Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mij te Peradenia verzameld, bevond er zich een dat 18 dui' men lang en 12 duimen breed was. De op deze gering® hoogte boven de zee verzamelde bladeren leverden mij het ijelangrijk feit, dat zij bijna tweemaal zooveel kinovabitt®r bevatten als dein de veel hoogere plantsoenen te Ootaca* mund verzamelde bladeren van dezelfde Cinehona-speeies. Inde schoone koffijplantage der heeren Worms, gelegeö 3200 voeten boven de zee , zag ik eenige welig groeijen^6 specimina van Cinchona succirubra en Cinchona micrantha in open zon zonder eenige schaduw. Mijn belangrijkste bezoek echter met betrekking tot d® kinakultuur in Ceylon was dat te Hakgalle, gelegen c'rca 5200 voeten boven de zee inde nabijheid van Nuwera Ehs’ alwaar ik 22050 planten van verschillendeCinchoua-spe®113®3 zag, onder het onmiddellijk toezigt van den heer Mac T* coll. Yoor als nog wordt alhier een gemengd stelsel planten gevolgd, daar ik een gedeelte der planten in open zon vond zonder eenige schaduw, terwijl een and®r gedeelte inde schaduw van het bosch geplant was. E®2® schaduw is echter niet zoo digt als inde bosschen van JaV9’ zoodat zelfs dein het bosch geplante boomen altijd ee°e hoeveelheid zonneschijn ontvingen. Van eene der belangrijkste soorten (Cinchona succirwf > zag ik 13820 specimina van verschillende grootte , waar790 de grootste, die slechts 31 maanden oud was , reeds eel>l' lengte had van 10 voeten met eenen omtrek van 7dui®110®0 aan de basis. Ook zag ik 5? gezonde planten van Cin^ol>l> Calisaya, afkomstig van 12 gezonde planten van Java, door de Ned. Indische regering waren gezonden. T®r"1‘? ik die planten bezigtigde, ontving ik van denbeer Th#al te s een dooden boom van Cinchona succirubra, die 5 vo6*®11 ■ dl® lang was met een omtrek van 23/4 duimen aan de basis, door mij geschild werd ten einde den bast later te oud®®, zoeken. Ik vernam van den heer Mac Nicoll, dat van zijne stekken niet meer dan hoogstens een half pr°c® door den dood verliest, welk feit allezins de aandacht v®r dient, daar blijkens het rapport van dr. Junghuhn °iet

194

Sluiten