is toegevoegd aan je favorieten.

De delver; het vrije kunstorgaan, jrg 11, 1937-1938, no 6, 1937

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MISVERSTAND

HET LIEDJE VAN DE KLEURBLINDE

CZI e hemel is groen

en de weiden zijn blauw;

de wolken zijn geel, oranje geel,

zo geel als de bloesemende perelaars,

de hemel is groen.

zo groen als de glans in je ogen....

Zo begon ik dit kleurenlied van de lente,

maar toen ik mijn liefje voor 't eerst

dit liedje heb gezegd.

heeft zij haar hand op mijn ogen gelegd.

en zachtjes, heel zachtjes gesnikt.

En toen ze haar traantjes had ingeslikt,

keek zij mij glimlachend aan....

Toen heb ik voor haar dit liedje gezongen,

dit kleurenlied van de Lente....

De hemel is blauw,

zo blauw

en de weiden zijn groen

zijn werkelijk groen,

en de wolken zijn wit,

zo wit a 15....

Ja de hemel is blauw, zo blauw.

zo blauw als die stralende ogen van jou.

Zo zong ik dan dit kleurenlied,

dit lied van de lente.

Maar toen ik voor 't eerst dit liedje heb gezongen,

toen zijn mij de tranen uit de ogen gesprongen

want de hemel is groen, zo groen.

en de weiden zijn blauw.

En toen ik dit liedje voor 't eerst heb gezongen.

heeft zij mij woorden van groot geluk gezegd.

maar ik, ik heb mijn hand op haar mondje gelegd.

EDGARD LEMAIRE—DENS