Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

links. In linker long oude t. b. c.-haard in boven-, bronchopneumonische haard in onderkwab. Rechter long vele adhaesies; catarrhale pneumonie in onderkwab. Hart vrij groot, kleppen en spier normaal. Aorta en aa. coronariae licht sclerotisch. Lever: groot, week, geen t. b. c. Milt: zeer week (bacteriologisch onderzoek negatief). Nieren; vettige degeneratie van tubuli en glomeruli. Voor het bestaan van infectie kon hier dus niet het bewijs worden geleverd. De zoo belangrijke thromboseering der baarmoedervaten is hier hoogst merkwaardig en moeilijk te verklaren. 2. Met metastasen. Toe. 1900—140. 23 November. Anamnese; In alle vorige zwangerschappen veel bloed verloren. Status praesens; Zeer anaemische vrouw; graviditeit van 24 weken. Halskanaal geopend. Placenta praevia. Voet afgehaald. Cervix ingeknipt. Extractie. Placenta manueel verwijderd. Infusie. Tamponnade. 3 November. Temperatuur 39.6. Tampon verwijderd. 9 „ Bij onderzoek per rectum noch pijn, noch infiltraten te bespeuren. 11 „ Omdat de koorts hoog blijft en geen localisatie van het infectieproces te vinden is „absces de fixation” aan de rechter dij gemaakt. 19 „ Er heeft zich een flink absces gevormd. 20 „ Temp. daalt. Dyspnoe. Dilatatie van het rechter hart. Digitalis. 23 „ Toestand achteruit, ofschoon temperatuur laag blijft. Exitus. Obductie: Uterus vergroot, geen endometritis. Thrombose der venae inde ligg. lata, vv. uterinae, renalis rechts, spermatica rechts, rechter v. femoralis, v. cava (tot boven de v. renalis). Longen: in alle bronebi mucopus; inde rechter long in enkele arterietakken emboli, die nog niet tot infarcten hebben geleid ; a. pulmonalis vrij. In rechter nier verweekte thrombi. Nogmaals dus het maar al te goed bekende optreden van septische thrombophlebitis bij placenta praevia, waarschijnlijk reeds zeer korten tijd na de verlossing. Toe. 1906—213. -p. 35 j. Opgenomen 15 Oct Overleden 12 November. Anamnese; Baring door vroedvrouw geleid. Extractie bij stuit-

176

Sluiten