Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geringe diurese. Er is nu duidelijk ascites aantoonbaar. Patiënte heeft hevige hoofdpijn, ziet slecht, braakt niet. Op grond van het uitblijven van elke verbetering werd de haring met den condoomcatheter opgewekt; 10 uren later stond het hoofd voor den uitgang. Daar het niet verder kwam, werd de tang aangelegd, doch bij de uithaling werd het hoofd van den sterk gemacereerden romp getrokken. De romp werd daarop met de hand verwijderd, waarbij bleek, dat ook bij het kind een sterke ascites bestond met algemeen oedeem. De placenta bevatte enkele molablaasjes en was zeer groot, oedemateus. Tijdens de haring kreeg patiënte hevige hoofdpijn en braakte enkele keeren. Er ontstond een totale amaurose met verlies van geheugen. Bovendien traden enkele convulsies op, die tot het gelaat beperkt bleven. Na de haring 'was de pols klein en onregelmatig, waarom 1 Liter NaCl-oplossing onder de huid werd ingespoten. Patiënte was erg onrustig, de convulsies herhaalden zich en een uur post partum trad de eerste eolamptisohe aanval op, die spoedig dooreen tweeden en derden gevolgd werd. De pols was zeer slecht, zoodat kampher noodig was. Toen spoedig daarop weder een aanval kwam, werd deze met chloroform onderdrukt. Gedurende 8 uren werden nog 35 aanvallen onderdrukt, waarbij 100 Gram chloroform werd gebruikt. Intusschen werd de toestand hoogst bedenkelijk; daarom werd toen 650 c.c. bloed door aderlating verwijderd en het toedienen van chloroform gestaakt. Daarna traden geen aanvallen meer op; de toestand verbeterde geleidelijk, doch patiënte bleef nog 4 dagen bewusteloos. Den 17den dag werd zij ontslagen met nog een spoor eiwit. Deze patiënte kwam 5 Juni 1913, toen zij weder 6 weken zwanger was, op de polikliniek. Wij hebben haar toen zoutloos diëet laten houden en wekelijks gecontroleerd. Zij hield het diëet heel goed, zoodat wij hoogstens 4 Gr. NaCl p. Liter vonden. De zwangerschap beliep zonder eenige stoornis, behalve jeuk. De urine bleef eiwitvrij tot op den dag van opneming in partu, 29 December, toen zij J °/0o eiwit bevatte. Er werd, 3 weken te vroeg, een levend kind van 3,310 K.G. geboren; de placenta woog 590 Gram met een paar infarcten ter grootte vaneen knikker. Yan den sden dag afwas de urine weder normaal. Bij ontslag woog patiënte 55 K.G., op 5 Juni 55,7 K.G. 9 December 1915: Patiënte maakt het best, niet weder zwanger geweest. Urine eiwitvrij. Gewicht 55 K.G. Kind woog 13,5 K.G. Is dit gunstige resultaat te wijten aan de NaCl-onthouding? Het

61

Sluiten