Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te renvoyeeren naar de carcinoom-commissie. Hierop wordt de discussie over het onderwerp gesloten. Dr. Semmelink verkrijgt daarop het woord voor de volgende mededeeling over adenomyomen van het vrouwelijk genitaalapparaat. Ziektegeschiedenis: virgo van 48 j., door haar huismedicus reeds met interne middelen behandeld wegens profuse .genitaalbloedingen bij aanwezigheid vaneen genitaal tumor. Wegens toenemende bezwaren, anaemie, klachten over urineloozing besloten tot operatie. Spreker vond bij eerste onderzoek buiten narcose: uterus vergroot, door naar het scheen, myornateuse knobbels, voornamelijk links. Operatie: totaalexstirpatie per laparotomiam, genezing p. primam. Bij de operatie bleek een deel van de tumorvorming te berusten op cysteuse vergrooting van de ovaria, terwij de andere knobbels, niet alle even groot, niet allen van den uterus uitgingen, maar ook inden breeden band, subperitoneaal zich ontwikkeld hadden, gedeeltelijk tot bij de cervix. Reeds bij operatie bleken sommige tumoren cysteus met chocoladebruine inhoud. Behandeling van het praeparaat met formol-alcohol, microscopische praeparaten met celloidine, haematoxyline, eosine. Spreker demonstreert hierop het makroskopisch praeparaat en eenige teekeningeu. Makroskopische nadere beschouwing van den tumor geeft te zien, dat de tumorvorming het heele genitaalapparaat betreft, met uitzondering alleen van de tuhae. I°. Er bestaat een groote cysteuse knobbel links vóór op het corpus uteri, de holte is reeds met het bloote oog met een dikke slijmvlieslaag bekleed, communiceert niet met andere holten met name niet met het cavum uteri. De spierwand is dik, de inhoud chocoladebruin, slijmig. 2°. Een mosachtige, fijn spongieuse tumorvorming op de achtervlakte van den uterus, zich uitstrekkende links tot den hilus ovarii, rechts naar onder vóór tot de cervix bij de portio, inden breeden band tot den hilus ovarii dextri. 3°. Cysteuse ovariën, met chocoladebruinen inhoud, 2 kamerige cysten met gladde wanden, eigroot te samen. 4°. Cysteuse tumor, hazelnootgroot, in het verloop van het lig, rot. rechts. 's°. Klein kogelmyoom, solide, op de achtervlakte rechts van den fundus uteri. 6°. Twee polypen in het cavum uteri. Microscopisch blijken nu al deze tumorvormingen met uitzonde-

224

Sluiten