is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor wetenschappelijke pharmacie, jrg 4, 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1 pCt. aan vetzelfstandigheden voorhanden is, komt voor rekening der zemelen. 3 deelen vet vertegenwoordigen benaderend 100 deelen zemelen uit tarwe of rogge.

Aschlestanddeelen. Door tot aschbrenging van het meel in kleine hoeveelheden, bij zeer sterke gloeihitte in eene vlakke platinaschaal bekomt men als restant de minerale bestanddeelen. Zij bedragen bij: Dijn tarwemeel 0,8—1,0 pCt. Middellijn „ 1,0—2,0 „ Grof „ 2,0—3,0 „ Tarwe zemelen 3,5—6,0 „ Dijn roggemeel 1,0—1,2 „ Middellijn „ 1,2—2,5 „ Gerstemeel 2,0—2,5 „ Havermeel 2,0—3,0 „ Maïsmeel 1,0—1,5 „ Bijstmeel 0,2—0,4 „ Aardappelmeel 1,0—1,6 „ Boonenmeel 2,5—3,0 „ Erwtenmeel 2,0—2,5 „ Linzenmeel 1,6—2,0 „ Lupinenmeel 2,0—3,5 „ Door afslijping der molensteenen kunnen de aschbestanddeelen om 0,05 pCt. vermeerderd zijn. Bij een grooter gehalte dezer stof knarst het meel bij het kaauwen tusschen de tanden. Op 100 deelen meel komen ongeveer Tarwe Eogge Gerst Haver Maïs KaO 5,0 -6,0 4,0 —5,0 5,0—6,0 5,0 6,0 6,0 8,0 NaO 0,5 —l,O Spoor 0,3—0,6 0,5 1,0 6,0 7,0 CaO 0,5 —l,O 0,2 —0,5 0,3—0,6 1,0 2,0 0,2 0,5 MgO 2,0 —3,0 1,5 —2,0 1,5—3,5 1,5 2,5 3,0 5,0 P05 6,0 —B,O 5,0 —6,5 6,0—7,0 4,5 6,0 10,0—12,0 S03 0,1 Spoor. 0,2 – 0,3 0,2 0,4 Spoor, Si03 0,5 —0,7 0,5 —l,O 4,0—7,0 8,0 —12,0 o,l 0,5 Cl Spoor Spoor. 0,2—0,6 Spoor. Des03 0,05—0,1 0,08 0,1—0,2 0,05 0,15 Spoor.

457