is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Noorden in woord en beeld, 1946, no 4, 24-08-1946

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In deze rubriek worden vragen van onze lezers beantwoord en inlichtingen gegeven, voor zoo ver het onderwerp van meer dan zuiver persoonlijk belang is, en voor zoo ver de plaatsruimte het toelaat. De overige brieven worden rechtstreeks beantwoord. Iedere abonné beeft het recht van deze vraagbaak gebruik te maken. Brieven richte men aan de redactie van dit blad.

Pension. Een abonné vraagt: „Ik heb een jongen man op kamers. Hij is nu twee maanden met vacantie. Kan ik nu kamerhuur in rekening brengen en hoeveel?" Algemeen gebruik is, dat in zulk een geval de helft van de kamerhuur in rekening wordt gebracht.

Rooken voor vrouwen. Een Leeuwardensche jongedame wil weten of rooken voor vrouwen nadeeliger is dan voor mannen. In het algemeen is dit niet het geval. De vraag of en in hoeverre rooken nadeelig is hangt af van de constitutie van dengene die rookt. Nationale feestrok. Aan abonné's te Enschede, Valkenburg en Jutphaas antwoorden wij, dat registratie en afstempeling van nationale feestrokken geschiedt door Het Nationaal Instituut, Heerengracht 499, Amsterdam..

Overflsel. Een heer te Hellendoorn wilde weten of dit woord met één s geschreven moest worden. Wij wisten het zelf ook niet, maar het woordenboek van Koenen zegt: één s.

Fokkie Flink. Het adres van den uitgever is: Fokkie Flink, Heerengracht no. 545, Amsterdam.

Prins Bernhard fonds. Het adrés van het Prins Bernhard fonds luidt: Populierenstraat 31, Amsterdam.

Vreemde

Te Baton Rougo 111 den Anierikaanschen staat Louisiana bestaat sedert kort een openbare verordening die bepaalt, dat voor het knippen van kaalhoofdigen ten hoogste een tarief van 25 cents mag worden berekend.

Toen onlangs de visschersvloot uit Bretagne naar de IJslandsche wateren vertrok had iedere boot een extra net aan boord, het „net der dooden". In Bretagne zijn namelijk veel visschers door Duitsche terreurdaden of door oorlogshandelingen om het leven gekomen. Om nu de nabestaanden van deze dooden te helpen nemen alle visschers een extra net mee en alles wat met dit net wordt gevangen komt ten goede aan deze nagelaten betrekkingen.

Een huisvrouw te Huil maakte verleden week op haar slaapkamer een schoorsteen schoon, die sinds menschenheugenis niet meer gebruikt was. Plotseling viel er een blik uit en hierin bevond zich een bedrag van 616 pond sterling en 10 shilling.

Het klassensysteem bij de Spoorwegen

Ai, wat zijn wij eigenlijk begonnen door een brief te publiceeren van een abonné over de indeeling in klassen by het reizigers vervoer der Nederlandsche Spoorwegen! Tot nu toe hebben wq welgeteld 92 brieven gekregen van andere abonné's over ditzelfde onderwerp. En het liefst zouden w\j ze hier allemaal afdrukken, want het onderwerp schijnt heel veel menschen te interesseeren. Maar helaas, w(j hebben er geen plaats voor. Slechts een aantal der briefschrijvers kunnen wij hier aan het woord laten en dan nog alleen in de kern van hun betoog. Wij hopen, dat de overigen ons zullen excuseeren, dat hun betoog niet opgenomen wordt. Het kan eenvoudig niet. En meteen zij hier even verklaard, dat thans dit onderwerp — alweer gezien de plaatsruimte — voldoende is belicht.

Beschaving en dubbeltjes. Een Nijmegenaar schrijft: „Is beschaving eeri privilege voor degenen, die voor hun spoorkaartje een paar dubbeltjes meer kunnen betalen? En indien de „Geergerde" meent dat het publiek niet voldoende is opgevoed, denkt hij dan dat hij het kan verbeteren door het te isoleeren? Of zou een goed voorbeeld dit publiek tot fatsoenlijker menschen kunnen maken?"

