Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

matig gevoel van trots en voldoening U uit de oogen straalde. Ook de organisatie van de verloskundige hulp inde stad werd door ü ter hand genomen met als resultaat de oprichting van het Praktikantenhuis, een centrum voor verleening van verloskundige hulp, eenig in ons land. Later werd samenwerking verkregen met de Vereeniging ter verzorging van den zuigeling, welke door het geven van moedercursussen en het hulpverleenen bij de borstvoeding aan huis, veel tot de volksontwikkeling op dit punt inden loop der jaren heeft bijgedragen. Behalve groote voordeelen voor de verloskundige ontwikkeling van den aanstaanden geneesheer leverde dit instituut door de nauwe samenwerking met de kliniek ook onschatbare voordeelen voor de Utrechtsche bevolking op, waarvan de toenemende aanvraag om hulp (in 1899 bedroeg het aantal hulpzoekenden 600, in 1922 2028) en de goede naam, welken de „vrije meester” onder de Utrechtsche bevolking heeft, de beste getuigen zijn. Is het wonder, dat velen, die zich door deze inrichting in staat gesteld zagen een groote verloskundige ervaring te verkrijgen, nog ondersteund en aangevuld door de menigvuldige praktische wenken op de phantoomlessen, later inde praktijk gekomen, zich uitten; „Ik ben blij verloskunde in Utrecht geleerd te hebben.”? Een hoofdfactor hierbij is, dat Uw onderwijs voor den meergevorderde aantrekkelijk is niet alleen door de helderheid van Uw betoog, maar ook door het plaatsen van het individueele boven het schematische bij het stellen vaneen indikatie, en door later bij de bespreking van het verkregen resultaat met stipte eerlijkheid begane fouten onder de oogen te zien, waarbij zelfkritiek nooit ontbreekt. De beperking, welke gij ü bij het gebruik der patiënten ten dienste van het onderwijs oplegt, waarover door studenten wel geklaagd wordt, is een noodzakelijk uitvloeisel van Uw warmvoelend hart. Uit dat hart zijn ook de indertijd door U gesproken woorden voortgekomen: „Ik ben blij, dat ik geen groote kliniek onder mijn leiding heb.” Voor degenen, die ü op Uwen dagelijkschen rondgang langs de zieken hebben kunnen gadeslaan, waarbij gij voor elke patiënte niet alleen een vriendelijk troostend, soms met een kwinkslag afgewisseld, woord weet te vinden, maar ook deelneming in hare particuliere belangen betoont, hebben deze woorden niets paradox, maar berusten zij op Uwe behoefte met Uwe patiënten mee te leven en iedereen te geven wat haar toekomt. Koevele bedden worden niet ingenomen door chronische zieken, die alleen blijven, omdat zij het volgens U in het ziekenhuis

253

Sluiten