Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

al mocht men mij tegenwerpen, dat, wanneer een langen tijd voortgezette tamponnade of colpeurynter-behandeling geen doel heeft getroffen, een spontane reïnversie zeker wel niet meer zal plaats vinden, dan zou ik daartegen willen inbrengen, dat elke tamponnade, hoe ook uitgevoerd, de baarmoeder in hare bewegingen hindert, haar hals meer of minder knikt en haar als het ware belet, door het hals-- kanaal heen te sluipen. Het zou mij zelfs niet verwonderen, als in vele der gevallen, waar tamponnade succes heeft gehad, de reïnversie door de bedrust spontaan tot stand gekomen is, ondanks den tampon of den colpeurynter. De aanhoudende druk van zoodanig voorwerp is bovendien vrij wel denkbeeldig, want drukt het werkelijk, dus ook tegen den bekkenbodem, dan verdraagt de patiënte het niet, of zij perst het uit. Ik verwacht natuurlijk niet, dat elke, misschien reeds jaren lang bestaan hebbende inversie bij de voorgestelde behandeling zal teruggaan. Is het peritoneum van den inversietrechter vergroeid, wat overigens zelden het geval schijnt te zijn, dan is dat natuurlijk ónmogelijk. En evenzoo kunnen er andere toevallige omstandigheden zijn, die de spontane reïnversie bemoeilijken, zonder dat die van te voren zijn aan te geven. Maar zoodra wijde spontane reïnversie niet meer als iets toevalligs behoeven te beschouwen, doch als het begrijpelijk resultaat van de werkzaamheid der baarmoeder zelf, dan ia het eerste, wat wij te doen hebben, haar in haar pogen te steunen. In aansluiting aan het inde vorige bladzijden besproken geval kan ik een tweede geval van spontane inversie meededen, dat echter van geheel anderen aard is. Hier ontstond eerst een uterusruptuur en door de opgetreden scheur stulpte zich de baarmoeder nam• de buikholte om: Inversio uteri rupti. Mej. B. TV para, bij wie de 3 vorige haringen normaal waren verloopen, werd 15 Sept. 10.80 n.m. inde kraaminrichting gezonden met de diagnose „placenta praevia centralis”. Status praesens: Patiënte is zeer anaemisch, kermt voortdurend iu halfbewusteloozen toestand, de pols is dan eens vrij gemakkelijk, dan weer in het geheel niet te voelen. Er is geen uitwendige bloeding, aan de kleeren bevinden zich slechts sporen van bloed. De buik is zeer pijnlijk bij druk; de flanken geven beide een dof percussiegeluid; vochtgolvmg is niet waar te nemen. Het kind is wegens de buikspanuing moeilijk te voelen, het hoofd ligt iinks onder den ribbenboog. Boven de symphysis bevindt zich een weeke niet nader te definieeren massa. De uitwendige baarmoedermond blijkt 6 a 7 cM. geopend; hoogex op komt men echter in plaats van tegen de placenta of een voor-

14

Sluiten