Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oedemateus en geïnfiltreerd is , terwijl bij h bet stroma is verdwenen en vervangen door bindweefsel; dat bij beide praeparaten de vaten sterk zijn gevuld; dat bij beide pigmentafzetting aanwezig is, het sterkst bij 6; dat bij beide de inbond bestaat uit transsudaat met detritus; en eindelijk dat bij h het fimbriëneinde is afgesloten, wat bij a niet het geval is. Dit alles nagaande, meen ik, dat wij hier te doen hebben met hetzelfde proces, waarvan heen verder stadium representeert dan a. De onderlinge verschillen zijn van geheel quantitatieven aard en laten zich ongedwongen verklaren dooreen verschil in duur van inwerking van het aetiologisch moment of wat op hetzeltde neerkomt, bij gelijke tijden, dooreen verschil van intensiteit hiervan, in casu de circulatiestoornis. Hiermede is in overeenstemming dat waarschijnlijk bij de draagster van praeparaat b de menstruatie, en daarmede de retentie, eerder is opgetreden dan bij de andere patiënte. Greheele zekerheid is hieromtrent natuurlijk niet, daar voor patiënte alleen de periodieke pijnaanvallen de kenmerken waren, en deze door de groote bergruimte die de vagina biedt, waarschijnlijk eerst als pijn zich zullen hebben geopenbaard, toen de tumor al een belangrijken omvang had aangenomen. Zooals boven reeds gezegd, reikte bij haar de tumor tot aan den navel en was ceteris paribus een belangnjker oorzaak van stuwing dan de haematometra bij de eerste patiënte, die slechts even boven het bekken was waar te nemen. Ter illustratie van het bovenstaande diene nog de mededeeling van Martin (die Krankheiten der Eileiter), die bij zijne 7 gevallen van haematometra, die alle vroeg werden geopereerd, nooit een haematosalpinx vond. Hij geeft van deze „befremdliche Thatsache” geene verklaring doch wijst op de mogelijkheid van uitzetting der eileiders van den uterus uit, of aan bloeding inde tuba tengevolge van den prikkel uitgaande van de bloedophooping in den uterus. « Wanneer ik uit deze studie gevolgtrekkingen zou willen maken, zoo zouden die kunnen worden vastgelegd inde volgende formules : Bij gynatresieën berust de afsluiting der eileiders niet altijd op infectie, doch kan deze tot stand komen door verkleving (en biudweefselnieuwvorming?) na destructie van het slijmvlies tengevolge van ciroulatiestoornissen. Bij gynatresieën kan de inhoud van den eileider (al of niet afge-

311

Sluiten