Geldverspilling of zwarte handel? Een oud-directeur der P.T.T. schrijft: „Wie thans nog 2e klas reist verspilt zijn geld, daar hij met zijn kaartje 2e klas allerminst zekerheid heeft in die klasse een zitplaats of zelfs een staanplaats te krijgen. Als hem dit echter gelukt dan zal hij veelal in gezelschap reizen van zwarthandelaren en soortgelijken, want dit zijn de menschen, die zich in verband met het voorgaande zulk een geldverspilling veroorloven. Afschaffing van de klassen schijnt mij een eisch van onzen tijd, namelijk een eisch van democratiseering der samenleving."

Geen onbeschofter volk Een dame uit Varsseveld laat een ander geluid hooren: „Ik heb over de heele wereld gereisd, maar nergens onbeschofter en onbeschaafder volk en kinderen aangetroffen dan hier, waar een fatsoenlijk burger nagejouwd wordt, ja zelfs met steenen en straatvuil gegooid. Uw abonné heeft groot gelijk, dat zulke menschen hun beschaafde medepassagiers ergeren."

Ergerlqk die ergernis.' Aan het betoog van een Beverwijkschen abonné, dat te lang is, om in extenso te worden geplaatst is het volgende ontleend: ,,'t Is ergerlijk je zoo te ergeren over schijnbaar ergerlijke ergerlijkheden, maar pas op, dat men zich niet te erg ergert, want dan wordt het te erg en dan wordt het leven een hel en ga je een verkeerde kijk krijgen op beschaving. Blijf op de grond en hef de klassen op. Leer elkaar verdragen. Wat toch is beschaving en cultuur? Alles wat ons vooruit brengt op de weg naar boven.

In naam der democratie. Een Haagsch ingenieur heeft weer een andere kijk op de zaak. Lees maar: „Wanneer we bij de Spoorwegen de klassen afschaffen, dan dienen we dat ook elders te doen, in bioscoop, schouwburg, voetbalveld, enz. Uit den aard der zaak zou dat vooral finantieel een groote strop zijn voor al die ondernemingen, maar ja, het is „democratisch". Ik zelf reis veel en reis altijd in de hoogste klasse. Tegenwoordig niet, maar vroeger dan altijd. De reden is niet m'n groote deftigheid, maar omdat, hoe hooger men zit, hoe meer ruimte men heeft. Men kan werk meenemen in de trein, als men vroeg op is geweest kan men slapen, men kan een zakenconferentie voeren, zonder lastige toehoorders. Voor deze en dergelijke gemakken wil men betalen, maar in naam van de democratie mag ik dan niet meer werken. confereeren. enz. enz.

Ook prachtig is de opmerking, dat het vernederend is, wanneer men door een conducteur uit een hoogere klasse wordt verwijderd. Maar waarom gaat men er dan zitten? Het is ook vernederend, wanneer de conducteur moet constateeren, dat U zonder kaartje probeert te reizen, dus schaf de kaartjes maar heelemaal af!

Het afschaffen van de kaartjes heeft nog een tweede voordeel. Immers, het is voor den conducteur niet prettig, om zoo'n „klasse-overtreder" aan z'n jasje te trekken. Maar het wordt nog gezelliger voor een conducteur, wanneer hij heelemaal niets meer te doen heeft! WAARVOOR hij dan nog mee treint zal Uw Zwolsche abonné mogelijk beter weten dan ik!

Tenslotte, inzender spreekt van landen, waar men het klasse-systeem bij de spoorwegen heeft afgeschaft. Er bestaat geen land, waar men dat heeft gedaan. Mogelijk hier en daar, maar dan heeft men de klasse langs een achterdeur er weer ingehaald."

Een tegenstelling. Een Groningsche abonné schrijft: „Toen ik las wat de mijnheer schreef die zich ergerde, dacht ik aan de studenten die in Utrecht een roeiwedstrijd gingen bijwonen en de boel in de trein vernielden. Deze menschen, die eens de leiding moeten geven aan Nederland, gaven zeker wel het goede voorbeeld!"

