is toegevoegd aan uw favorieten.

Die constghesellen; maandblad voor de beeldende kunst-orgaan van de Nederlandsche Vereeniging van Kunsthandelaren, jrg 2, 1947, no 7, 15-07-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A. M. Hammacher

bekroond

Amsterdamse Impressionisten

De kunstcriticus A. M. Hammacher ontving dezer Jagen de Wijnaendts Franckenprijs voor zijn werk ..Amsterdamsche impressionisten en hun kring", (f. M. Meulenhoff, Amsterdam).

En de toekenning van deze prijs is naar onze mening ten volle verdiend. Opgemerkt moge eerst worden, dat het werk reeds in 1941 het licht zag als eerste druk. Maar ile lijd was er niet naar, om er veel aandacht aan te besteden. We kunnen dit thans goedmaken en het is van belang, zulks te doen, omdat Hammacher in zijn hoek een zeer belangrijk onderwerp hij de kop vat en dat niet alleen: van meet af aan stelt hij nadrukkelijk een school van Amsterdamse im|)ressiouisten vast, en rangschikt deze in het verhand van hun tijd. Onzes inziens heeft de schrijver er goed aan gedaan, zijn stof te groeperen rondom zeven hoofdfiguren en andere, minder belangrijke schilders buiten beschouwing te laten. Er kan verschil van mening zijn over de keuze der figuren – hoewel niemand het feit, dat llreitner als centraal punt gekozen

is voor discussie vatbaar zal achten maar dat is nu eenmaal altijd zo. Het is, {geloof ik, een fout van vele kunsthistorici, om in hun werken te streven naar een zekere volledigheid, waardoor de kwantiteit het ten onrechte winnen moet van de kwaliteit en veelal niet meer ontstaat dan een gecommentarieerde cataloog. Wil men echter dieper tot het wezen der dingen indringen en wil men een bepaalde gedachtengang ontwikkelen, dan zal men zich in zijn stof moeten beperken. Dit nu heeft Hanimacher gedaan. En naar onze mening bieden Breitner, Verster, Is. Israëls, Witseii, van Looy, Karseii en Suze Robeftson voldoende stof om het rijk geschakeerde beeld van de Amsterdamse impressionisten in een helder licht te stellen. In het eerste hoofdstuk behandelt de auteur de stad en hel laiidschap in de schilderkunst van

J. Jelgorhuis, „Agnietcnkopel*’, Amsterdam 1825

Ed. Karsen, ~Poortje te Enkhuizen”, ca. 1890