is toegevoegd aan je favorieten.

De locomotief; weekblad gewijd aan de belangen van spoor- en tramwegen, jrg 40, 1922, no 13, 29-03-1922

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der wetenschap en der economie rijn en kunnen dit niet afdoende bewijzen dan wanneer zij, steunende op den internationalen gemeenschappelijken arbeid, de grondige ontwikkeling der wetenschap en de normalisatie in het belang van het verkeerswezen helpen bevorderen.

Jaarverslagen 1920.

Gemeentetram Amsterdam.

Mededeelingen van algemeenen aard. Ook gedurende het jaar 1920 hebben de moeilijke tijdsomstandigheden duidelijk haar invloed doen gelden op het bedrijfsleven der Gemeentetram.

Rekening houdende met de bedragen, noodig voor rente en afschrijving, wijst het verslagjaar een tekort aan van rond f 137.000, voornamelijk ten gevolge van de loonsverhooging van 29 September 1920, waaraan terugwerkende kracht werd gegeven tot i Juli van dat jaar. De hieruit ontstane noodtoestand maakte wederom een herziening van het tarief noodzakelijk. Met ingang van 22 November werd de prijs voor de korte trajecten van 6 op 7V2 cent gebracht, die der enkele ritten van 121/2 op 15 cent, der vroegrittenj van 6 op 10 tent en der vroegritretours van 12 op 20 cent. Ingevoerd werden tweeritskaarten tegen een prijs van 25 ct. Het tarief der netkaarten werd van / 15 tot f 20 verhoogd, dat der lijnkaarten van f 7,50 tot f 10, terwijl de prijzen der scholierkaarten, wat de ochtend- en avondkaarten betreft, van f 1,50 op / 2 werden gesteld en wat

de dagkaarten aangaat, van / 4,50 op / 6. Op het einde van het verslagjaar was uiteraard omtrent de werking van dit verhoogde tarief nog niets met zekerheid vast te stellen. Eenmaal werd in 1920 de goede gang van zaken in het trambedrijf verstoord, en wel door de staking op 8 Juni. Dank zij evenwel het feit, dat het meerendeel der bestuurders aan deze staking niet deelnam, en de maatregelen, welke dientengevolge door de directie genomen konden worden, was deze stoornis niet van ernstigen aard. |

De exploitatielengte van het tramnet onderging in 1920 geen verandering. Met ingang van 25 December werd, als tijdelijke maatregel, de dienst op lijn 6 op Zon- en feestdagen gestaakt, en zulks in het belang van een zuinige exploitatie, aangezien de wagenbezetting op die lijn gedurende de genoemde dagen zeer gering is. |

De verhooging der rijsnelheid in Mei 1919 van 10,94 KM. ■tot 11,59 KM. per uur, waardoor het electriciteitsgebruik in dat jaar reeds met ruim 10 pCt. was gestegen, heeft in 1920 over.het volle jaar haar invloed doen gelden en het cijfer van bedoeld gebruik gebracht van 11.634.742 KWU. in 1919 op 12.239,883 KWU. in 1920, een stijging alzoo van ruim 5 pCt.

De ruitenschade als gevolg van baldadigheid nam wederom niet onbelangrijk toe en bedroeg rond f 2800 tegen / 2150 in 1919, f 1500 in 1918 en f 500 in 1917. Behalve aan de stijging der glasprijzen, moet deze toeneming voor een goed deel geweten worden aan het optreden van buitenstaanders tijdens de bovenvermelde staking. In de organisatie van het bedrijf kwam gedurende het verslagjaar geenerlei wijziging.

Debet

BALANS op 31 December 1920.

Credit.

Balans A®. P®. Uitbreiding 1920 Bedrag op uit®. 1920 Afschrijving tot uit®. 1920 Eindbedrag Balans A®.P®. Eindbedrag gld. gld. gld. gld. gld. gld. gld. Gebouwen Wachtkam. en wachthuisjes Tramwegen 4.595.469,17 79.990,64 10950.996,85® 5.600.049,64® 67.986,69® 19.279,23® 618.092,51 70.311,77® 702.980, 72.383,38 114.859,53 / 10.740,87 \-350J)00, 4.256.210,04 79.990,64 1 323 856,46 66.126,51 2.932 353,58 13,864,13 6.596.324,34 3.175.697.47 735, 217.183,36® 31.645,54® Kapitaal: 4 pCt. lecning 1900 3‘/j„ „ 1899 (uitge-4.148.970,76 4.015.207,49 Tramwagens Paarden Tuigen Gereedschapp., werk- en 33.783,87® 43.943,65® 3.883,11 5.633.833,52 67.986,69® 19.279,23® 662 036,16® 74.194,88® 2.458.136,05 67 251,69® 19.279,23® 444.852,80 42.549,34 geven 1902) 4 pCt. leening 1904 4 0, „ „ 1913 4‘/i„ „ 1914 4 „ „ 1916 1.689.881,21 1.800.000, 1.320.000, 1.350.000, 940.000 1.638.672,69 1.750.000, 1.290.000, 1.320.000, 920.000, 5 „ „ 1918 975.000, – 950.000, Prem. voor vervroegde overneming van het bedrijf. . Kosten van leeningen.... Disagio van leeningen.. .. Voorschot gemeente 1.452.284,64® 14.803,97 1.135.281,67 14.029,51 702.980,— 72.383,38 114.859,53 702.980, 67.880,13 49.924,85 64 934,68 Reserve voor electrische stroomlevering ten behoeve van de wiegbrug Korst verloren vaart .... 22892.399,43® -F559.915,90® 350.000, 23.102.315,34 10.065.073,98 13 037.241,36 4.0'0,- 4.050, Kas 13 694.990,58® 13 037.241,36 Te goed van andere takken van dienst 45.301,32 1 302.274,58» 122.198,68® 209.915,90® Girokantoor Schuldig aan andere takken van dienst 1.662.870,02 1.031.771,41® Gemeente Amsterdam (voor kapitaalsuitgaven) r: 373.228 24 177.848,39 530.818,16 582.407,42 526.918,88 183 097,19® 27.571,69 138 366,15 211 627,56 Debiteuren 177.623,93 » 209.434,42 95.147,89 Rotterd. Bankvereeniging Deutsche Bank, Berlijn .. Voorschotten oploonen volgens de Bijz. Voorschriften, bedoeld in art. 2 W.R 169.957,53® 29.243,91 140.697,05 485.387,89 303.542,66 77.157,48 235.091,73 78.908,91 Kleeditigrekening personeel Nog te betalen rente .... „ „ „ loonen eu Vergoeding van het Rijk wegens kostwinnerschap Vervoer 1921 (vooruit ont-70.135,68 38.382,55® 43.858,37 van person. in militairen dienst (nogte ontvangen) Deelname Duitsehe schat-60.480,87 455,42 Reserve voor waardevermindering van magazijn-47.124,84® kistleening 20.789,11 12.858,01 1.389.840,80® Maeazifn 892.589,77® 13.117,77 93 319,38® 2.301,38® 6.070,49 420.310,68 Afschrijvingen 9.197.408,85 Uniformen * Onvoltooide ~ . 152.883,84® Premie tegen brandschade (vooruitbetaald) Contante waarde v. uitkeeringen Rijksverzekeringsbank > Nadeelig saldo 1919 420.310,68 136.935,49 „ „ 1920 26476.240,78® 16360.803,04® 26476.240,78® 16 360.803,04®