is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Noorden in woord en beeld, jrg 17, 1941, no 32, 17-10-1941

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OPLOSSING G. P. RIJKSDAALDERPUZZLE.

3 Oct. Met lineaal en paiser.

De hierboven aigedrukte teekening geeft duidelijk weer, hoe men het dubbel-vierkant met lineaal en passer (en daarna natuurlijk met de schaar!) moet behandelen, om een figuur te verkrijgen, uitsluitend door kromme lijnen begrensd.

De prijs van ƒ 2.50 werd gewonnen door den heer P. R. R. Hoenders, Dotterlaan 12, Arnhem.

De vijf troostprijzen door den heer Vierling, D. Hoogenraadstraat 58 te Scheveningen; den heer A. Nijenhuis, Oranjestraat 18 te Winschoten; mej. A. Bannenberg, „Roerzicht" te Roermond; den heer F. Drenth, Hoofdstr. 23 te Heerenveen en den heer G. E. Gortemaker, Berfloweg 240 te Hengelo.

OPLOSSINGEN:

Waardoor miste hij zijn trein?

De man zou op tijd gekomen zijn, als hij geen tijd had verknoeid met weder afsluiten van de voordeur. Aangezien die voordeur 's morgens om 7 uur altijd open was, was hij ook niet verplicht, om haar met de sleutel af te sluiten.

Rangeer-vraagstuk.

Van de witte trein worden de 2 laatste wagens F en G afgekoppeld. Deze trein rijdt nu met de resteerende 5 wagens één wagenlengte op. Daardoor komt kruispunt B. vrij. Vervolgens rijdt de witte locomotief met de wagens A. en B. (nadat eerst de witte wagens C. D. en E. ook afgekoppeld zijn) door tot aan de achterste wagen van den zwarten trein. Op die wijze is ook kruispunt A. vrijgekomen. Daarna rijdt de zwarte trein, over kruispunt A, de onderste helft van cirkelspoor 2 en via kruispunt B. in de richting van Z. en verdwijnt dus van het tooneel. De witte locomotief gaat dan met 2 wagens achter zich (a en b) den zwarten trein achterna, tot den wissel naar Z. Hier rijdt de witte locomotief cirkelspoor 3 op, duwi de daar staande wagens F. en G. voort, rijdt dan een wagenlengte verder, dus tegen wagen E. aan en duwt dan ook de wagens C. D. en E. op. Zoo worden er dan 5 wagens geduwd en 2 getrokken en wel over kruispunt A, de 'onderste helft van cirkelspoor 2 en verder via kruispunt B. in de richting van Z.

Woord-combinatie. Bij serie I hoort het sleutelwoord „rol", dus de 8 woorden zijn: katrol, sluimerrol, closetrol, vloeirol, rolaap, rollade, rolmops, rolluik.

Serie II: sleutelwoord „pers"; drukpers, hofaipers, kapers, dompers, perskaart, persijzer, persplank, persgas. Serie III sleutelwoord „tel"; ratel, kwartel, tortel, reutel, telega, teller, telbaar, telgang. Serie IV: sleutelwoord „bes"; kruisbes, aalbes, lobbes, moerbes, bestaan, bestand, bestel, bestier.

Cryptogram.

Het spreekwoord, dat in het geheimschrift verborgen was, luidt:

Het zijn niet allen koks, die lange messen dragen.

G.P. Rijksdaalder - Puzzle

„LANDBOUWVRAAGSTUK.

Een landbouwer gaf aan zijn vier zoons en zijn vier dochters een groot vierkant stuk land ten geschenke.

Er st.onden 16 vruchtboomen op. Zie de hierbij afgedrukte teekening.

Het vierkante land moest in 8 stukken verdeeld worden en wel zóó, dat de gedeelten, die de zoons kregen dubbel zoo groot waren als die voor de dochters.

De 4 stukken voor de zoons rftoesten precies dezelfde oppervlakte hebben, evenals die van de 4 dochters, de 4 van de zoons moesten allen precies dezelfde vorm hebben,

hetgeen ook het geval moest zijn met de 4 stukken voor de dochters. Verder moesten op de 4 stukken van de zoons elk 3, en op de 4 stukken van de dochters elk 1 vruchtboom komen

En eindelijk had de landbouwer als laatste voorwaarde gesteld, dat zoowel elke van de dochters, als elke van de zoons haar (resp. zijn) stuk grond moest kunnen bereiken vanaf den openbaren landweg, die rondom het geheele terrein heen liep. Dus zonder over het grondgedeelte van één van de anderen te moeten loopen.

