is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor wetenschappelijke pharmacie, jrg 2, 1866, 1866

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Met koud water, sterk azijnzuur, verdund zwavelzuur of sterk zoutzuur geschud, kleurt zij deze vloeistoffen bijna niet; kokend water en ammonia liquida worden er geel door gekleurd, kokend azijn-, zout- en verdund zwavelzuur geelachtig, terwijl koolzure alcaliën, voornamelijk bijtende potasch eene schoone bruinroode, alcohol, aether, benzin en aetherische oliën eene lichtgele kleur aannemen.

Beschouwdt men eene in water gesuspendeerde partij kamala onder het microscoop bij eene eenigzins sterkere vergroeiing , zoo bespeurt men, dat zij voor het grootste gedeelte bestaat uit twee soorten van weefsels, namelijk uit zoogenoemde Mieren en uit haren. De Mieren zijn wat hun gedaante betreft het doelmatigst te vergelijken met een tulband of met een van stekels bevrijden zee-egel; zij vertoonen twee vlakken, waarvan de eene (de bovenste) minder sterk gewelfd en met half kegelvormige verhevenheden bedekt is ; terwijl de andere (de onderste) afgeplat is en in het midden navelvormig ingetrokken schijnt. Beide de vlakken gaan met een afgeronden, in omtrek elliptischen , ovalen, stomp driehoekigen of kringvormigen rand in elkander over. Deze klieren bezitten een granaatroode, bruinroode of oranjegele kleur en zijn gewoonlijk doorschijnend aan den rand, doch overigens ondoorzichtig en glinsterend. Men bemerkt aan de ondervlakte inden regel een rozet van afgeronde zwarte plaatsen, welke zich naar den rand toe uitbreiden en naar het centrum toe wigvormig versmald zijn. De lengte der kamala-klieren bedraagt 0,024—0,036, hun breedte 0,018—0,024 en hun hoogte 0,012 Weener lijnen. Bij zachte drukking op het dekglaasje barsten zij, even als sommige amylumbolletjes, in hoekige stukken. Het grootste aantal ‘'der kamala-klieren vertoonen het bovenvermelde verschijnsel; doch bij opmerkzame beschouwing vindt men er enkele onder die lichtgeel, meestal kleiner en doorzichtig zijn, welke bij drukking op het dekglaasje niet in stukken barsten, maar plat gedrukt worden en bij sterke vergroeiing zich vertoonen als gevuld met eene lichtgele,

121