is toegevoegd aan uw favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 16, 1879-1880, no 19, 07-09-1879

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

16' Jaargang. 7 September 1879. N*. 19.

PHAMAGEUTISCH WEEKBLAI VOOS.

Voor Apothekers en Apotheekhoudende Geneeskundigen.

Redacteur: R. J. OPWIJRDA, te Nijmegen.

Prijs per Jaargang, franco per post, / 5,20. UITGEVER- 11,11 11 Advertentiën: van 1-5 regels / t,—, elke regel meer 20 Cts. en ' ® WeD9cht ol>gCnomen te zlen> worden uiterlijk 10 Cts. voor een N°. van het blad. D. B. CENTEN, Woensdag-morgen verwacht bij den Redacteur. Een Abonnementstarief is op aanvrage verkrijgbaar. AMSTERDAM. De Advertentiën uiterlijk Vrijdag-avond bij den Uitgever.

Mededeeiingen. Ingezonden stukken. De heer J. M. van Bem melen, Voorzitter der faculteit van wis- en natuurkunde aan de Rijks-universiteit te Leiden, maakt belanghebbenden bekend, dat aan hen, die het natuurkundig examen voor artsen en apothekers of het theoretisch apothekers-examen voor de faculteit van wis- en natuurkunde te Leiden wenschen af te leggen, daartoe gelegenheid zal gegeven worden tusschen 16 Sept. en 10 Oct. e. k.; hij verzoekt dezulken intijds schriftelijke kennisgeving van hun voornemen aan hem toe te zenden. TWEE PEPSINBSOORTEN. De heer H. Einzelberg, Apotheker en Eabrikant van Chemische en Pharmaceutische Praeparaten te Andernach a/R., zond mij twee Pepsinesoorten met het verzoek ze te onderzoeken en het resultaat van het onderzoek bekend te maken. Gaarne voldoe ik bij deze hieraan. De eene soort noemt de heer Einzelberg: Pepsinum purwm pulv. lOQperceniig. Het is een zeer fijn, bijna wit poeder, niet hjgroscopisch, met een zwakken niet onaangenamen reuk en een zoeten smaak. 0,1 Gram Pepsine, 10 gram gecoaguleerd eiwit, 2 gram zoutzuur van 25% HCI en 100 C. C. water gedurende 48 uren bij + 40° C. gedigereerd, leveren eene vloeistof, waarin het eiwit, op enkele velletjes na, is verdwenen. Met Pepsine Lemkes en Pepsine Witte vergeleken, is die van den heer Einzelberg minstens even goed. De tweede soort is Pepsinum ahsolwt. Een grijsachtig poeder in reuk met de vorige overeenkomende, doch bijna smakeloos. Volgens den heer E. lost het de vijfhonderdvoudige hoeveelheid gecoaguleerd eiwit op, en werkelijk: 0.02 gram van deze Pepsine op bovengenoemde wijze onderzocht, kon 10 gram gecoaguleerd eiwit bijna geheel oplossen. Het is dus 500 percentige Pepsine. Deze Pepsine .doet ons denken aan hetgeen Scheffer zegt: dat de Pepsine gelijk is aaneen ferment en haar peptoniseerend vermogen bijna onbeperkt is. Hoewel volgens medëdeeling van den heer Einzelberg deze laatste Pepsine geen handelsartikel is, blijkt het toch dat er meer 1 OOpercentige Pepsine inden handel voorkomt, dan die van Lemkes of Witte. Zeist, 29 Augustus 1879. J. Guldensteeden Egeling. IVeled. heer! Mag ik zoo vrij zijn U mijne meening omtrent de Solut. norm. de hiphosphate calcique gelatineux mede te

