Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

poging worden gewaagd om door tractie met de tang deze laatste pogingen te ondersteunen. Een hebosteotomie echter zal ik, ter wille van het kind, inde toekomst niet meer dooreen poging tot uithaling met de hooge tang wel echter tot impressie in Wa 1- cher’s ligging doen voorafgaan. De tang is, afgezien van haar toepassing tot verbetering der positie van den schedel, een middel om door trekkracht te doen vergoeden wat de uterus en de buikpers aan duwkracht te weinig leveren. In die gevallen dus, waarin het oponthoud inde uitdrijving niet zoo zeer door den weerstand van den nauwen bekkeningang als wel door onvoldoende weeënwerkdadigheid wordt veroorzaakt, kan de hooge tang bij indicatie tot termineeren nuttige diensten verleenen. Toch levert zij ook dan nog voldoende gevaren, bepaaldelijk voor het kind, op om tot voorzichtigheid en terughoudendheid te manen. Versie en extractie kennen wij inde therapie bij bekken vernauwing in drie soorten, de geïndiceerde keering, d. w. z. die, welke moet plaats hebben bij aanwezigheid van dwarsligging of prolapsus funiculi, de versie en extractie, welke sommigen inde hoop, dat het nakomende hoofd gemakkelijker door den vernauwden ingang zal zijn te trekken, verrichten, wanneer de passage van den vooraangaanden schedel onmogelijk is gebleken, de „therapeutische versie en extractie” dus, en de prophytactische keering en uithaling, waaronder ik uitsluitend die keering versta, welke bij volkomen ontsluiting en nog staande of desnoods kort te voren gebroken vliezen en beweegbaar boven den ingang staanden schedel wordt uitgevoerd. De geïndiceerde versie en extractie vermeld ik hier slechts terloops, omdat de aanwijzing om haar te verrichten alleen indirekt in verband staat met de bekkenvernauwing en de resultaten van haar uitvoering evenmin een juist beeld geven van de waarde der methode inde behandeling der bekkenvernauwing als dit het geval is met de resultaten van de extractie bij stuit- of voetliggingen, die ik daarom hier eveneens buiten bespreking laat. Toch wil ik niet nalaten als mijne meening te vermelden, dat in al deze gevallen de (keering en) uithaling aan den voet slechts dan gunstige resultaten oplevert, indien de bekkeningang slechts betrekkelijk weinig vernauwd is. Bestaat een zoodanige vernauwing, dat men gegronde vrees heeft, tot gewelddadige tractie zijn toevlucht te zullen moeten nemen, dan acht ik de eenvoudige keering en uithaling met het oog op het kind nietfte vertrouwen. Men moet dan zijn heil zoeken bij de sectio caesarea of, wanneer de condities niet ongunstig zijn, liever bij de hebosteotomie. Beide operaties worden in dergelijke gevallen tenzij des. c. op absolute indicatie geschiedt prophylactisch verricht.

124

Sluiten