Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Omtrent deze zes kinderen het volgende: 1. 1907 N°. 248. hl adat thuis te vergeefs getracht was keering te doen, werd patiënte inde kliniek gezonden. Keering gemakkelijk; bij de extractie biedt do haarmoederhals grooten weerstand. Kind diep asphyctisch, komt niet bij. Gewicht 3.750 K.G. 2. 1908 K°. 92. Dilatatie bij 6 c.M. ontsluiting Yersie en extractie. Armen volgens Muller. Mauriceau met druk op het hoofd wegens grooten weerstand van de cervix, die inscheurt. Kind, 2.400 K.G., komt niet bij. 3. 1908 K°. 425. 29 weken. Hoofd ondervindt eenigen weerstand van het ostium. Sterft na twee uur. 4. 1908 ÏS'°. 442. Ka mislukte keering opgenomen. Yolgens aanteekening van mijn plaatsvervanger de extractie moeilijk, omdat „de kin zoover van de borst was”. Rechter dijbeen gebroken. Gewicht 3.720 K.G. 5. 1909 K°. 368. Bij 8 c.M. ontsluiting wordt keering gedaan. Het hoofd ondervindt vrij veel weerstand van den baarmoedermond. Kind diep asphyctisch, komt niet hij. Gewicht 2.390 K.G. 6. 1909 K°. 385. Conj. vera 8.75, conj. diag. 10.4 c.M. Yersie bij 7 c.M. ontsluiting. Het passeert eerst den ingang als de Prager handgreep wordt toegepast met druk op het hoofd; daarbij ontstaat een fractuur van de halswervelkolom, waaraan hot te gronde gaat. Gewicht 3.180 K.G. Het blijkt dus, dat de doodsoorzaak dezer kinderen in hoofdzaak gelegen was inden weerstand, dien het hoofd van de cervix ondervond. Éénmaal is zelfs een cervixscheur genoteerd. c. Stuitligging. In het geheel stierven vier kinderen en wel inde eerste vier jaren. Yan drie dezer werd wegens bekkenvernauwing hot nakomend hoofd geperforeerd. Een kindje van 34 weken, met een gewicht van 2.070 K.G., stierf na 24 uren (1910). d. Bekkenvernauwing. Inde eerste drie jaren werd viermaal prophylactische keering gedaan met drie doode kinderen; inde laatste drie jaren is deze methode in het geheel niet meer toegepast. Daardoor dus een geringe bezwaring der resultaten der eerste jaren. Bij prolapsus fuuiculi en eolampsie zijnde resultaten gelijk, zooals uit Tabel IY blijkt ook voor de gevallen, waar de tweede tweeling werd geëxtraheerd. Wat de overige gevallen betreft: de kinderen waren dood bij loslating der placenta evenals alle monstra.; één der kinderen bij ruptura uteri stierf dadelijk na de geboorte, het kind in voorhoofds-

99

Sluiten