Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijkheden, zoodat hiervan reeds bij Koninklijk besluit van 5 Februari 1826 vrijstelling is verleend. Doelmatig zouden wij het achten, indien de medicinale gewichten, vóórdat zij in gebruik kwamen, tot meerdere zekerheid van den apotheker, door den arrondissementsijker goedgekeurd en met een teeken voorzien werden, maar eenmaal geijkt zijnde, meenen wij, dat onze geneeskundige wetgeving ons door het commissioneel onderzoek van den jaarlijkschen herijk ontslaat. Ook inde eerste vergadering van den geneeskundigen Eaad van Noordbrabant is deze aangelegenheid ter sprake gekomen. Vele leden waren van meening, dat de ijk overbodig is. De raad heeft besloten zich om nadere inlichtingen tot den Minister te wenden. Het resultaat hiervan is ons echter onbekend. Over de medicinale maten handelen wij ineen der volgende nommers.

"" ~t— 1 ~ – Leerllng-apothekers-examen te Zwolle. Voor het eerst is de stand van leerling-apotheker in werkelijkheid getreden. Naar wij vernemen, hadden zich te Zwolle voor het leerling-apothekers-examen, aldaar 2,3 en 4 Aug. gehouden, 18 jonge lieden aangemeld, waarvan 14 waren opgekomen. Van de candidaten ontvingen 12 het diploma als leerling-apotheker, terwijl 2 werden afgewezen. Voor het onderzoek naar de kennis van de beginselen der Latijnsche taal waren de Pharmaoopoea Neerlandica en Nepos genomen. Voor de kennis naar de beginselen der Nederdnitsche taal werd een opstel naar opgegeven onderwerp (bijv. over den invloed der natuurwetenschappen op de tegenwoordige maatschappij) verlangd; voor de beginselen der rekenkunde het uitwerken van eenige eenvoudige vraagstukken, bijv. het herleiden vaneen bepaald volumen olie van gegeven spec. gew. in kilo’s. – Het bewijs, dat de candidaat de kennis en geschiktheid bezat, noodig tot het gereedmaken van recepten, werd verkregen door het voorleggen van eenige simplicia en door het gereed maken van verschillende recepten in eene apotheek, waarbij tevens onderscheidene vragen over de nomenclatuur enz. der geneesmiddelen gedaan werden. Het examen werd afgenomen door den heer Dr. Ali Cohen , Inspecteur van het geneesk. Staatstoezicht in Overijsel en Drenthe als voorzitter , en de heeren Meulenhoff, apotheker te Zwolle en Dibbits, apotheker te Assen, welke laatste tevens de betrekking van secretaris waarnam. Wij hopen inde gelegenheid gesteld te worden ook van de examens te ’s Gravenhage en Middelburg eenige bijzonderheden te kunnen mededeelen. Uittreksels uit kinnen- en buftenlandscke tij dschrlften. .Nieuwe- methode van sodabereiding uit keukenzout, Wel' dön heeft zich binnen kort in Engeland eene methode doen paténteeren, om langs een veel eenvoudiger weg dan naaide 'bekende methode van Leblanc uit keukenzout koolzure soda té bereiden, namelijk slechts door ééne be werking.

; Hij brengt ineen bak , die eene tamelijk sterke inwendige drukking kan doorstaan, 1 aeq. magnesia en 1 aeq, keukenzout met eene kleine hoeveelheid water en pompt daarin koolzuurgas, hetwelk men verkrijgt door lucht dool' ■ een kolenvuur te blazen. Het gevolg hiervan is , dat het koolzuur de magnesia in dubbel-koolzure magnesia overbrengt, die slechts in oplossing bestaan kan. Zoodra nu deze verbinding gevormd is , werkt zij ontledend op het keukenzout. Gelijke aequivalenten dubbelkoolzure magnesia en keukenzout vormen chloormagnesium , eene zeer oplosbare verbinding, en dubbel-koolzure soda, die moeielijker oplosbaar is en dus bij de geringe hoeveelheid aanwezig water ten bodem zakt. De verkregene dubbel-koolzure soda wordt bij eene zeer matige hitte onder verlies van 1 aeq. koolzuur in gewone koolzure soda omgezet. De bijproducten dezer bereiding zijn: 10. het koolzuur , dat bij het verhitten der dubbel-koolzure soda ontwijkt, 2°. het chloormagnesium, dat tot droogwordens verdampt en vervolgens beneden de gloeihitte verhit, 30. zoutzuur afgeeft, terwijl 4°. magnesia terugblijft. De waarde van het verzamelde zoutzuur zal al de kosten van den arbeid , het slijten der toestellen en den interest van het kapitaal dekken. Toestel tot het ontwikkelen van gassen. Reichardt heeft voor het ontwikkelen van gassen (zwavelwaterstof, waterstof, koolzuur) een toestel opgegeven, die uit twee flessohen van verschillende grootte bestaat, welke door middel eener caoutchoukbuis met elkander verbonden zijn. De grootste flesch dient voor het zuur, de kleinste voor het zwavelijzer, zink of krijt. Beide flessohen zijn met dubbel doorboorde kurken voorzien, die twee glazen buizen bevatten, waarvan de eene met den rand van de kurk gelijk is, terwijl de andere bijna tot op den bodem der flesch reikt. lange buizen der beide flesschen zijn verbonden door middel eener caoutchoUkbuis, die in het midden met eene klemkraan voorzien is, om naar verlangen te sluiten en te openen. Het geheele systeem is een voortdurende hevel, die in werking gebracht wordt door de klemkraan te openen, zoodra hij eenmaal met vloeistof gevuld is. Staat inde groote flesch de vloeistof hooger dan inde kleine, dan gaat het zuur van zelf uit de groote naar de kleine flesch en de stroom vloeistof wordt naar verlangen door de klemkraan afgebroken. Wil men het zuur, na het gebruikt te hebben, uit de kleine flesch verwijderen, dan plaatst men deze flesch eenvoudig hooger dan de andere. Om het gas uit de kleine flesch bijv. in water op te vangen , verbindt men hiermede door middel van lange caoutohoukbuizen flesschen , gedeeltelijk met die vloeistof gevuld. Goedkoope bereiding van azijnzure potassa en azijnznre ammonia met azijnzuur loodoxyde. Men lost 13 deelen loodsuiker inde zesvoudige hoeveelheid gedestilleerd water op en filtreert. Aan den anderen kant lost men 7 deelen dubiel-koolzure potassa inde Svoudige hoeveelheid heet gedestilleerd water op en voegt de laatste oplossing bij de eerste onder omsohudding slechts langzaam bij , dewijl bijna de helft van het koolzuur onder

Sluiten