is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1938, 01-01-1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22 November — Dr. Paul Julien: „De pygmeeën van West-Equatoriaal Afrika".

De Secretaresse van de Commissie Utrecht is Mej. Dr. Jacoba B. L. Hol, Willem Barentzstraat 66, Utrecht.

De Rotterdamsche Commissie organiseerde de volgende lezingen:

10 Maart — Mej. Guda E. G. Duyvis: „Mexico, het land der pyramiden en tempelsteden".

11 November — Ir. Wouter Cool: „Een ingenieur op reis in de Vereenigde Staten".

29 November — Dr. Karl Burk, Lübeck: „Neuland am Meer" (Landgewinnungsarbeiten an der deutschen Küste).

Als Secretaris van de Commissie Rotterdam treedt op de Heer J. J. Kloppert, Tollensstraat 102, Rotterdam.

Te Groningen hield de Commissie de volgende lezingen: 1 I'ebruari — Mej. Guda E. G. Duyvis: „Het land der Maya's en der Mexicanen vóór de Spaansche verovering".

23 Februari —• Mr. Th. Regout: „De kleurenfilm ontdekt Zuid-Amerika".

26 April — Prof. Dr. K. Gripp: „Magdalénien Geweihkultur vom Rande des Inlandeises in Holstein".

21 October -—• Prof. Dr. L. P. Ie Cosquino de Bussy: „De economische opleving in Ned. Indië, zooals ik die op mijn reis in 1936 zag"; deze voordracht werd gehouden met de Koninklijke Vereeniging „Oost en West".

19 November —• Dr. K. Burk, Lübeck: „Neuland am Meer in Schleswig-Holstein", te zamen met den Landbouwkundigen Kring te Groningen.

De Secretaris van de Commissie Groningen is Dr. Ph. H. Kuenen, Star Numanstraat 25, Groningen.

Te Tilburg werden dit jaar twee lezingen gehouden:

22 Januari — Dr. Paul Julien: „Onder de Pygmeeën van Centraalen van West-Equatoriaal Afrika". Nieuwe gezichtspunten in zake het pygmeeënvraagstuk in Afrika.

19 November —- Prof. Dr, L. P. Ie Cosquino de Bussy: „Indrukken van mijn reis naar Nederlandsch Oost-Indië in 1936".

Secretaris van de Commissie Tilburg is Dr. H. van Velthoven, Vughterweg 27, 's-Hertogenbosch.

De Redactie-Commissie bestond bij den aanvang des jaars uit de leden: Prof. Dr. L. Rutten (voorzitter) ; Dr. J. van Hinte; Dr. A. N. J. den Hollander; J. C. Lamster; J. L. H. Luymes (secretaris) ; Prof. Dr. K. Oestreich en Ir. F. L. Schlingemann.

Het tijdschrift verscheen als gebruikelijk tweemaandelijks, met een totalen inhoud van 59.5 (vorig jaar 60) vel. Daarvan werden 37.5 (38.5) vel ingenomen door 41 (53) hoofdartikelen; 6.5 (6.4) vel door 63 (65) boekbesprekingen; 2.1 (2.4) vel door het overzicht van geolo-