Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van buikpijn gehad, waarvoor zij door den huisarts behandeld was. Inde laatste dagen was de buikpijn weer zoo hevig geworden, dat men gynaecologisch consult wenschte. Dr. Holle man vond achter den zwangeren uterus een pijnlijk gezwel liggen, waarvan de grenzen niet duidelijk te bepalen waren; hij stelde de diagnose op steeldraaiing vaneen eierstokcyste bij bestaande zwangerschap, of misschien een buitenbaarmoederlijke zwangerschap met haematocele. Bij de dadelijk verrichte laparotomie bleek er links van en achter de zwangere baarmoeder een doorbloede tumor te liggen ter grootte vaneen Hinken appel, die 4 maal om zijn steel gedraaid was. De steel werd gevormd door de linker tuba; het ovarium was geheel normaal. De tuba werd in zijn normale uterine einde doorgesneden en het gezwel gemakkelijk verwijderd. De rechter adnexa vertoonden geen afwijkingen. De appendix was lang, gezwollen, en vertoonde vaatinjectie; deze werd verwijderd. De zwangerschap verliep ongestoord. Bij nadere beschouwing van het praeparaat bleek de tuba doorbloed te zijn, de dikte vaneen dik potlood te hebben, oedemateuze fimbriae te bezitten en in haar geheele lengte te loopen overeen appelgrooten tumor. De tumor bevatte een geel, waterachtig vocht, niet met bloed gemengd, hoewel de wand der cyste voor het grootste gedeelte doorbloed is. De binnenvlakte der cyste bevatte talrijke papillaire excrescenties. Deze excrescenties bleken bij mikroskopisch onderzoek, dat Dr. Deelman zoo vriendelijk waste verrichten, vormsels van ouderen datum te zijn, waarvan de ware aard niet meer met zekerheid was vast te stellen. Sommige gelijken op oude bloedmassa’s, waarin jonge fibroblasten dringen en leucocyten liggen, op massa’s dus, die bezig zijn georganiseerd te worden. Andere echter bevatten groote, uitgezette bloedvaten, die er op wijzen, dat deze vormsels echte papillaire woekeringen van den binnenkant der parovariaalcyste zijn. Epithelium is nergens meer te bekennen. Het zeldzame voorkomen van paroviaalcysten met steeldraaiing en de eigenaardige vormsels aan den binnenkant ervan schijnen mij de mededeeling van dit geval en de vertooning der mikroskopische praeparaten te wettigen. De Snoo: Adenomyosis, resp. adenofibrosis carcinomatosa. 10 April 1.1. werd inde kliniek een vrouw van 40 jaar opgenomen met eendoor ascites sterk opgezetten buik. Zij heeft 5 kinderen gehad, waarvan het laatste vóór 5 jaar. Zij was altijd gezond geweest, menstrueerde normaal; inden laatsten tijd zou zij iets vermagerd zijn, doch zij zag er nog blozend en gezond uit. In December had

248

Sluiten