is toegevoegd aan je favorieten.

Het Noorden in woord en beeld, 1942, no 9, 27-02-1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afgedragen schoenen werden vroeger naar de mestvaalt verwezen. Thans echter zijn ze tot waardevol afval verheven, want men maakt er allerlei nieuwe producten van. zooals U in 't artikel kunt lezen.

Schillen en groente -afval kunnen uitstekend voor veevoeder dienstbaar worden gemaakt.

Links: Prosit mijnheer! Wilt U er echter voor zorgen, dat U 't leege fleschje niet achteloos weg gooit, want tegenwoordig heeft men oud glas noodig om er nieuw van te maken.

Afval bewaren een moeilijk begrip voor de Nederlandsche huisvrouw! Het is haar natuur zelf, die er zich tegen verzet, want die zegt haar: afval is rommel,

en rommel moet je zoo spoedig en zoo grondig mogelijk opruimen. Je stopt alles in de vuilnisbak, sluit die goed af, en verder moet je slechts zorgen, dat de bak buiten op de stoep staat, wanneer de vuilnisman in aantocht is.

Kunnen we dit de Nederlandsche huisvrouw eigenlijk wel kwalijk nemen? Zóó immers heeft zij 't van jongsaf gezien, en zóó heeft zij 't tot nu toe altijd gedaan. En vooral: zóó komt het overeen met haar karakter, dat nu eenmaal van opruimen houdt.

Daar komt bij, dat tot voor enkele jaren niemand in ons land er aan dacht dat er van huishoudelijk afval nog iets goeds te maken zou zijn. Eigenlijk waren 't alleen de voddenrapers, die nog wel eens in dit afval wroetten, en zonder iets slechts van deze menschen te zeggen moeten we toch vaststellen, dat dit voorbeeld weinig inspireerend op

de huisvrouwen werkte. De Nederlandsche huisvrouw wist niet, dat reeds vele jaren geleden in andere landen, bijv. in Amerika, allerlei huishoudelijk afval als grondstof voor nieuwe artikelen werd gebruikt. Zij wist niet, dat de mannen der wetenschap er in geslaagd zijn methoden te vinden, waardoor letterlijk alle afvalstoffen productief kunnen worden gemaakt.

Het heeft de oorlog moeten zijn, die de waarde van die vuilnisbak-inhoud aan ons pas goed duidelijk maakt. Nu heeft men ontdekt, dat er in die vieze rommel nog heel veel bruikbaars schuilt, ja zelfs, dat die afvalstoffen noodig zijn voor het in stand houden van onze voedselvoorziening en van vele industriëele behoeften.

Het is dan ook niet anders dan natuurlijk, dat de Nederlandsche overheid reeds geruimen tijd geleden een wettelijk verbod van vernietiging en 'n wettelijk gebod van bewaring van afvalstoffen heeft uitgevaardigd. Dit geldt dus niet slechts voor huishoudelijk afval maar voor alle afvalstoffen.

Het zou intusschen onjuist zijn te meenen, dat de verwerking van afvalstoffen voor nieuwe producten enkel en alleen een oorlogsversehijnsel is. Neen, ook na dezen oorlog zal men er op de heele wereld steeds meer toe over gaan afval weer productief te maken. In sommige gevallen zal men aldus tot goedkoopere productie komen, in andere gevallen zal men op deze manier voorzien in grondstoffen, die schaarsch worden. Een voorbeeld van dit laatste levert het papier. Men heeft namelijk uitgerekend, dat over zestig jaar er op de heele wereld geen hout meer zal zijn voor de vervaardiging van papier als men doorgaat zooals nu uitsluitend hout voor papier te gebruiken. Het is dus noodig, dat men van oud papier nieuw maakt.

Dit eene kleine voorbeeld toont reeds het nut — onder alle omstandigheden — van het bewaren en inleveren van oud papier aan, en van zeer veel andere artikelen zouden wij dergelijke voorbeelden kunnen opnoemen.

Inzameling en verwerking georganiseerd. In ons land is thans de inzameling en verwerking van afvalstoffen vrijwel over 't heele land georganiseerd. Dit is geschied door het Departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, te zamen met het Rijksbureau voor Oude Metalen en Afvalstoffen (R.O.M.E.A.) en het Rijksbureau Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Slechts in enkele groote steden, en in gemeenten van minder dan 20.000 inwoners moet deze organisatie nog doorwerken.

Steeds meer huisvrouwen zien thans het nut en de noodzakelijkheid van afval-bewaren in, maar bij sommigen ontbreekt nog iets aan dit inzicht. In de meeste gevallen is hierbij geen sprake van