Het beste voor allen. Nóg een stem uit het noorden en wel uit Leeuwarden: „Geef alle menschen, als het eenigszins kan, het allerbeste en ze zullen zich er naar gedragen en beter opgevoed worden. Het publiek regelt het zelf wel. De minder gegoeden zoeken hun eigen menschen, wat. bij de meergegoeden ook het geval is."

Verschil op elk terrein. Ziehier het oordeel van een abonné uit Woldendorp: „Wat is er eigenlijk tegen, dat iemand, die graa,. 2e klas reist, dit ook doet? Velen vinden het rustiger en vooral voor oude menschen is het veel prettiger reizen. De een kan zich nu eenmaal meer veroorloven dan de ander. Dit kunnen wij toch heel goed bekennen zonder er jaloersch bij te worden? Iemand die het betalen kan koopt een bontmantel maar daarom behoeft zoo iemand nog geen minachting te hebben voor een ander, die het met een gewone jas moet doen. Ik zie het nut van afschaffing van het klassenstelsel bij de spoorwegen dan ook niet in."

In Engeland Het woord is weer aan een Groningsche abonné: „In Engeland reist iedereen 2e klas, eenvoudig omdat le en 3e niet bestaan (dit is • een vergissing van den schrijver; men zie het vorig nummer, Red.) De aristocraat, bijvoorbeeld de prins van Wales, reist tusschen zijn landgenooten als gewoon passagier. Echter moet ik er tot mijn spijt aan toevoegen, dat in ons land de galanterie veel te wenschen overlaat, die daar zoo mooi wordt ge-

,.Hij is juist bezig de pan uit te tikken. Maar ik wil wel eventjes kloppen en U (Sat. Ev. Post). aandienen.

demonstreerd ten opzichte van later inkomende passagiers op leeftijd, enz. Vervolgens een ander geval. De derde zit vol, er kan geen mensch meer bijgepropt worden. Je stapt ten einde raad in de tweede. Goed, zegt NS, maar dan bijbetalen. Ieder is echter niet in staat zich deze luxe te veroorloven en wordt dan verwezen naar een aangekoppelde veewagen. Nu zou ik zeggen: als ik in de tweede klas moet bijbetalen, dan krijg ik in de veewagen reductie! U zult allicht zeggen, dat gaat moeilijk, maar er zou volgens mij wel een regeling voor te treffen zijn."

Naast het goede ook het minder goede.

Een lezer uit Wormer schrijft: „De derdeklasreizigers behooren voor het meerendeel tot de arbeidersklasse; en „ONS VOLK", waar wij toch zoo grootsch op zijn, behoort voor 80 °/o tot de arbeidersklasse en de overige 20°/» tot de „betere". Die „betere" klasse schijnt erg trots te zijn op de mindere, want haast in elke redevoering of elk kranten-artikel wordt ons volk opgehemeld en bewierookt door de betere, en we kunnen gerust zeggen, met recht. Maar nu moet men niet kinderachtig worden, maar naast de goede eigenschappen van ons volk, ook de minder goede accepteeren en deze laatste trachten te helpen verminderen. Daarover dit: Over het algemeen zal iemand van de arbeidersklasse die zich bevindt in gezelschap van menschen van hoogeren stand, zich niet zoo los gedragen als hij zou doen in gezelschap van uitsluitend klassegenocten. Bevinden zich nu de menschen van de arbeidersklasse zich geregeld tusschen de menschen van de hoogere standen, dan zullen de eersten zich in het begin bewust beheerschen in hun (onopgevoede) gedragingen, wat zich zeer spoedig tot een gewoonte zal ontwikkelen."

Mensch, erger je niet! Het slotwoord geven wij aan een Amsterdammer die schrijft: „Aan de opstelling van den brief van den heer uit Zwolle te zien geloof ik, d.it hij het niet zoo kwaad meende. Anders zou ik zeggen: koop een spreuk „mensch, erger je niet" en geef zelf het goede voorbeeld."

LEONTIENTJE

door Pax Steen