Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te wachten om het medicament uit Gr. te ontvangen), vervoegde zich bedoelde arts tot mij, met verzoek, om, zoolang Ged. Staten in dezen geene beslissing hadden genomen, de recepten voor zijne patiënten gereed te maken. Thans ontvang ik die twee-, ook wel driemaal daags en worden de medicamenten per boot of bode verzonden, soms wel met rijtuig gehaald en alsdan door den bediende van dien doctor voor mij bij zijne patiënten bezorgd of daar afgehaald, wat ook wel den volgenden morgen geschiedt. Tevens moet ik u nog mededeelen, dat de provinciale inspecteur met deze wijze van handelen bekend is en er alzoo van wetsovertreding geen sprake kan zijn. Hoogachtend uw Dw. Dienaar Groningen, yan Wage. 30 Dec. 1876. Firma L. & v. W, Uit deze mededeeling, zoo ook uit die in N°. 34 blijkt, dat de geneesmiddelen op naam van de firma L. en v. W., dus met hare signatuur en voor hare verantwoordelijkheid afgeleverd worden. Daartegen bestaat natuurlijk geen wettig bezwaar. Maar om geen gevaar te loopen op de grens der overtreding van art. 11 van Wet 111 of van art. 15 van Wet IV te geraken, zal het noodig zijn, dat de goedkeuring der patiënten voor het gereedmaken der artsenijen bij L. en v. W. gevraagd, en hun vrijheid gelaten wordt de geneesmiddelen ook bij een ander apotheker te doen gereed maken; eindelijk dat de geneesmiddelen door de patiënten onmiddellijk met den apotheker en niet met den geneesheer verrekend worden. Red, De geneeskundige raad voor Friesland en Groningen heeft insgelijks eene commissie benoemd, om het vraagstuk der Java-kina pharmaceutisch en therapeutisch te onderzoeken. Ook deze commissie bestaat uit medici en pharmaceuten, en maken o. a. de heeren D. Huizinga en C. H. van Ankum deel daarvan uit. Ook uit den geneesk. raad voor Zuid-Holland werd voor dat doel na breedvoerige gedachtenwisseling eene commissie benoemd, bestaande uit de geneesheeren van Vollenhoven en Vroesom de Haan en uit de pharmaceuten Eobertson en Harinxma. De geneesk. raad voor Zuid-Holland heeft zich niet bevoegd verklaard om zich bezig te houden met de tarifeering der geneesmiddelen, als rakende de stoffelijke belangen der apothekers, die deze zaak onderling behooren te regelen. Geachte Redacteur! Het laatste nommer van ’t Weekblad bevat eene prijsbepaling, die mij in hooge mate bevreemdt. 30 Gram extr. secalis cornuti worden daar berekend a ƒ 1,50. Wanneer men nu in aanmerking neemt dat 1° het secale thans ƒ 6. ’t kilo kost; 2° de extractopbrengst hoogstens 15 percent is, mag dan de aangehaalde berekening billijk genoemd worden? Men zal wellicht zeggen, dat onderscheidene fabrikanten dat extract zeer laag noteeren; die heeren zullen daarvoor waarschijnlijk gegronde rédenen kunnen aanvoeren. Maar zeker is ’t, indien men het praeparaat zelf bereidt wat ieder pharmaceut, wien de degelijkheid van zulk een voornaam geneesmiddel ter harte gaat, zal doen dan kost het ons zooveel, dat de onderwerpelijke prijsbepaling onmogelijk kan goedgekeurd worden. Hoogachtend, Uw dienstw. Leiden, 3 Januari 1877. M. J. Markx. Met het oog op de prijsverhooging van secale cornutum aan het einde van het vorig jaar, heeft de heer M. volkomen gelijk. De berekening voor 30 gram extr. secal. corn. zal thans moeten zijn ƒ 2,10 en de prijs voor het bedoelde recept/3,55. Red. Mijnheer de Redacteur! In uw Weekblad van 31 December j. 1. komt een artikel voor van den heer Nagelvoort, stadsapotheker fe Soerabaija, bevattende eéne beschuldiging tegen de firma Ellinger en van Lissa aldaar. Zulke beschuldigingen worden gelezen, de beschuldigde wordt veroordeeld en wanneer de, stellig niet uitblijvende, repliek dooiden grooten afstand eenige maanden later onder het oog der

