is toegevoegd aan je favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 14, 1877-1878, no 31, 02-12-1877

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HANDELSBERICHT EN. XIII. Qwinetum in prijs verminderd ten gevolge van mindere schaarschte der grondstof. Salicinum om dezelfde reden gedaald. Semen foeniculi minder overvloedig dan 1.1, jaar en daardoor in prijs stijgend. Sulphas chinini deed een kleinen stap in dalende richting. De heer Pitlo, apotheker te Arnhem, verzoekt ons de volgende recepten te taxeeren, gereed gemaakt voor iemand uit den hoogsten stand. No. 1. Jf: benzoës in lacrymis 6,500, axungiae porei 300. Leni calore liquefac per 24 horas in vase clauso; cola et adde oxydi zincici 50. Misce exacte ut fiat nnguentum. No. 2. JU saponis viridis 200, spiritus rectificati 100. Filtra et adde spiritus lavandulae 3. D. S. Uitwendig. No. 3. Jf: amyli tritici 20, oxydi zincici 10, camphorae 1. M. f. pulvis subtiliss, D. in lagena epistomio vitreo. S. Uitwendig. No. I. 6,5 gram benzoë ƒ 0,10 300 // axungia .....// 0,60 50 // oxyd. zineic. . . . // 0,50 Gereedmaken (4de categ.) . . , // 1,— Witte pot // 0,20 ƒ 2.40 No. 2. 200 gram sap. virid ƒ 0,20 100 // spirit, rectif. ....// 0,30 3 // // lavand. . . . // 0,03 gereedmaken (4de categ.) . . . // 0,30 flesch // 0,15 te berekenen ƒ 1,00 ƒ 0,98 No. 3. 20 gram amyl. tritic ƒ 0,05 10 // oxyd. zincic // 0,10 1 // camphora // 0,01s gereedmaken (4de cat.) ....// 0,25 stopflesch ,/ 0,30 ƒ 0,71s te berekenen 70 ets. BERZELIUS. Het pharmaceutencorps //Berzelius” bestaat niet meer! Welken indruk zullen deze weinige woorden teweegbrengen bij de vele oud-leden van dat corps, die thans over geheel Nederland en zijne bezittingen zijn verspreid ? Bij de meesten voorzeker zal een gevoel van weemoed daardoor worden opgewekt. Velen die //Berzelius1’ hebben gekend, zullen het evqn als ik hebben leeren liefhebben. Inde overtuiging dat velen dan ook nu nog belangstelden in //Berzelius” werd inde laatste vergadering aan mij opgedragen door middel van dit Blad den oud-leden met de ontbinding van het corps bekend te maken. Sedert Januari 1876 (toen het laatste stuk over //Berzelius” in het Pharm. Wreekbl. verschenen was) bleef de gunstige toestand, waarin het corps verkeerde, steeds toenemen. In het jaar 1876 bereikte //Berzelius” dan ook zulk een hoogen trap van bloei, als het voorheen nooit had gekend. Waren dus geene andere oorzaken in ’t spel geweest, wegens gebrek aan levensvatbaarheid, voorzeker zou //Berzelius” niet zijn tenietgegaan. Was het corps //Berzelius” in 1870 tot stand gekomen door het besef dat de verhouding der pharmaceuten tegenover de overige studenten, zoowel als de wetenschappelijke en maatschappelijke positie van den apotheker zelven, veel te

wenschen overlieten, het lag voor de hand dat de invoering der nieuwe wet op het H. O. daarin eene verandering moest te weegbrengen. De Pharmacie toch werd bij die wet als vak van hooger onderwijs .erkend, terwijl voor ben, die haar beoefenen, de gelegenheid werd opeugesteld den doctoralen titel te verwerven •’ Daarmee moest de abnormale toestand, die tot nu toe had bestaan, vervallen en werden de pharmaceuten met de overige studenten voor goed op ééne lijn gesteld. Door correspondentie tnsschen //Berzelius” en het Amst. studentencorps gevoerd, bleek, dat ook genoemd corps de consequentie daarvan heeft ingezien, waarvan het gevolg