is toegevoegd aan uw favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 7, 1870-1871, no 46, 12-03-1871

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PHARMACEUTISCH WEEKBLAD

YOOR NEDERLAND. ONDER REDACTIE VAN R. J. OPWIJRDA, Apotheker ie Nijmegen.

Dit Blad wordt eiken Zaterdag uitgegeven bij don Boekhandelaar D. B. CENTEN te Amsterdam. Prijs per Jaargang, franco per post, f 4.50.

Alle stukken, welke men in dit Blad wenscht opgenomen te zien, gelieve men franco in te zenden aan den Redacteur te Nijmegen vóór Woensdag.

Prijs der Advertenfiën: van 1 tot 6 regels ƒ1,—, elkq regel meer 15 ets., en 10 ets. voor een N°.

van liet Blad. Brieven franco.

9C Jaargang-,

ZONDAG 13 Maart 1871.

\°. 40.

Mededeelingen. Ingezonden stukken. Naar wij vernemen heeft de commissie voor de nieuwe uitgave der Pharmacopoea Neerlandica hare laatste vergadering te Utrecht gehouden, thans onder het voorzitterschap van Prof. van Kerckhoff, én is het manuscript voor de beide talen gereed. Weldra zal dit manuscript aan den Minister van Binnenlandsche Zaken worden aangeboden, zoodat wij te verwachten hebben, dat de nieuwe Pharmacopoea binnen kort aan de goedkeuring der Kamers wordt onderworpen. Mijnheer de redacteur / Ik veroorloof mij nog eene kleine opmerking betreffende het toekomstige schrijven der recepten in metriek gewicht. In het schrijven van Dr. Stokvis en ook in UW schrijven in No. 39 wordt herhaaldelijk gesproken van het gebruik van het woord //centigram” op de recepten. Maar dat woord komt in het geheel niet voor op de gewichten, die de apotheker in voorraad moet houden *). Ik lees daar niet anders als kilogram, hectogram, dekagram, gram en milligram (stukken, of liever stukjes van 500, 200, 100, 50, 20, 10, 5,2, 1 milligram, waarop deze gewichtshoeveelheden zijn nitgedrukt). Nu wil ik gaarne aannemen, dat een apotheker wel weet dat 10 milligram gelijk zijn aan 1 centigram, maar ik meen toch, dat de nederlandsohe geneesheer bij het gebruik van het decimaal gewicht voor gewichtshoeveelheden beneden het gram steeds het woord milligram zal moeten gebruiken, dat hij dus niet zooals Dr. Stok. vis voorslaat, gramm. 0,50 centigr., of, zooals u bedoelt, centigramm. 50, zal schrijven, maar gram 0,500 milligr., of duidelijker nog milligramm. 500. Ook, indien de geneesheeren voornemens zijn, zooals in Duitschland, niets vóór de gewichtshoeveelheid te zetten en het enkel door de comma te vinden, zullen zij steeds de decimale breuk tot milligrammen moeten uitstrekken, bijv. 0,500; 0,250 enz. Eerst dan komt er ware overeenstemming tusschen de gewichtshoeveelheden op de recepten en tusschen de cijfers en woorden op de gewichten der apothekers uitgedrukt, en wordt de mogelijkheid tot vergissingen verminderd. Het zou mij daarom aangenaam zijn, mijne, zoo ik meen, practische opmerking in uw geacht Weekblad te zien opgenoraen. Met achting enz. Pharmacopola. *) Zie No. 32.

BENAMING DER KINA-ALCALOÏDEN. In het Maartnommer van het Nieuw Tijdschrift voor de Pharmacie in Nederland, vestigt Dr. de Vrij nogmaals de aandacht op de namen der kina-alcaloïden. Hij wijst op het schijnbaar groote verschil tussohen den uitslag van het onderzoek van Prof. Gunning en van Jobst betreffende Java-kinabasten, omdat genoemde heeren voor dezelfde zelfstandigheid verschillende namen hebben gebezigd. Gunning vond bijv. in N°. 1 Java koningskinabast 3,5 proc. in aether oplosbaar alcaloïde (waarin veel hinidine), terwijl Jobst vermeldt daarin gevonden te hebben 3,2 proc. gezamenlijke alcaloïden, waaronder veel conchinine en daarentegen slechts een spoor van kinine, geen kinidine. De zaak is hierin gelegen, dat Gunning en Jobst onder de benaming nkinidine” geheel verschillende lichamen verstaan. Gunning namelijk bedoelt daarmede het alcaloïde, in 1833 door Henry en Pelondre ontdekt, hetwelk vooral gekenmerkt is door de moeielijke oplosbaarheid zijner onzijdige joodwaterstofzure verbinding. De naam kinidine voor dit alcaloïde is afkomstig van de ontdekkers, en onder dezen naam wordt het ook in klassieke leerboeken, zooals van Gerhardt, Wöhler, Gmelin enz. beschreven. Deze kinidine is identisch met de zoogenaamde betachinine. Nu heeft O. Hesse in 1868 aan hetzelfde alcaloïde den naam van conchinine gegeven, en da. Vnj zegt, dat hij dezen naam conchinine om verschillende redenen zeer juist gekozen zou achten, maar nu eenmaal door de ontdekkers den naam // kinidine” gegeven en deze naam bijna algemeen aangenomen is, doen de scheikundigen wel den ouden naam te behouden en niet, zooals Jobst, bet voetspoor van Hesse te volgen en van conchinine te spreken, waar men de kinidine van Henry en Delondre bedoelt. Jobst verstaat daarentegen onder //kinidine”, de zelfstandigheid, die door de meeste scheikundigen // cinchonidine” wordt geheeten. Wanneer dus Jobst zegt, dat hij veel // conchinine" gevonden heeft, dan beteekent zulks inde taal van Gunning en van de meeste scheikundigen, dat hij veel n kinidine'' gevonden heeft. Wanneer hij spreekt van de afwezigheid van n kinidine," dan beteekent dit, dat hij geen // cinchonidine” heeft aangetroffen. Wij nemen van Dr. de Vrij eindelijk de volgende opmerkingen omtrent de kina-alcaloïden over: i°. Er bestaan met zekerheid vier verschillende kinaalcaloïden, namelijk kinine, kinidine, cinchonine en cinchonidine, van welke de kinine en cinchonidine eene linksche en de kinidine en cinchonine eene rechtsche