lezers komt, heeft het beweerde feit door tijdsverloop zich meestal reeds als volkomen zeker gevestigd. Het is daarom dat ik de vrijheid neem u eene plaats te''verzoeken voor de mededeeling, dat ik als agent der firma E. en v. L. inden loop vaneen jaar 1875/76 meerdere malen telkens 100 fleschjes elk d 1 once sulph. chinin. direct van O. Zimmer aan haar toezond. Ik erken, dat dit de mogelijkheid niet uitsluit van het feit door den heer N. gewraakt, maar vermeen toch dat het zeer in het voordeel der aangeklaagden pleit. Met hoogachting enz. Amsterdam, 2 Januari 1877. A. van Emden. Door de pharmaceutische vereeniging te Leipzig voor het onderzoek van voedingsmiddelen en voor hggieenische zaken is als prijsvraag gesteld eene zekere en eenvoudige methode om vreemde vetten in boter aan te wijzen. Prijs 300 Mark (ƒ180.) Het volgende rechterlijk verhoor, ontleend aan het Journal de Pharmacie d'Anvers, die het uit le Temps overnam, is een teeken des tijds, wat den verkoop van geheimmiddelen betreft. Alphonse Baër, afkomstig uit Duitsohland, maar na den oorlog als Fransohman genaturaliseerd, was gedagvaard voor de achtste oorreetioneele rechtbank, beschuldigd van oplichterij. De naam Baër is verbonden aan hei Eau antine'vralgique, waavvan het finantieel succes zeker zeer groot geweest is, dewijl men er van verkocht heeft voor 1,800,000 francs. Dit prachtig geneesmiddel, dat de neuralgiën heelt, de apoplexie voorkomt, de epilepsie bedwingt, bestaat volgens het rapport van dr. Bergeron, die door de rechtbank als deskundige benoemd was, uit slechten brandewijn, waarin men tabak heeft laten weeken, die eerst uitgetrokken is met kokend water. De bijvoeging van den tabak blijkt geen ander doel te hebben dan het mengsel te kleuren. Men voegt er ook een weinig indigo bij. Verhoor. Vraag. Gij hebt een water samengesteld, dat volgens u alle soorten van ziekten geweest en alle soorten van kwalen voorkomt? Antw. Dit water brengt zeer groote resultaten voort. Vraag. Althans voor u, gij verkocht er ineen jaar voor 1,800,000 francs van. Wie bereidde dat water? Antw. De apotheker Michaelis. Vraag. De tabak heeft voor u onuitputtelijke eigenschappen! Gij kleurt den alcohol met caramel en zwavelzure indigo. Dat is niet kwaad. Antw. Zeker niet. Het is waar, dat de caramel tot de samenstelling van mijn geneesmiddel behoort, indien ik het een geneesmiddel noemen kan. De samenstelling er van is zeer eenvoudig ; maar ik weet ook niet, dat een geneesmiddel samengesteld moet zijn om goed te kunnen werken. Vraag. Er zijn verschillende attesten overgelegd van personen, die verklaren, dat zij zich zeer slecht bij uw middel bevonden hebben. Antw. Daarentegen andere, die bevestigen, dat zij er geheel niet ontevreden over zijn. Vraag. Gij verkoopt uwe flacons voor 4 francs; een op de proef voor 2 francs 50 centimes? Antw. Ik heb er ook kleinere gemaakt, de apothekers vinden de flessohen van 4 francs te duur. Vraag. Gij weet, dat mannen van de kunst, ernstige mannen, zeggen, dat uw water niets beteekent ? Antw. En ik heb brieven van mannen van de kunst, doctors, die het tegendeel beweren. Vraag, Dat is waar, er is er een onder anderen, die verklaart, dat uw water met goed gevolg bloedzuigers, spaansche vliegen en morphine vervangt. Gij hebt dien brief publiek gemaakt, niet waar ? Antw. Ongetwijfeld, en wel om de eenvoudige reden, dat hij mij als de fraaiste en beste voorkwam. De voorzitter doet ook opmerken, dat het uit de instructie blijkt, hoe de beschuldigde handig genoeg geweest is de apothekers te bedriegen, zoodat zij zijn water hebben gereed gemaakt, De beschuldigde, die, hoewel onbevoegd, ook heelkunde uitgeoefend had, werd tot eene maand gevangenisstraf veroordeeld. Volgens Eager wordt de vanzelfontleding van chloralhydraat met slechts door bijvoeging van Spiritus maar ook door die van suiker tegengegaan. Vandaar dat eene mixtuur met chloralhydraat en syrupns simplex nog na dagen niet zuur reageert.

Sluiten