Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar «Je algemeene toestand niet al te slecht was, werd besloten laparotomie te doen; daartoe werd patiënte naar het ziekenhuis vervoerd, waar Dr. Loopuyt de operatie te 7,30 verrichtte. Inden buik was een enorme hoeveelheid bloed. De foetus werd uitgehaald, hij was lijkstijf, woog 3200 gr.; nergens eenige aanduiding vaneen baringsgezwel. Aan den rechter zijkant van den uterus bevond zich een scheur, die van den fundus reikte tot even in het O. ü. S. en zich van daaruit 6 c.M. in dwarse richting retroperitöneaal inden voorwand van het O. IJ. 8. voortzette. De uterus werd supra-vaginaal geamputeerd en na drainage door het halskanaal de cervixstomp met het hlaasperitoneum overnaaid. Het bleek dat de scheurwond niet meer bloedde. Ofschoon de toestand den eersten dag zorgelijk was en voortdurend excitantia noodig waren, herstelde patiënte spoedig en maakte zij een ongestoorde genezing door. Wat betreft de aetiologie dezer ruptuur, dient opgemerkt te worden, dat het ontbreken van eenig baringsgezwel wijst op een zwakke plek, die inden uterus moet zijn geweest, misschien ontstaan dooreen te krachtige curettage. 1916. X°. 218. X-para, 38 jaar. Vorige zwangerschappen waren zonder stoornis beloopen en er waren voldragen, levende kinderen geboren. Ook deze 10de zwangerschap beliep normaal. 14 April begon de haring. Inden morgen van den 15den April werd patiënte door de vroedvrouw onderzocht, die nog geen ontsluiting vond en het voorliggend deel niet kon herkennen. Ondanks tamelijk pijnlijke weeën was er des avonds nog geen ontsluiting gekomen; den volgenden dag heeft zij patiënte niet bezocht, maar zij Werd ’s nachts daarop geroepen, omdat de vrouw zoo naar werd. Zij vond deze te 2 uur zeer bleek, zonder pols, met hevige buikpijn. Xa consult met den huisarts werd besloten de patiënte naar de kliniek te vervoeren. Xa het overbrengen in het rijtuig meende men dat zij stervende was; zij is toen weder uitgeladen, maar, te bed weder wat bijgekomen zijnde, werd zij na een kamferinjectie weder in het rijtuig gebracht, zoodat zij eerst 7,15, dat is 5 uur na de komst der vroedvrouw, inde kliniek kwam. Zij was bewusteloos, pols onvoelbaar, ademhaling onregelmatig, en maakte geheel den indruk verbloed te zijn. Bij mijn komst, '/a uur later, was zij door warmte en excitantia weder iets bijgekomen, en waren enkele polsslagen juist even te voelen. Boven de symphysis was een ronde, vaste tumor ter grootte

195

Sluiten