzaamste bloemenstoffen bereid, is een lichtgekleurd mengsel uit spiritus, weinig bergamotolie, lavendelolie, rozemarijnolie, thymolieen dergelijke. Hij is duurder dan Bau de Cologne en de levensbalsem van Hoffmaun (balsamum vitae Hoffmanni) doch, vooral tot inwrijvingen, minder nuttig dan deze laatste. Balsamum vitae Hoffmanni der Pruissisohe Pharmacopoea komt er ook in >'euk volkomen mede overeen; Hoflmann’s balsem volgens de Pharmacopoëen van Oostenrijk, Baden, Hanover, Hessen, Beijeren, Wurtemberg, Griekenland en Noorwegen heeft een minder aangenamen reuk, doordien hij barnsteenolie bevat. Boekbeoordeellng. Handleiding bij de beoefening van het chemisch-pharmaceutisch gedeelte der harmacopoea Neerlandica, ingerigt voor hen , die zich willen bekwamen voor lel examen als apotheker , door B. van Beuningen van Hchdingen, Apotheker en Chemist te Amsterdam. 1 ste Aflevering. Amsterdam, C. L. Brinkman 1864. Wij hebben in ons Vaderland geen overvloed van werken , om aanstaande apothekers in het chemisch-pharmaceutisohe gedeelte van het vak op te leiden. Bij de opleiding van jongelieden worden meestal de zoodanige gebezigd, die algemeene scheikunde behandelen. Terwijl wij gaarne met Erdmann erkennen, dat er slechts ééne chemie is. Waarheen ook hare toepassingen leiden, zoodat de eerste grondslagen door algemeene scheikundige leerboeken moeten gelegd worden (hetwelk ook geheel inden geest is van de nieuwe geneeskundige wetsontwerpen), zoo bestaat er mch behoefte aan werken, die meer in liet bijzonder die gedeelten der scheikunde behandelen, welke ineen °amiddelijk verband staan tot de pharmaceutische bereidingen , en tot verklaring kunnen dienen der Pharma®°poea. Eender hoofdonderwerpen van het pharmaceudsoh onderwijs maakt de verklaring uit der Pharma-c°poea van het land, waarin men zijn vak uitoefent. Een r®gt begrip te doen krijgen van al datgene, wat de pharmacopoea behandelt en beschrijft, ziedaar de strek-I ’pS van het onderwijs des pharmaceutischen leeraars, mi eindpunt, waarop de verschillende wegen uitloopeu.

Toen wij het boven vermelde werk tot aankondiging en beoordeeling ontvingen, namen wij het dus met ingenomenheid ter hand en begaven ons tot eene naauwlettende inzage. De inrigting van het werk beviel ons zeer goed. De Eharmacopoea wordt op den voet gevolgd en in alle bijzonderheden verklaard; wij meenen deze volgorde de meest geschikte, om aan de bedoeling te beantwoorden. De inhoud echter zelf der eerste aflevering heeft ons in vele opzigten zeer te leur gesteld. De schrijver zegt in zijne voorrede, dat iedere opmerking en aanmerking door hem dankbaar zal worden aangenomen. Wij vertrouwen, dat hij onze aanmerkingen zal beschouwen uit het oogpunt, waaruit wij ze mededeelden, namelijk, om de volgende afleveringen beter te doen uitvallen. In eene handleiding voor hen, die zich willen bekwamen voor het examen als apotheker, heeft men althans regt naauwkeurigheid te verlangen, en wij zullen zien, hoe weinig aan dit vereischte in het onderhavige werk wordt voldaan. Onze eerste opmerking betreft de hoogst slordige correctie en het tal van drukfouten. Het woord „afdrukken” paste nog op geen der vellen. De schrijver moet dit zelf ongetwijfeld later opgemerkt hebben en het zal hem in het vervolg omzigtiger maken. Welk eene onregelmatigheid! Nu eens vindt men „oxyde”, dan „oxijde” geschreven , nu eens „chloorbaryum”, dan weder „chloorbarium”, nu eens „cyan”, dan weder „cijan”. Vreemdsoortig mag voorwaar heeten de verkorting van het woord Pharmacopoea; nu eens Pharmacop., dan weder Ph. Cop. of wel Ph. cop. Welk een denkbeeld moeten jongelieden wel krijgen van de scheikundige formulen! Ago, AGO en AgO; feO en FeO; Ba O en Bao, K en Ka, gij vindt ze van allerlei soort. Nu eens staat, zooals in elk scheikundig werk, het aantal aequivalenten vaneen zamengesteld ligchaam met een groot cijfer, dan, zooals het niemand doet, met een klein cijfer vóór de verbinding. Het aantal aequivalenten der enkelvoudige bestanddeelen wordt nu eens boven dan onder aan de regterzijde van het ligchaam geplaatst. Wij krijgen daardoor bijv. pag. 24 en 43 de volgende combinaties, die wij woordelijk oversohrijven : 3(Ka08N) +fe C2N + 2(CuONOs) = 2 (CuCTSf) + fe C2N + 2 KoN05. feO SQ3 + Pe,03 3503 + ‘Ka C2N = *KOS03 + FeCjCn +ffa 3(C,N). Pe203 +HS_ HO + 2(fe O) +S. 2PeO + 2HS 2HO + 3EeS. Wij zouden nog een aantal dergelijke voorbeelden kunnen aanvoeren. Behalve deze vele fouten, welke wij dan zachts genomen drukfouten zullen heeten, bevat het werk nog een aantal zonden tegen de nederduitsohe stijl en taal. „Ontleedde ,” „bereidde” als deelwoorden, „kalk steeds femininum gebruikt”, „gedurig verzuim van den vierden naamval” , doch letterzifterij is niet onze taak, anders zouden wij ook nog moeten vermelden, hoe de Latijnsche woorden zijn geradbraakt: desseucum voor desoensum, lama-philosophioa voor lana philosophioa, nygra voor nigra, enz. Gaan wij veeleer het werk eens door tot het doen van eenige scheikundige en pharmaoeutisohe opmerkingen. Pag. 7 zegt de schrijver : „Dit sluit evenwel niet in, dat „zouten alleen ontstaan door vereeniging vaneen zuur met „een (eene) base, want ook twee zwavelmetalen kunnen „zich met elkander verbinden tot een zout.” De zin heeft alleen beteekenis, wanneer er stond: door vereeniging vaneen zuurstof zuur met eene zuurstofbase. Immers zwavelmetalen heeten ook zuren en basen, sulfozuren, sulfobasen ? Pag. 11 vinden wij ; „Deze verschillende toestanden „noemt men de allotropische toestanden der zwavel, dat „wil zeggen, dat een ligchaam verschillende chemische en

Sluiten