Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13e Jaargang. 28 Januari 1877. N°. 39.

PHARffIACEDTISCH WEEKBLAD

VOOR NEDERLAND. Voor Apothekers en Apotheekhoudende Geneeskundigen

REDACTEUR: R. JT. OPWMRDA, te Nijmegen. Prijs per Jaargang, franco per post, / 4,50. Advertentiën: van I—s regels ƒ 1,—, elke regel meer 20 Cts. en 10 Cts. voor een N°. van het blad. Een Abonnemants-tarief is op aanvrage verkrijgbaar.

UITGEVER: D. B. CEIVTEX, te Amsterdam. De stukken, welke men wenseht opgenomen te zien, worden ui terlijk Woensdag morgen verwacht bij den Redacteur. De Advertentiën uit er lijk Vrijdag avond bij den Uitgever.

Mcdedccliiigen. Ingezonden stukken. Door den Koning is eene Commissie benoemd ter verkrijging eener deugdzame, eenvormige regeling der opleiding van de militaire geneeskundige en pharmaceutisohe studenten, samengesteld als volgt: dr. A. W. M. van Hasselt, inspecteur v.d. geneesk. dienst der landmacht, Voorzitter; dr. H. Slot, inspect. v.d. geneesk. dienst der zeemacht; dr. J. C. G. Evers, oud-hoogleeraar; kolonel P. M. Netscher, kapitein ter zee H. B. Kip, Jhr. J. D. Six en officier van gezondheid 3de klasse W. P. Euijsch, Secretaris. DB PHOSPHAS CALCICUS DER PHARMACOPOEÊN. Toen ik, ingevolge de pharm. chemische studie over Phosphas oalcicus van den heer Stoeder (zie het vorig nommer), eene herr haling der bereiding ondernam, plaatste ik mij op een ander standpunt. Ik meen, dat, wanneer men de bereiding eener Pharm. gaat beoordeelen, men deze woordelijk volgen moet. Ik heb dit in het oog gehouden bij de bereiding van den Phosphas calcicus volgens het voorschrift onzer en ook volgens dat der Britsche Pharm. De heer S. stelt bij de bereiding der Pharm. 6 deelen ossa usta als vast cijfer en neemt zooveel chloorwaterstofzuur als noodig is om deze op te lossen, bovendien vaneen grooter HCI gehalte dan dat der Pharm. Inde Pharm. echter is als va s t cij f er 9 deelen 31 percentig chloorwaterstofzuur gesteld, voor de ossa usta zooveel opgelost kan worden, ongeveer 6 deelen. Ik acht deze voórloopige opmerking noodig, omdat uit onderstaande mededeelingen blijken zal, dat onze resultaten in vele opzichten niet overeenkomen. Bij mijne bewerkingen heb ik veel meer op den aard der verkregen praeparaten dan wel op hunne hoeveelheid gelet, dewijl het onderzoek van den heer S. en van mij gemeenschappelijk dienen moet, om een ingewikkeld onderwerp tot meer klaarheid te brengen. Eerste bewerking. In eene ruime kookflesch werden gebracht 90 gram 31 percentig chloorwaterstofzuur met 90 gram gedestilleerd water en zacht verwarmd. Afgewogen waren 60 gram ossa usta (van dezelfde soort, die de heer S. voor zijne proeven bezigde); deze werden in gedeelten bij bet verdunde zuur gebracht. De eerste gedeelten ossa usta losten onmiddellijk onder opbruising op, langzamerhand ging het oplossen moeielijker en eerst na sterkere verwarming. Eindelijk nadat 46 gram bijgevoegd waren, werd de vloeistof niet meer helder. Ik achtte het geen bezwaar nu nog de overige hoeveelheid beenderen bij te voegen en verwarmde tot het kookpunt, bij welke temperatuur ik de massa eenio'e minuten hield. D Ik schrijf met oogmerk //massa”, omdat ook inden Nederl. tekst dit woord gebezigd wordt, hetwelk aanleiding gaf tot de meening, dat zich de schrijvers der Pharm. insgelijks eene onvolkomen opneming der 6 deelen ossa usta voorstelden en derhalve het troebele mengsel geen vloeistof maar massa noemden. Na bekoeling werd de troebele massa met 100 gram water verdund en vervolgens door papier gefiltreerd, waarbij eerst door herhaald opgieten van het doorgeloopene een helder Altraat

verkregen werd. Voor de praecipitatie van dit Altraat waren 110 gram 10 percentige ammonia liquida met 400 gram water verdund, tezamen dus bijna 515 C.O. Deze verdunde ammonia werd voorzichtig bij' het Altraat onder omroeren gevoegd, telkens op de reactie der vloeistof acht gevende. Praecipitatie volgde onmiddellijk na de eerste bijvoeging en vermeerderde telkens. Nadat 350 C. C,, dus ruim de helft der ammoniakale vloeistof bijgevoegd was, had de zure reactie opgebouden en voor eene zeer zwak alcalische plaats gemaakt. Om te onderzoeken of werkelijk nu alles uitgepraecipiteerd was, werd een klein gedeelte der massa afgeAltreerd en bij het Altraat ammonia liquida gevoegd. Het bleef volkomen helder. De massa werd nu in twee gelijke deelen verdeeld. Bij liet eene gedeelte werd de helft van de overgebleven hoeveelheid verdunde ammonia liquida namelijk 515—350 _ 132^5 qqj gevoegd, (b.) Zij verkreeg daardoor z een sterken reuk naar NHs. Terwijl dus tot het punt van neutralisatie 350 C. C. = 53 gram ammonia liquida waren verbruikt, was op de eene helft de geheele hoeveelheid gebracht, die de Pharm. voorschrijft. Yan de tot het punt van neutralisatie gebrachte massa werd een klein gedeelte afgeAltreerd en het op het Alter achtergeblevene afzonderlijk gehouden (Praec. «.). De flesschen werden vervolgens op eene warme plaats (namelijk naast de warme kachel) gezet. Zes uren daarna werd de inhoud onderzocht. De eene flesch met de geheele hoeveelheid ammonia liquida rook nog sterk daarnaar, de inhoud der andere flesch, die na de bijvoeging van de 250 C. C. ammonia liquida zwak alcalisch reageerde, had eene zwak zure reactie aangenomen. Zij werd weder in 3 gedeelten verdeeld, het eene gedeelte onveranderd gelaten (c.), bij het andere gedeelte nog verdunde ammonia liquida gebracht, totdat er weder eene zwak alcalische .reactie verscheen. Daartoe waren 55 gram ammonia liquida, verdund met 20 gram water, noodig. (d.) In het geheel K o waren hier dus -- 5£ =33 gram ammonia liquida bijge-2 voegd. Den volgenden morgen werden alle praecipitaten op doeken verzameld, namelijk: a. het praecipitaat uit de juist verzadigde massa dadelijk na de praecipitatie afgezonderd; l. het praecipitaat uit de massa met de geheele hoeveelheid ammonia liquida; c. het praecipitaat uit de massa, die later zwak zuur reageerde en bleef reageeren; d. het praecipitaat uit de later weder zwak alcalisch gemaakte massa. Na volkomen uitwassching en droging werd onder den microscoop en vóór en na gloeiing op platinaplaat met zilvernitraat onderzocht. a. korrelig als praecipitaat, reeds zonder kunstwarmte droog geworden, zeer wit en glanzend, vertoonde onder den microscoop duidelijk gevormde kristallen van Ca2 H2 (P 04)2,4 HjO [welke formule ik verkies boven Ca H P 04, 2 Hs O, omdat eerstgenoemde

Sluiten