deden, aangezien ik eenigen tijd in Belgische Apotheken ben werkzaam geweest en meer mot Eransche recepten vertrouwd ben. Vele ordounances heb ik klaargemaakt voor een Dr. Ide uit Antwerpen, bestaande uit Magistère de Bisrnuth gelatineux, gomme, eau etc. Ik prepareerde dat op de volgende manier: de gewone Magist. Bismuth werd opgelost in acid. nitric. conc., vervolgens er eene overmaat van water en zooveel ammonia liquida aan toegevoegd tot het geheel er naar riekte; natuurlijk scheidde zich de Bismuth weer af. Na het een weinig te hebben laten staan werd het gedecantheerd en 3 of 4 maal met water flink afgespoeld; de bismuth was dan in het medicament veel fijner verdeeld en zakte niet zoo spoedig uit. De Solution biphosph. calc. gelatineux is mij nooit voorgekomen, doch moet mijn inziens bereid worden door phosphas calcicus in phosphorzuur op te lossen en verder evenals de Bismuth te behandelen. Hoogachtend, Eug. van Gids, Amsterdam, 31 Aug. 1879. Pharm, Slud. Omtrent hetzelfde onderwerp ontvangen wij van den heer Peer loom, apotheker te Echt (Limburg), een in het Eransch gestelden brief, dien wij vertaald mededeelen. n De modus faciendi der Solution de hiphosphate calcique gelatineux normale is die van Possoz, Ziehier de bereidingswijze. Men brengt in 20 liter gedestilleerd water 400 gram ammonia liquida van 21 graden Beaumé. Men laat bij dit alcalisch water langzaam vloeien eene oplossing van 200 gram gecalcineerde beenderen in 400 gram chloorwaterstofzuur van 25<> Beaumé, verdund met 20 liter water, het mengsel, hetwelk zeer alcalisch is, voortdurend omroerend. Na 24 uren rust hevelt men de vloeistof af en herhaalt telken dag de wasschingen met gedestilleerd water, totdat het praecipitaat ophoudt te bezinken ip hetzelfde tijdsverloop, hetwelk een bewijs is van eene volkomen afwassching. Dan laat men het 10 dagen in rust, vervolgens hevelt men het vocht af,, hetwelk boven het wolkachtig bezinksel drijft en vermengt dit laatste met suikerstroop, om een sirop de phosphate de chaux gelatineux te vormen.” In Duitschland komen even als bij ons pillen uit enkel aloë bestaande inden handel voor en wel onder den naam van Jiichard Brandt's Schweizerpillen. De pillen ter zwaarte van 120 milligram worden bereid door aloë matig te verwarmen en alsdan uitte rollen. 15

van zulke pillen, dus 1,800 gram aloë, ineen houten doos kosten 21 cents. Terwijl herhaaldelijk gewezen is op het gevaar van het in voorraad bewaren van poeders met calomel wegens den mogelijken overgang in sublimaat, wordt dit door Verne ontkend. Hij vermengde 1 gram calomel met 2 gram keukenzout en 10 gram gedestilleerd water, benevens 1 gram calomel met 2 gram rietsuiker onder langdurig wrijven, zonder na 8 dagen eenige verandering waar te nemen of het geringste spoor van sublimaat aan te treffen. Een mengsel van 1 gram calomel en 2 gram beetwortelsuiker was na 8 dagen een weinig grijs geworden, maar geen oplosbaar kwikzout kon worden aangetoond. Uit nog meer proeven, o. a. met citroenzuur, bleek, dat mengsels van calomel en suiker, na vooraf inden mortier gewreven te zijn, zelfs na 14 dagen geen verandering vertoonden en dat inde waschwateren geen oplosbaar kwikzout kon worden aangetoond. Volgens Terne zal bij de door anderen waargenomen en vermelde tegenovergestelde gevallen het gevonden sublimaat hoogst waarschijnlijk afkomstig zijn geweest van onzuiveren calomel. Hij steunt zijne meening op het feit, dat de calomel of het mercuridchloride ; llga Cl3, vrij wat bestendiger is dan het sublimaat of mercuridchloride : Hg Cl2. Immers dit laatste zet, in oplossing aan het zonlicht blootgesteld, calomel af, vooral wanneer organische zelfstandigheden aanwezig zijn, waarbij de reductie zelfs tot metallisch kwik kan gaan. Onzes inziens staat hier tegenover, dat calomel onder den invloed van het zonlicht zwart wordt, hetwelk toch niet anders als aan de afscheiding van metallisch kwik en diensvolgens aan de vorming van sublimaat zal kunnen toegeschreven worden. Volgens Verne is zelfs het gebruik van zuren, o. a. van chloorwaterstofzuur, tegelijk met calomel niet schadelijk., Vroegere proefnemingen van Vulpius komen in sommige opzichten met die van Verne overeen. Vulpius nam namelijk het volgende waar; 10. Binnen 24 uren wordt geen sublimaat gevormd in mengsels van calomel met saccharum album, saccharum lactis, magnesia usta, magnesia alba, bicarbonas natricus. 20. Ook na 3 maanden wordt geen sublimaat gevormd in mengsels van calomel met magnesia usta, magnesia alba en suiker (welke ook). 80. Sporen sublimaat, echter zonder beteekenis, waren binnen drie maanden gevormd ineen mengsel van calomel, bicarbonas natricus en melksuiker. 40. Duidelijk aanwijsbare hoeveelheden sublimaat ontstaan in denzelfden tijd ineen mengsel van calomel,