is toegevoegd aan uw favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 5, 1868-1869, no 7, 14-06-1868

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verre reizen maken, om hun thee te halen, terwijl zij zelf tehuis eene zoo veel betere theepiant bezitten, waarmede zij de Salvia bedoelen. Het is voornamelijk de Salvia ojficinaüs, waarvan de bladen worden uitgevoerd en door de Chineezen als versterkend middel bij maagzwakte en tot versterking van het zenuwstelsel worden gebruikt, doch zij geven de voorkeur aan de bladen van Salvia grandiflora. De vluchtige olie der Salvia bevat kamfer, en wel in zoo groote hoeveelheid , dat de nijverheid reeds het oog heeft geslagen op Salvia en Lavendula, om van de daaruit verkregen kamfer een handelsartikel te maken. Than-mo of Wa-mo is een paddestoel, die in het Birraansche rijk , maar ook daar slechts zeldzaam , voorkomt en door de inlanders als voortreffelijk antihelminthicum wordt gebruikt. Het glycerinegehalte der glycerineoplossingen kan volgens Vogel op eene eenvoudige wijze uit het specifiek gewicht bepaald worden. Het watergehalte blijkt uit de volgende formule : _ 100 b(c—a) X c(b—a) a. specifiek gewicht van zuivere glycerine b. „ „ „ zuiver water c. = „ „ der te onderzoeken glycerinesoort. Het spec. gewicht van zuivere glycerine is als 1,266 aangenomen. Heeft men bijv, eene glycerinesoort van 1,225 spec. gewicht, dan blijkt zijn w'atergehalte uit de volgende berekening ; 100 x (1,225—1,266) x = 1,225 X (1,000-1,266) ~ 111 'a Water’ Glycerine van 1,260 bevat volgens deze berekening 2°% water , 98% watervrije glycerine; bij een spec. gewicht van 1,187 bevat zij 25% water, bij 1,117, 50% enz. Papier Fayard et Blayn is het Papier dit chimique van den Pranschen Codex, hetwelk genoemde heeren voorgeven het best te kunnen bereiden, en dat zij als „spécialité” in den handel gebracht en met eene uitgebreide gebruiksaanwijzing voor allerlei kwalen voorzien hebben. Het voorschrift voor dit papier is volgens opgave van Hager het volgende : I^,: olei olivarum part. 200 In lebetem satis capacem immissae igne aperto calef fiant, donec vapores emittere coeperant. Tum inter agitationem minii pulverisati part. 100 paulatim ingerantur. Effervescentia inde orta reroissa, miscelam inter agitationem incalfaoere perge , donec deuuo effervescere coeperit. Tum , lebete remoto ab igne, assidue agita, ut spuma albida exoriatur. Quo facto inter agitationem adde cerae flavaé part. 6. Charta , cui hac massa emplastica inducenda est, sit tenerrima sericea (charta musselinea), et antea massa ¥ Praeceptum hic sequens secundum parata imbuendo den-Setur ;

' rp. olei lini part. 100 , bulbi allii sativi conscissi part. 10. Calefiant igne aperto, donec bulbus Allii fuscescat humidumque consumtum fuerit, tum colentur. Colaturae immisce olei terebiuthinae part. 80, ferri oxydati rubri laevigati part. 40, cerussae cum olei paulo laevigatae part. 15. Charta miscela hac spongiae ope marinae peruncta per hebdomades duas in virgis suspensa teneatur, at siccetur. Pagina tantum una chartae hoe modo praeparatae ope penicilli vel machinae propriae massa emplastica primum notata illinatur. Pastilles tegen huidziekten van Dr. Kleinhans. Volgens eene opgave inde Pharm. Zeit. is hét voorschrift voor deze pillen als volgt: : arsenici jodati dr. 2 , herb. conii macul. pulv. unc. x/2 , pulv. aromat. dr. 3, pulv. flav. aurant. dr. 3 , sacchar. alb. unc. 8 , tragacanth. dr. 2. Misce fiant lege artis pastilli No. 600. Elke pastille bevat dus % grein joodarsenik. Als gebruik wordt opgegeven : de eerste 14 dagen 3 maal daags één , verder 3 maal daags 2 , enz. Het zal wel overbodig zijn, zegt de Red. der genoemde Zeitung , voor het gebruik van dit middel, zonder bepaald toezicht vaneen arts, te waarschuwen. Tot wit stroopoeder voor kinderen bij den hand verkoop is, zooals Hager te recht opmerkt, veel beter geschikt een mengsel van zinkoxyde en amylum (bijv. 1 deel zinkoxyde op 8 deeien meel) , dan het loodwit, hetwelk vroeger tot dit doel onder den naam van cerus („strus” of „struis”) verkocht werd, doch waarvan de aanwending niet zonder gevaar voor de gezondheid is.. Verscheidenheden. Prof. Stass heeft bij zijne uitstekende onderzoekingen over de atoomgewichten gevonden , dat het glas voor scheikundige gereedschappen tot heden in gebruik, bij de gewone temperatuur door zoutzuur en salpeterzuur wordt aangetas1 , terwijl daarentegen het boheemsch glas en over het algemeen alle glassoorten , die vrij van aluinaarde en rijk aan kiezelzuur zijn, de inwerking zelfs van heete geconcentreerde zuren bijna volkomen wederstaan. Het gebruik van deze glassoorten stuit echter op het bezwaar, dat zij zeer moeiljjk smeltbaar en dus lastig inde bewerking zijn. Stass heeft de verhouding opgezocht voor een mengsel tot de bereiding van glas, dat niet te moeilijk smelt en niet door zuren wordt aangetast. Deze verhouding is 77 deeien kiezelzuur, 7,7 potassa, 5 soda, 10,3 kalk, d.i. potassa, soda en kalk in aequivalentische hoeveelheden, Acorine is een glucoside, door Paust uit den rhizoma van Galamus aromatiem verkregen , door dezen met water