Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men in bijna alle gevallen vindt en die niet zoo zeer door het infectieproces zelf, als wel tengevolge van den langen duur van het ziekbed en de verminderde ventilatie der long veroorzaakt zijn, zijn alleen dan als metastasen opgevat, wanneer er longabscessen en duidelijke teekenen van embolie aanwezig waren. 1. Zonder metastasen. Toe. 1913—145. I-p. 23 j. Opgenomen 20 April. Overleden 4 Mei. Anamnese: Spontane partus (Verlosk. Polikl.) op 5 April. Placenta wegens bloeding uitgedrukt (misschien kleine stukjes achtergebleven). Temp. in kraambed licht verhoogd. Thrombose linker v. saphena, die spoedig verdween. 18 April verschijnselen, die op hersenembolie wezen (hoofdpijn; parese rechter gezichtshelft en rechter arm). Temp. 39°. Status praesens: Geruischen boven alle ostia. Rhonchi over beide longen. Rechter leverkwab vergroot en pijnlijk. Uit ostium hangt stinkend weefsel. Tijdens het onderzoek wordt pat. misselijk, ze kon niet meer spreken, rechter arm paretisch. Verschijnselen verdwijnen na een kwartier. Uterus voorloopig met rust gelaten. 21 April. Stuk placenta, dat grootendeels uit ostium hing, verwijderd. Parametria vrij. Psyche abnormaal. 22 April. Hooge temperatuur. Geen teekenen van peritonitis. 24 April. Depressieve psychose duidelijk. Bloedonderzoek negatief. 4 Mei. Exitus. Obductie: Uterus en adnexa normaal; geen placentaresten. Linker v. iliaca bevat een ouden thrombus, die doorloopt tot in de v. femoralis. Splenitis. Hersenen: geen embolieën. Hoewel dit niet met zekerheid blijkt, ligt het toch voor de hand hier de primaire thrombose der v. saphana als het uitgangspunt der verdere verschijnselen aan te nemen. Daarbij kan dan het stinkende weefsel, dat inden uterus was achtergebleven, de infectie der bloedbaan hebben verwekt. Toe. 1914—357. XI V-p. 42 j. Opgenomen 14 Oct. Overleden 18 Oct. Anamnese: 13 Oct. Hevige fluxus gehad. Cervix voor één vinger toegankelijk, die placentaweefsel en vliezen betasten kon. 15 Oct. Omdat een geringe bloeding bestaan blijft, metreurynter ingebracht. Drie uren later kind geboren. Placenta onvolledig? Uit uterus klein stukje placenta verwijderd. Uterus getamponneerd. Vrouw niet anaemisch; geen infusie. 16 Oct. Tampon verwijderd. Temp. normaal.

4 Mei. Exitus.

172

Sluiten