is toegevoegd aan uw favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 4, 1867-1868, no 31, 01-12-1867

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deel der afgefiltreèrde vloeistof daarin een zink zout aan te toonen en daar in liet destillaat azijnzuur aanwezig was, werden wij als van zelf tot de conclusie gevoerd , dat ac-tas pïumbicus en sulfas zhicieus tot de bereiding van de Injeclion Bron gebezigd waren.

■Na verdamping van de rest der heldere vloeistof onder toevoeging vaneen weinig verdund zwavelzuur en uittrekking van het residu met alcohol , werden hiermede herhaalde malen strookjes filtreerpapier doortrokken en gedroogd. Uit de reactiën met salpeterzuur en ijzerchloridesolutie besloten wij toen tot de aanwezigheid van morphine. Voegen wij hier nog bij dat de oorspronkelijke vloeistof en vooral het distillaat een’ onraiskenbaren saffraanreuk bezaten , dan vloeit hieruit van zelf de gevolgtrekking voort,-dat ook een vinum opii crocaturn inde Injection aanwezig was. En thans, mijnheer de Eedaoteur, laten wij het aan het oordeel onzer niet in geheimmiddeleu handelende collega’s over om te beslissen of men „eene bruine kleuring voor een zwart praeeipitaat heeft aangezien”, of „bestauddeelen wil opsommen , die kant noch wal raken terwijl wij ons vleien dat door de „mannen der wetenschap” nimmer zal kunnen getuigd worden dat door ons de wetenschap gebruikt werd „om leeken zand inde oogen te strooien.” Naar onze innige overtuiging , gesterkt door hetgeen wij nu en vroeger mochten ervaren bij de analyse van dergelijke geheimmiddelen , is de apotheker, die zich leent tot hun verkoop , niet slechts schuldig aan de benadeeling van de belangen zijner collega’s , maar bovenal aan de vernedering vaneen stand inde maatschappij , die alleen door eerlijke middelen en wetenschappelijken zin zich kan en zal verheffen, Amsterdam , W. Stoedeb. 35 Nov. 1867. Jacobüs Polak. Mijnheer de redacteur! Evenals altijd gebruik ik den Zondag, dat ik inde Apotheek moet zijn, tot een en ander onderzoek, of tot beproeving van voorschriften die in uw blad opgegeven worden. Zoo bepaalde ik mij Zondag tot het „voorschrift van prachtigen rozenhonig” opgegeven in No. 15 van dezen jaargang, door den heer Ansiugh. Ik heb het voorschrift trouw gevolgd, alles opschrijveude wat ik gebruikte en verkreeg, en kwam tot het volgende resultaat. Doordien de heer A. dit niet heeft opgegeven, heb ik gemeend u dit te zenden met den raad aan alle die voor de defeotuur zorgen om ze op die , aan alle vereischten beantwoordende , wijze te vervaardigen ; want te gelijker tijd heb ik den rozenhonig bereid volgens de Pji. N. met dezelfde stoffen en het verschil was dusdanig dat, toen ik een half once van elk met vier oneen water vermengde, het mengsel van den volgens den heer A. bereiden rozenhonig mooi licht rood, dat volgens de Ph. bijna kleurloos was. Ik heb twee oneen rozen met twaalf oneen water genomen, dit circa Va uur geroerd en verkreeg toen een colatuur van acht oneen. Daarna het residu met zes

on óen getrokken , gaf vier oneen. De 18 oneen honig heb ik slechts met acht oneen water gekookt en afgeschuimd tot op zestien oneen; daarna voegde ik de vier oneen infusie er bij en dampte het weder tot zestien oneen uit, waarna ik de eerst verkregen colatuur van acht oneen toevoegde. Dit even opgekookt hebbende deed ik het dooreen wollen doek. Een leerling-apotheker. Uittreksels wit binnen- en buitenlandsclie tijdschriften. Ora soda-salpeter in potassa-salpetsr aan te wijzen, maakt Nöllner gebruik van de hygroscopioiteit van den sodasalpeter. Indien men potassasalpeter, tot poeder gebracht en vochtig gemaakt, eenigen tijd aan de lucht blootstelt, kan men zeker zijn, dat alle sodasalpeter vervloeid is, al is er ook slechts V4 tot Vs proc. voorhanden. Plaatst men dezen vochtigen salpeter ineen trechter en wascht men hem zorgvuldig uit, dan bevindt zich al de aanwezige sodasalpeter inde eerste vloeistof. Verdampt, men deze vloeistof tot droogwordens, bevochtigt men het terugblijvende op nieuw en wascht het weder af, dan lost hoofdzakelijk de opgenomene soda-salpeter op. Na cenige malen deze bewerking herhaald te hebben, blijft alleen sodasalpeter na verdamping terug en kan aan zijn kubischen kristalvorm herkend worden. Herbelin heeft eene magnesia alba van den handel onderzocht , waarbij hem bleek dat 20 gram, met water afgewasschen , eene vloeistof leverden , welke na verdamping 3 gram terugliet. Dit residu bestond uit zwavelzure soda , zwavelzure kalk , zwavelzure magnesia , chloorsodium en chloormagnesium. Magisterium bismuthi bevat, volgens Herbelin , vaak aanmerkelijke hoeveelheden vrij zuur. Hij wensoht , dat men het voor het pharmaceutisoh gebruik eerst afwassche met kokend water of met water, dat een weinig ammonia bevat. Wel is waar wordt daardoor een meer basisch zout gevormd, maar eene hoogere basiciteit doet geen schade, zooals met den zuren aard het geval is. Hij raadt den geneesheeren aan bij het magisterium bismuthi steeds magnesia, dubbel-koolzure soda of koolzure kalk te voegen, om den zuren aard te neutraliseeren. Bij het bezwaar , om in apotheken , alwaar men slechts één distilleertoestel tot zijne beschikking heeft, reukeloos gedistilleerd water te bereiden , omdat er lichtelijk in ketel of slang iets vaneen vroeger riekend distillaat is overgebleven, raadt Janota aan, gebruik te maken van het water , dat bij stoommachines in fabrieken enz. door verdichting van den stoom verkregen is. Het water dat hij op die wijze van eene fabriek verkreeg, was geheel helder en smakeloos ; nitras argenticus , chloretum baryticum, oxalas amraonicus, aqua calcis noch acetas plumbicus brachten er eenige reactie in voort. Water, dat over de bladen van Eibes nigrum is overi gehaald (Aqua foliornm ribes nigri;, wordt als een goed i vehiculum aanbevolen bij potiones stomachicae. Bij de