Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toon en het poeder van dezen bast en het extract zou goed tegen koortsen. Ainslie (Materies indica, Yol. 11, ?• 429) houdt den bast voor een goed vervangmiddel voor h Cinehona, en Blume was bijzonder ingenomen met den W. Bost van Tonningen vond er geen alcaloïd in, wel eene bittere stof, cedreline genaamd (Nat. Tijdsch., 1857, I, p. 292). Caventou vond Cailcedrine inde senegalensis. Dr. Bromberg onderzocht de Soerenbast in 1858 en zijne meening was, dat het niet doenlijk 611 nuttig zijn zou het vermeende werkzame beginsel uit den Soerenbast af te scheiden tot meer gemakkelijke vervanging 'ler ehinine in sommige koortsen. 3. Folio, et Cortex Azedarach s. Zedrach CBaun en Koulit Tjakratjikri, of kakera kikera, Maleisch). (Zie H. Kloete Mortier, T. v. w. Ph., 1860, p. 15.) Melia azedarach L., •izaderach odoratum Norr., Melia azadirachta, Imbu en azedarach, mindi der Javanen, volgens Horsfield. of Margosa Tree in Britsch-Indië, Azadirachta In•liea Iss. Dr. Macpherson heeft de Melia azedarach op de lijst 2ljner plantaardige antiperiodica opgenomen. W. E. Oor» 111 sh, )B. J. Waring en andere Britsch-Indische geneesheren wenden dit middel aan tegen debiliteit, dyspepsie, 'Qtermittens enz. G-. J. Pil et zegt dikwijls goede werking de plant gezien te hebben bij ligte koortsen onder de Qlanders. Hij maakte gebruik vaneen aftreksel der bladen 611 van, den bast der jonge takken, zijnde deze verreweg bit» l®rder dan die der oudere takken of van den stam. Hij rengt te regt de Azedarach, even als de Menispermum coc-Cül*s tot die bitter tonische middelen, welke niet met kina ehinine gelijk gesteld kunnen worden. Piddington vond 111 den bast sulphas azedirinse, welligt hetzelfde als de mar- van dr. Corn is h (volgens Waring), maar volgens °rnish komt de margosine inden binnensten bast en Cidechin inden buitensten bast hoofdzakelijk voor en welligt *** verbinding van het alcaloïd margosine in alle deelen van h* bast.

307

Sluiten