is toegevoegd aan je favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 3, 1866-1867, no 50, 14-04-1867

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

menstfilling van hét middel. De commissie van inspectie

wordt daardoor .ook in staat gesteld om , al moge zij hier de vrijheid'van bekeuring missen , de nauwkeurigheid van dén apotheker te toetsen. Geeft deze een ander voorschrift aan dan waarnaar het middel bereid is, dan pleegt hij zeker strafbaar bedrog. De rechtbank gaat bij de opvatting der voorgeschreven bepaling intussohen een stap verder dan de wet. Zij besluit niet van het meerdere tot het mindere , maar van het mindefe tot het meerdere , en dat noem ik vrij kras. „Onder aanwijzing van het voorschrift moet verstaan worden de vermelding der bestanddeelen.” Als de wetgever dit gewild had, had hij zich duidelijker moeten uitdrukken ; er staat: „naar welk voorschrift,” zonder van de inhoudsopgaaf, van de bestanddeelen te spreken. De rechtbank is ten aanzien van dat „voorschrift” nog meer wonderlijke begrippen toegedaan ; zij haalt art. 12 aan en verwart alzoo recepten en voorschriften , dat is hetzelfde, meent zij, maar in het spraakgebruik en inde practijk is het toch zoo niet. Wij ontvangen een recept om een geneesmiddel te bereiden vaneen geneesheer, maar bereiden onzen winkelvoorraad naar het voorschrift vaneen codex, vaak ook naar een geschreven winkelboekje, dat van oud tot ouder met eene apotheek overgaat. Zij heeft zeker niet gelet op art. 11, anders had zij gemerkt, dat door de recepten in 12 genoemd, waarvan de apotheker inzage moet verkenen aan de met het onderzoek er van belaste ambtenaren, bedoeld worden dein art. 11 omschrevene, die den apotheker ter gereedmaking worden aangeboden. De recepten der geheime middelen zijnde apothekers niet ter gereedmaking aangeboden en er komt dus geene inzage te pas. Zien wij nu welke gevolgen de handhaving van liet vonnis voor ons allen al- of nietverkoopers van geheime middelen zal hebben: op elk ter aflevering gereed staand middel, moet, behalve het in art. 10 bepaalde, leesbaar zijnde volledige samenstelling: een goed middel voor de klanten ter controleeriug der rekening. Op alle middelen niet inde Pharm. genoemd moeten de bestanddeelen vermeld worden. Van de 40, of zooveel minder namen als men verkiest, op de pakjes veertigerlei-kruiden, waaraan de meeste noordhollandsche apothekers zich bezondigen, zal ik als quasi-geheimmiddel maar niet spreken. Maar op Vinum Kicordi, Spir. cochlear. comp. en Balsam. vitae Holfm, is het niet voldoende te zetten Compend. Kott., Bharm. Belg. of Pharm. Boruss., zij eischen ieder nog 9 namen, Spir. poly-arom. is niet tevreden met Pharm. Belg. maar verlangt 11 namen, Spir. vulner. Bic. vraagt er, in plaats van Compend. Eotterd., 16 ! Waar moet dat heen, wie helpt ons aan een nieuw soort etiquetten, de haagsche subst. officier van justitie? Nog erger : vele geneesheeren schrijven, op het voorbeeld vaneen Amsterdamsch hoogleeraar, de pepsine voor van den heer Lemkes te Edam, die zijne methode natuurlijk niet aan de klok hangt. Op het fleschje te

zetten, „bereid naar het. voorschrift van den heer Lemkes” is niet voldoende, de wet vraagt hoe en gij weet het niet, dan betaalt gij telkens ais men er erg in heeft ƒ 10 boete en de kosten , invorderbaar bij lijfsdwang ! C. W. Bruinvis. Wij willen geenszins gehouden zijn den verkoop van geheime middelen door apothekers in bescherming te nemen. De apotheker moet weten , wat hij verkoopt, zal hij voor de deugdelijkheid zijner afgeleverde middelen kunnen instaan, en geen venter zijn van gereedgemaakte recepten, hem dooreen vreemden collega toegezonden. Maar wij zijn het met den heer Bruinvis geheel eens, dat het argument der Haagsche rechtbank niet opgaat, als zouden alle geneesmiddelen , die vergiftige zelfstandigheden zelfs ineen minimum bevatten, op eene geslotene plaats moeten bewaard en slechts onder de voorgeschrevene formaliteiten mogen verkocht worden. Wij voegen hierbij, dat ook de commissie van deskundigen, dooiden Minister over het aanwijzen der vergiften gehoord , de zaak anders begrepen heeft. Op de openbaar gemaakte lijst vindt men bv. wel cantharides, doch geen emplastrum cantharidum, wel oxydum hydrargyricum, doch geen unguentum oxydi hydrargyrioi; wel uitras kalicus (!), doch geen pulvis salinus compositus, wel tartarus emeticus, doch geen vinum stibiatum. Alleen daar waar het mengsel werkelijk door het groot gehalte aan vergiftige zelfstandigheid zelf vergift is of tot vergissing aanleiding geven kan, wordt ook dit mengsel tot de vergiften gerekend, z. a. bijv. pulvis doveri, de vina opii enz. Werden de stellingen der Haagsche rechtbank consequent doorgevoerd , dan zou wel geen apotheker straf ontgaan en de winkelinspectie de pijnlijkste taak zijn, die een raadslid kon worden opgedragen. Wij blijven het er voor houden, dat het voldoende is op het etiquet de bron aan te geven, waaruit het voorschrift is geput, maar zoodanig , dat de gecommitteerden tot de visitatie inde gelegenheid gesteld worden, het voorschrift in te zien, om het met het geneesmiddel te kunnen vergelijken. Het zal hier echter ook mede gaan, zooals de Minister Thorbeoke omtrent art.; 9 opmerkte, dat voor bepaald misbruik de regel inde wet dient te staan, maar dat zulks het voorbijgaan van dien regel niet zal uitsluiten! Bed. EEN GEVAARLIJK RECEPT. In het Januari-nommer van het Journal de Pharmacie d’Anvers vermeldt Popelemon , apotheker te Malines, het volgende ongeval, veroorzaakt door het gereedmaken van een recept. Er was dooreen geneesheer onnadenkend voorgeschreven : LV '• hypophosphitis calcici gram 0,15 (3x/2 grein) chloratis kalici „ 0,25 (3x/4 grein) lactatis ferrosi „ 0,02 (3/10 gréin) Misce fiat pulvis; dentur tales No. 15. De leerling-apotheker, niet bedacht op het gevaar, waaraan hij zich blootstelde , begon met den hypophos-