is toegevoegd aan je favorieten.

De locomotief; weekblad gewijd aan de belangen van spoor- en tramwegen, jrg 41, 1923, no 19, 09-05-1923

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den van het dorp, grenzende aan onze trambaan, hebben wij een stukje grond in huur gekregen, waarop het gebouwtje kon verrijzen. Het geheel is van hout opgetrokken en onder architectuur gebouwd en past zich voldoende aan de omgeving aan In het gebouwtje is tevens een verlofzaak gevestigd, waarvoor wij van iemand, buiten de Maatschappij staande, een billijke huur ontvangen. Dientengevolge wordt aan toezicht en reinheid behoorlijke zorg besteed en hebben onze reizigers een goede gelegenheid om het vertrek onzer treinen af te wachten. Met inbegrip van de kosten van architectuur werd in het afgeloopen jaar / 8906,16 uitgegeven, vormende met de bedragen, welke in voorafgaande jaren voor voorloopig onderzoek zijn betaald, een totaal van / 9105,36, waarvoor dit gebouwtje op den inventaris voorkomt.

Op voorschrift van den dienst der Arbeidsinspectie werd nabij onze werkplaats te Amsterdam een schaftlokaal gebouwd, waarvoor / 1545,— werd besteed. Met inbegrip van den aanleg van geleidingen voor electrisch licht in de rijtuigremise te Hilversum en in de woning van den stationschef aldaar, werd / 10.736,16 op het hoofd Gebouwen verantwoord.

Rollend mateneel. De ketel van locomotief No. 7 werd door Werkspoor hersteld en van een nieuwe vuurkist voorzien. De kosten van deze reparaties hebben /'3462.12 bedragen en zijn ten laste van het Vernieuwingsfonds gebracht. Aan dezelfde fabriek werd de vernieuwing van assen en wielen van een serie open wagens in opdracht gegeven, waarvoor als eerste termijn / 6183,— werd betaald, welk bedrag eveneens ten laste van het Vernieuwingsfonds is geboekt. Wij verkochten aan een aannemersfirma een locomotief, welke voor de exploitatie niet benoodigd was, voor / 2000,—, welke som in mindering is geboekt van het hoofd Rollend Materieel.

Machinerieën en Gereedschappen. Dit hoofd vermeerderde met / 7689,74 voor machinerieën en / 1581,03 voor gereedschappen, door aanvulling van het benoodigde materieel voor de werkplaats en aankoop van eenige kleine werktuigen. Tevens hebben wij 8 zware locomotiefhefbokken gekocht, welke aanschaffing wegens uitbreiding van onze werkplaats in het vorige jaar, noodzakelijk was. In het voorjaar hebben wij met een Duitsche Firma eene overeenkomst aangegaan voor de levering van een moderne wielendraaibank, waarvan reeds verschillende betalingstermijnen zijn geboekt. De bank is thans gereed doch de aflevering is, wegens de verkeersmoeilijkheden in Duitschland, vertraagd.

Ontvangsten. De algemeen ongunstige economische toestand begon zich ook af te spiegelen op ons gewone personenvervoer. In de tweede helft van het jaar trad in de ontvangsten van dit vervoer een vrij sterke daling in, welke tot dusverre nog niet tot staan is gekomen. Integendeel: het nadeel in de ontvangsten, in vergelijking met die van het vorige jaar, neemt steeds grootere afmetingen aan. Ook de ongunstige weersgesteldheid heeft in de vacantiemaanden eveneens haren invloed doen gelden, terwijl de volkomen afwezigheid van pensiongasten in het Gooi, in hetzelfde tijdvak, zeer nadeelig is geweest.

Ook het goederenvervoer leed onder de depressie in het zakenleven, zoodat ook hierbij een regelmatige vermindering in de opbrengst geconstateerd kan worden. Bovendien is een sterke concurrentie ingetreden, aangezien verschillende groote firma’s, door de indienststelling van vrachtauto’s, de door hen te verzenden goederen per eigen expeditie naar hunne bestemming brengen.

De totale ontvangsten verminderden van / 506.825,63J tot / 478.636,35, alzoo eene vermindering met / 28.189,28J, waarvan alleen het reizigersvervoer voorkomt met / 19.855,724 in het nadeel. Abonnementen verminderden met / 3408,60, het*vervoer met werkliedenkaarten met / 3202,80, het vervoer van bestelen vrachtgoederen met / 1153,19 en het melkvervoer met / 738,65. De overige posten vereischen geen afzonderlijke vermelding.

