is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor wetenschappelijke pharmacie, jrg 4, 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hadden. Yan deze was de oudste, zijn eenige zoon , bestemd om tot Apotheker te worden opgeleid. Op dezen zoon was de verwachting en hoop van den vader gevestigd, doch het werd hem niet vergund zich in zijne verdere ontwikkeling te mogen verblijden en een werkzaam aandeel te nemen in zijne vorming en degelijke opleiding inden voor hem bestemden stand. Eeeds in April van 1860 openbaarde zich bij hem, ten gevolge eener ernstige ongesteldheid, de verschijnselen eener slepende borstkwaal, die hij wel door gepaste levenswijze en rust in zoo verre eenigermate scheen te boven gekomen te zijn, dat hij wederom zijne bezigheden binnen ’s huis en nu en dan ook daar buiten kon hervatten en voortzetten, maar in April van 1862 verslimmerde zijn’ toestand zoodanig, dat hij, aan de gevolgen daarvan en nog onder hevige benaauwdheden, den léden Augustus overleed. Algemeen was de deelneming die zijn overlijden veroorzaakte en in diepe smart vergezelden eenige zijner vrienden en vele zijner kunstbroeders, benevens afgevaardigden der verschillende corporatiën, waarvan hij lid was, zijn lijk grafwaarts. God sterke de zwaar beproefde weduwe inde moeijelijke taak, die thans alléén haar op de schouderen rust. Zij moge nog eenmaal, zoo beiden leven en gezondheid geschonken blijven, het geluk smaken, haren zoon de plaats van zijnen waardigen vader te zien vervullen; en zal ook thans de nog jeugdige knaap den geheelen omvang van den taak die hem wacht, nog niet kunnen overzien en mogt hij welligt, op meer gevorderden leeftijd gekomen, gaan opzien tegen de moeijelijkheden die hem wachten, dat hij dan deze bladen ter hand neme en de bepeinzing van hetgeen zijn dierbaren en onvergetelijken vader gedaan en gewerkt heeft, hem niet alleen met regtmatigen trots vervulle, maar bovenal het vaste voornemen in hem opwekke of bevestige, steeds diens voorbeeld voor oogen houdende, hem alzoo na te volgen, opdat hij eenmaal zijner waardig moge leven en even als hij zóó geeerd en betreurd ten grave dalen.

296