Er zijn twee oplossingen mogelijk, die beiden aan alle eischen voldoen. Voor. mededinging naar de prijzen wordt slechts inzending van één goede oplossing verlanga.

Oplossing gelieve U in te zenden aan de redactie van De Geïllustreerde Pers, postbus 497, Amsterdam, per briefkaart, uiterlijk Dinsdag 21 October. Prijzen als gewoon.

De uitslag zal bekend gemaakt worden in het nummer van 31 October a.s. Goed succes

Hein cU UzHCfilaat wctdi

Uren zaten wij reeds „op brasum" met een pluimpje, maar de beestjes gaven niet thuis.

Tot opeens mijn hengelkennis uit Amsterdam, die eenige meters van mij af zat, in onvervalscht Jordaansch uitriep: „Hap zeit-ie, hebbes!" en inderdaad een knots van een baars spartelde aan zijn haak. Vol trots en tevredenheid neemt hij hem eraf, bergt hem weg en legt opnieuw in.

Terwijl de worm der jaloezie nog aan mijn hart knaagt, hoor ik geen minuut later weer: „Hap zeit-ie, hebbes," en het was waar, zoo waar als ik hier zit te schrijven, nummer twee spartelde aan zijn haak. Om even later bij zijn voorganger te worden opgeborgen. Zoo ging het eenige tijd door. Tot het dozijn vol was. Toen kon ik me niet langer goed houden, want ik ving geen schub.

„Laat mij eens op jouw plekje probeeren/'

bedelde ik.

„Geeft niks maat," weerde de

ander af, „het ligt niet aan het

plekkie."

„Waar dan wel aan?" wilde ik weten.

Taxeerend keek hij me aan, „voor twee borrels wil ik het je vertellen," zei hij ten laatste, „maar dan niet verder over kletsen."

Ik zwoer geheimhouding en tapte nog twee piereverschrikkertjes uit mijn veldflesch en vergat van pure verwachting er zelf een te nemen, „Luister nu goed," begon mijn

vischcollega eindelijk, nog nasmakkend van zijn alcoholische genieting. „Maar beloof me nog eens met twee vingers in de lucht, dat je zult zwijgen als een graf." Ik knikte slechts, van spanning kon ik niet meer spreken.

„Luister,"- vertelde hij mij het geheim. „Ik heb een dotje van een gedresseerd wormpje. Ik hoef alleen maar te zeggen: „Pak ze, visschies"' en hij komt met de vetste baars bij me terug. Ik zal mijn hengel opbikken als het niet waar is."

„Heb je mijn splintertangetje straks niet noodig?" vroeg ik toen. „Je splintertangetje?" herhaalde de jordaner hoogst verbaasd. „Waarvoor?"

„Om de splinters uit je maag te halen, als je straks je hengel hebt opgevreten, natuurlijk."

LADDERRAADSEL.

'I Horizontaal: I. watervogel en pauselijke kroon (dus 2 woorden op 1 regel); 2. materiaal om tocht af te sluiten; 3. aan gene zijde (Lat.) en muziekinstrument; (dus 2 woorden op 1 regel); 4. beplanting van grond; 5. nieuwigheid (Fr.); 6. dispuut; 7. het aanslaan van bastoon alleen (Lat. muz. term); 8. vindingrijk (Fr.);. 9. gebraden of geroosterd vleesch; 10. onvoldoende verbetering; 11. wordt door naaisters en kleermakers gebruikt.

Verticaal: 1. bediende in een rijdende eetgelegenheid; 2.' uitstalling van producten en benoodigdheden op agrarisch gebied.

Oplossing de volgende week.

WELKE RICHTING?

(Eenvoudige denkopgave).

Twee landloopers deden in een droge sloot, die langs een straatweg liep, hun middagdutje. Een voorbij rijdende auto, die door een groote plas moest bespatte de twee slapenden met modder. Toen zij goed en wel het slijk van hun gezicht hadden verwijderd, was de auto al uit het gezicht verdwenen. De twee landloopers verschilden van meening over de richting van de auto. De eene beweerde, dat de wagen van rechts was gekomen, maar de andere hield vol, dat hij van de andere richting was gekomén.

Waardoor had een opmerkzame waarnemer de juiste richting, waaruit de auto was gekomen, kunnen vaststellen? (Oplossing volgende week)

„Zoo, is mijn schoonmoeder daar? En wil zij mij dódelijk spreken? — Goed. laat zij maar hier komen."