Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hieruit zien wij dus, dat dein de kliniek geboren couveusekinderen met een geboortegewicht beneden 1600 gr. bijna allen stierven, bij de buiten de kliniek geborenen beginnen de cijfers der overlevenden reeds bij ongeveer 1200 gr. aanvangsgewicht. Yatten wij onze resultaten ineen korte tabel samen en vergelijken wij die met de resultaten der Amsterdainsche kliniek na de invoering der couveusezaal (1902) dan vinden wij (In deze tabel zijn ook onze kinderen, door partus arte praematurus geboren, opgenomen) : Tabel YI. Utrecht 1898 1910. Amsterdam 1902 1906. kliniek "/• levend I I °/« levend klimtk “/• levend I I */. levend geboren. ontslagen- S % ontslaSeü- geboren. ontslaSen' S|c ontslagen. Totaal 52 132 106 271 Gestorven ... 26 85 59 217 1. ontslagen. 26 50°/0 47 35.6 47 44.3 54 19.9 Wij zien dus, dat onze cijfers beter zijn, maar het aantal kinderen, waarover ons onderzoek loopt, is te klein, dan dat wij hieraan groote waarde zouden mogen hechten. Nemen wij in onze vergelijking de geboortegewichten der kinderen in aanmerking, dan vinden wij: Tabel VII. Inde kliniek geboren coüteüsekindeebn. Utrecht 1898 1910. Amsterdam 1902 1906 ~ . ... m * i Gestor- 1. ontsla- T . . Gestor- 1. ontsla- Geboorte ge wicht. Totaal. yen_ gen- lotaai. ven- gen• I ■■ *— – -1 Minder dan 1000 gr.. . 3 3 8 8 1000-1500 gr 54 l=2o°/0 22 21 1—4.5»/0 1500-2000 gr 21 9 12=57»/0 45 19 26 = 57»/0 2000-2500 gr ‘. . . 19 6 13=68°/„ 28 11 17 =6o°/0 2500-3000 gr 2 23 3 = 100«/„ Niet precies vermeld maar minder dan 3000 gr. 2 2

30

Sluiten