is toegevoegd aan je favorieten.

De delver; het vrije kunstorgaan, jrg 3, 1929-1930, 1929

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rodin

In 1549 schreef Michel Angelo aan het hoofd der Florentijnsche Academie, Messer Benedetto Varchi: ~Onder beeldhouwkunst versta ik dezulke die geschiedt door in de stof te hakken, want hetgeen modeleerende wordt gedaan is gelijk de schilderkunst.”

Men zou deze uitspraak als motto kunnen plaatsen boven een beschouwing over Rodin’s arbeid, maar dat zou tevens beteekenen een principeele verwerping van Rodin’s kunst, omdat zijn werkwijze wel in alle opzichten tegengesteld was aan die van den grooten Buonarroti. De vele bewonderaars van den XlXen eeuwschen Franschen grootmeester vergeten dat wellicht een weinig, waar zij Rodin meestal afmeten naar de grootheid van Michel Angelo. Ook de heer Baart de la Faille verkondigde bij de opening der Amsterdamsche Rodin-tentoonstelling in een daverende rede dien roem (wat blijkbaar gemakkelijker is dan het herkennen van schilderijen van Vincent van Goghl) en borduurde daarbij voort op het langzamerhand wat afgezaagde repeteerpatroon; Michel Angelo-Donatello-Rodin.

Mij dunkt dat er in dezen tijd en dan nog in ’t bijzonder in ons land waar een jonge generatie van beeldhouwers zich reeds in zekeren zin wist te bevestigen door aan het werk van Rodin volkomen tegengestelde tendenzen en opvattingen over den grooten Franschen kunstenaar belangrijker dingen kunnen worden gezegd dan dergelijke gelegenheidsopmerkingen. Want bij het verdiepen in dit zonder twijfel dikwijls grandiooze werk beseft men vooral hoe volkomen geïsoleerd Rodin in zijn tijd stond staan moest! terwijl juist in de werken van een Donatello en een Michel Angelo, er zijn trouwens meerdere namen aan toe te voegen (ook de grootsche sculptuur der Fransche kathedralen komt ons al direct in de gedachte), het algemeen karakter van den tijd werd beleden en verbijzonderd. Men moet in deze opmerkingen vooral geen geringschatting zien van een genie als Rodin trouwens, over genieën past het niet geringschattend noch eenigszins vergoelijkend te spreken! doch we dienen voor alles de dingen scherp te onderscheiden en een figuur die reeds in zekeren zin tot een afgesloten tijdperk behoort, te zien, ontdaan van allerlei vertroebelende franjes, welke er door een weliswaar begrijpelijke bewondering aan waren blijven hangen.

Hammacher zegt in een voortreffelijk opstel over den Nederlandschen beeldhouwer John Radecker (Elseviers Geïll. Maahdschrift) : ~Een merkwaardig voorbeeld van de sculpturale ommekeer is b.v. het feit, dat in de geheele vorige eeuw (d.i. dus de XlXe eeuw, waarin ook het werk van Rodin vrijwel tot stand kwam) de helpers van den beeldhouwer het beeld bijna geheel voltooiden, terwijl de ontwerper zich bepaalde tot de laatste afwerking. Michel Angelo werkte precies andersom. Herhaaldelijk geeft hij aan, dat dit of dat beeld in zoo’n gevorderden staat van uitvoering is, dat de voltooiing wel door een of ander bekwaam meester kan geschieden.

Niet het slot van den eindvorm krijgt het sacrament van zijn kunst, maar het belangrijkste werk voert hij van wortel tot top en de helpers laat hij toe, wanneer de essentie verwezenlijkt is.” Deze puur ambachtelijke zijde van het beeldhouwen het vak zouden