Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

licht is ook hier eene kleine wijziging in eene nieuwe editie wenschelijk.

CHLORETUM CALCICUM. Ik wensch hier de vraag niet te doen, waarom hier de bereidingswijze is vermeld, eene vraag die ook bij i nitras argenticus, acetas kalicus, acidum phosphoricum en eenige andere praeparaten zou kunnen worden gedaan, doch ik wensch alleen op te merken, dat men, deze bereidingswijze strikt volgende, nooit zal krijgen wat verlangd wordt: solutio sit neutra. Het mag vreemd klinken, maar voor die de ondervinding daarvan niet heeft, is het zeer lastig neutraal chlooroalciurn te bereiden. Ware de bereiding niet vermeld, dan ware ook de eisch te billijken thans echter naar mijne bescheiden meening niet. Het zal echter beter zijnde bereiding te wijzigen, dan den eisch te matigen. Chloorcalcium uitgedampt in eene schaal tot droogwordens toe, reageert alkalisch. De eenige manier, waarop het gelukt, dit zout neutraal te houden, bestaat daarin, dat men van tijd tot tijd een druppel van het steeds dikker wordende vocht op lakmoespapier brengt, om te zien of de reactie, na de verdamping van het overvloedige zoutzuur, nog neutraal is. Men zorge dit punt niet te overschrijden, doch roert onder verdamping zoolang mogelijk om, terwijl men eindelijk het nog vochtige half vloeibare praeparaat van het vuur neemt en onder omroeren laat koud worden. Het stolt dan van zelf en wordt uiterlijk volkomen droog, hoewel het nog water bevat. Neemt men deze voorzorg niet, dan kan men voortdurend en opvolgend zoutzuur bij voegen en weder uitdampen, zonder ooit gereed te komen. CHLORETTJM FERRICUM. Het komt mij voor, dat wij met het nieuwe praeparaat niet veel zullen hebben gewonnen. Waarschijnlijk zal het uiterst moeielijk vallen, deze kristallen voor vervloeiing te bewaren. Het oude praeparaat, door sublimatie verkregen, vervloeit wel is waar ook, doch waarschijnlijk niet zoo spoedig, terwijl het zich bovendien sneller laat afwegen, zoodat de flesch niet lang open behoeft te blijven. Het oude praeparaat is ook fraaier van uiterlijk. Waarschijnlijk is het hoofdzakelijk om de lastige bereidingswijze vervangen, doch het zal wel aan vele lezers bekend zijn, dat er eene gemakkelijker en doeltreffender bereidingswijze bestaat dan die volgens de vorige Pharmacopoea, namelijk dat men zuiver ijzer ineen stroom chloorgas gloeit en op deze wijze sublimeert. NITRIS AETHYLICUS CÜM ALCOHOLB. Het specifiek gewicht geeft natuurlijk geen waarborg tegen een te gering aethergehalte. Ware het niet mogelijk geweest, ook voor dit praeparaat eene proef voor te schrijven, waarbij het aethergehalte bepaald kan worden, gelijk voor azijnaether en gewonen aether is voorgeschreven ? Ik meen in der tijd te hebben gelezen, dat dit voor nitris aethylicus met eene zoutoplossing kan geschieden. PERMANGANAS KALICUS. Hier ware misschien de eisch, dat het praeparaat slechts een spoor chloor mag bevatten, niet misplaatst, daar juist de verontreiniging met chloorkalium veel voorkomt.

OXYDUM CUPRICUM. Zou onder de aan te geven reactiën ook niet moeten behooren, dat dit oxyde met acidum nitricum geen roode dampen ontwikkele, om zoodoende de aanwezigheid van oxydule uitte sluiten? COUNU CERVI PEAEPAEATUM. Zoo ver uit verschillende proeven is af te leiden, is de hoeveelheid zuur onvoldoende om den hertshoorn geheel uitte trekken. PUOSPHAS NATRICÜ3. Is hier niet de karakteristieke reactie met nitras argenticus in tegenstelling met die op pyrophosphas natricus vergeten? TANKAS CHININI. Zijnde opgegeven kenmerken voldoende, om alle verontreinigingen met goedkoope praeparaten uitte sluiten ? GLYCERINÜM Mag blauwe lakmoesoplossing niet rood en roode niet blauw kleuren. De verontreiniging met zuur zijn gewoonlijk zóó gering, dat op deze wijze zeer dikwijls de zure reactie aan den onderzoeker moet ontsnappen. Beter ware daarom, geloof ik, het voorschrift, //mag neutrale lakmoesoplossing niet van kleur doen veranderen.” Dan nog zelfs zou men de voorzorg moeten nemen, niet te veel lakmoes bij te voegen, dewijl eene geringe reactie van zuur wel door eene te groote hoeveelheid lakmoes kan worden verborgen. . lODETUM KALICUM. Zoude men niet voor //fuscescat” moeten lezen //flavest> cat”? Immers ook eene licht gele tint verraadt reeds ioodzuur, OLEUM OLIVARUM. Ware niet de eisch, dat deze olie met een half deel lithargyrum eene harde zeep moet leveren, die geenszins week mag zijn, eenigszins als voorbehoedmiddel tegen vervalsching met andere oliën te beschouwen? Mij althans is geene betere reactie bekend. TEOOHISCI CATECHÜ. Het voorschrift, ook dat der oude Pharmac., levert een zeer onaangenaam smakend praeparaat, dat niet veel aftrek vindt, wanneer men het vergelijkt met andere dergelijke, die wat minder catechu bevatten. J. T. M. De duitsche pharmaoeutische bladen zijn voortdurend overvuld met de behandeling der verandering, die den pharmaceutischen stand aldaar te wachten staat in het ophelfen der bescherming door den Staat. Als eigenaardig teeken des tijds deelen wij een besluit mede, hetwelk in eene vergadering van het Noordduitsche Apothekers-Yerein, daartoe opzettelijk op 15 April helegd, is aangenomen. De vergadering stemde bijna algemeen voor het verkrijgen eener onbeperkte uitoefening der pharmacie met Eijksvergoeding voor de schade, die de tegenwoordige bezitters door het opgeven hunner rechten zouden lijden. (Slechts twee leden wenschten de algeheele bescherming der pharmacie door den Staat te behouden). Als gevolg dezer stemming werd besloten aan den Rijksdag een adres in te dienen, ongeveer van den volgenden inhoud: „Dewijl ons tegenwoordig standpunt, de handhaving //van het concessiewezen en de bescherming door den Staat,

Sluiten