Bij beschikking d.d. 8 Mei 1922 mochten wij, op grond van de ingediende Balans en Winst- en Verliesrekening over 1921, van het Ministerie van Waterstaat de mededeeling ontvangen, dat aan onze Mij. over het jaar 1921 een brandstof subsi die werd toegekend, groot / 61.034,50, onder voorwaarde echter, dat dit subsidie rechtstreeks noch middellijk voor uitkeering aan aandeelhouders mocht worden aangewend, doch dat het moest worden gereserveerd en daaraan slechts de bestemming mocht worden gegeven, die door den Minister zou worden bepaald of op ons

voorstel door Z. E. zou worden goedgekeurd. Als gevolg van de vele vernieuwingen, welke in 1922 noodzakelijk waren, hebben wij den Minister voorgesteld het geheele bedrag aan te wenden ten bate van het Vernieuwingsfonds, aan welk voorstel de Minister zijne goedkeuring heeft gehecht. Het gereserveerde bedrag, groot / 54.000,—, voorkomende op de Balans van 1921, is dientengevolge, met inbegrip van de nadere afrekening van het restant, groot / 7034,50, in één post overgeboekt naar het Vernieuwingsfonds. Voor het jaar 1922 mochten wij als voorloopige uitkeering over 7 maanden / 18.000,— ontvangen, welke som voorshands bij wijze van renteloos voorschot op de Balans is gebracht, in afwachting van de bestemming, welke hieraan zal verleend moeten worden.

Exploitatiekosten. De Exploitatiekosten verminderden met / 54.525,601, nl. van / 438.091,49 tot / 383.565,88 f Algemeene Dienst vermeerderde met / 2.509,66^ Dienst v/b. Vervoer vermeerderde met „ 1.995,94 Baanpacht en Tolgelden vermeerd. m. ’’ 0,82 Dienst van Tractie en Materieel ver-

minderde met / 44.021,25 Dienst v. Weg en Werken idem met „ 15.010,78

ƒ / 59.032,03

/ 54.525,60^

Alleen voor brandstoffen en smeermiddelen ten dienste der locomotieven werd / 36.051,86 minder uitgegeven, terwijl voor onderhoudsmaterialen, gebruikt voor de locomotieven en rijtuigen, eveneens een belangrijk bedrag minder werd geboekt. Het lagere bedrag van den Dienst van Weg en Werken vindt zijne oorzaak in de omstandigheid, dat in het vorige jaar een groote som was besteed aan het onderhoud der gebouwen.

Afgelegd werden 391.671,45 T.K.M. en 839.419,45 W.K.M., tegenover 342.443,6 T.K.M. en 788.678,2 W.K.M. in 1921. De Exploitatiekosten bedroegen per T.K.M. 97,93 cent, tegenover 127,93 cent in 1921.

Balans en Winst- en Verliesrekeneing. Het Voordeelig Saldo der Exploitatierekening bedraagt / 95.070,46" Af: Interest Obligatiën / 13.480,— Interest Leening 1912 7.309,56 Uitkeering aan het Pensioenfonds . „ 3.500,— Contractueele Reserve Vernieuwingsfonds Bussum—Huizen .... 6.047,37 _ 30.336,93 Blijft ter beschikking / 64.733,53®

Voorgesteld wordt aan het Winstsaldo de volgende bestemming te verkenen: Af te schrijven een bedrag van / 20.000,— Te reserveeren ten bate v/h. Vernieuwingsfonds „ 18.000,— Uit te keeren aan Aandeelliouders % ... . „ 22.500,— Te reserveeren voor Dividendbelasting met opcenten ~ 2.036,25 Op nieuwe rekening over te brengen ~ 2.197,28^ Totaal / 64.733,53"

Yerschillende Mededeelingeii.

Meppel in opstand. Wij lezen in de „Meppeler Courant”: Onze handelswereld heeft Zaterdagavond van den ontvanger der registratie en domeinen een opfrisscher bekomen.

De stoombootmaatschappij N.V. Gebr. v. d. Boom’s Stoombootreederij (de Paul Krügers) te Rotterdam heeft beurtveeradressen, waarop ze de naamteekening van de geadresseerden voor het ontvangen der goederen eischt. Tevens staat op die z.g.n. kwitantie het bedrag der vracht ingevuld, ’t Is echter absoluut geen kwitantie voor betaalde vracht, want in dat geval zou de kwitantie geteekend moeten zijn door de stoombootmaatschappij, en zouden deze papieren ook alle in handen zijn der verschillende firma’s. Maar neen, de reederfj eischt onderteekening van de firma’s, als bewijs, dat zij de goederen heeft afgeleverd.