is dat voortaan lid van het A. S. C. kunnen worden zij, die aan de Amstüniversiteit zijn ingeschreven en studeeren tot erlangen vaneen doctoralen graad of voor de staatsexamina in medicijnen en pharmacie. Bij de invoering der wet op het H. O. zou //Berzelius” dus als studentencorps geen recht van bestaan meer hebben, en tengevolge vaneen corpsbesluit van 7 Juni, werd den 25 October 1.1. het corps //Berzelius” ontbonden. Zooals reeds gezegd is, de toestand van //Berzelius” inden laatsten tijd was niet anders dan gunstig te noemen. Getuigen de reunie, ten vorige jare gehouden, het flinke societeitslokaal in welks bezit het corps zich mocht verheugen, het groot aantal tijdschriften dat onder de leden circuleerde enz. De wetenschappelijke afdeeling //Unitas Pharmaceuticorum” was door schenking in het bezit geraakt van drie herbaria, welke tot 3 werden samengesmolten, nam. een algemeen, en een voor pharmaceutisohe planten. Met //Berzelius” heeft ook Unitas opgehouden te bestaan. Dat eene wetenschappelijke vereeniging onder de Amsterdamsche pharmaceuten echter zou blijven bestaan, was de wensch van het meerendeel der leden van //Berzelius.” Toen dan ook het ontbindingsvoorstel werd aangenomen, werd met algemeene stemmen vastgesteld dat, indien wederom eene wetenschappelijke vereeniging mocht worden opgericht, de eigendommen van //Berzelius” aan die vereeniging zouden overgaan. Laat ons hopen dat die vereeniging zoo spoedig mogelijk tot stand kome, en dat zij zoo mogelijk nog betere vruchten afwerpe dan Unitas Pharmaceuticorum tot nog toe heeft gedaan ! De ex ab-actis van wijlen //Berzelius” J. de Groot Kzn. FERRIDVERBINDINGEN IN HET DAGLICHT. De ondervinding heeft mij geleerd, dat het praeparaat Chloretum ferricvm el chlorehm ammonicum, hoe gelijk ook van kleur na de bereiding eenigszins vochtig geworden, aan het daglicht blootgesteld, niet alleen lichter maar ook ongelijk van kleur wordt. Bij uitdroging op het waterbad komt de oorspronkelijke kleur weder gelijk verdeeld terug. Het verschijnsel is afkomstig van reductie van het ferridohloride tot ferrochloride door het zonlicht. In onze Pharm. wordt voor de bewaring van het praeparaat geen bijzondere voorzorg opgegeven. De Pharm. Germ. verlangt en terecht, dat het op eene donkere plaats bewaard moet worden. Dit voorschrift geldt ook voor andere ferridpraeparaten, bij name voor Solutio chloreti ferrioi. Wil men dat deze voortdurend blijve beantwoorden aan den eisch der Pharm. van niet blauw te worden met ferridcyaankalium, dan beware men haar op eene donkere plaats of in eene zwarte flesch. Op verzoek deelen wijde opstellen en vraagstukken over Natuur- en Scheikunde mede uit het Verslag betrekkelijk het toelatingsexamen tot kadet in het lilde studiejaar aan de Koninklijke Militaire Academie (Staatscourant No. 259). Natuurkunde (4 uur). Een opstel te maken overeen der volgende onderwerpen: 1. Hoe bepaalt men de coëfficiënten van uitzetting van vaste lichamen, vloeistoffen en gassen ? 2. De warmteontwikkeling inde galvanische keten. 3. De terugkaatsing bij vlakke, holle en bolle spiegels. De volgende vraagstukken op te lossen: I, Eene batterij, bestaande uit vier elementen van Daniël), die zoo geplaatst zijn, dat het zink vaneen voorgaand telkens met het koper vaneen volgend element verbonden is, doet een stroom ontstaan, die ineen voltameter gedurende t seconden 100 c.M3 knalgas ontwikkelt.