is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1938, 01-01-1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

akker; het rijtkempke; het kempke achter de Tongelreep; het aangelag; het heiveld.

7. De Vorstevoortsche hoeve; de Geenhovensche heide; het rijtkempke; de scheer (= schaar); de polder; het akkerveld, de hooge akker; de steenoven ;de lange vorstent; het Tongelreeppoeltje.

De Vorstevoortsche hoeve, die in de onmiddellijke nabijheid van het gehucht Achtereind op grondgebied van Heeze ligt, ontleent haar naam *) aan Voirstevoirdt, een naam die anno 1440 genoemd wordt in een document in het archief van het Kasteel Heeze (Inventaris Kasteel Heeze A 2). Voistervoirdt was de voorste voorde over de Tongreep. Welke voorde hiermede bedoeld wordt, is niet duidelijk. Misschien was het de brug bij de zuidelijkste boerderij van het Achtereind (no. 6). Steenen, die nu nog bij de Vorstervoortsche hoeve in de oevers van de Tongreep zijn overgebleven op een plaats, waar deze vrij hoog zijn, wijzen op een watermolen, die daar moet hebben gestaan. Elke heugenis hieraan is echter verloren gegaan.

Een beschouwing van de namen der perceelen akker- en weideland levert interessante resultaten op. Men bedenke hierbij, dat van onderscheid tusschen akkerland en weiland niet altijd sprake kan zijn, omdat de bodemgesteldheid veelal eischt, dat weiland na enkele jaren opnieuw ingezaaid wordt en het dus tusschentijds, al is het voor korten tijd, toch weer dienst doet als akkerland. Bij deze beschouwing kan men de namen verdeelen in verschillende groepen, waarbij de bijzonderheden duidelijker aan het licht treden.

a. Naar de ligging: de hoekakker; de hurk; de voorste akker; de nieuwe dries; het aangelag; de achterste akker; het rijtkempke; het kempke achter de Tongelreep; de dijksvelden; de hei achter het langven; de binnenakker; de kerkkamp; het Tongelreeppoeltje.

De hoe kakker ontving zijn naam, omdat hij op een hoek lag. De hurk1) evenzoo, ofschoon dit minder duidelijk is. Het woord hurk is een vervorming van horn (afgelegen stuk land, hoek, uithoek) en werd achtereenvolgens horinc, horrinc, hork, hurk. Vergelijk hiermede: anno 1312/50 een akker van het goed Ten Broecke: shanen horrinc2) te Strijp; anno 1331 „voirt ten uytersten horninck3) van Welpschot" (= Welschap) anno 1452; den horckacker (te Strijp) Bossch Strickgrefier blz. 134. Den naam Hurk of De Hurk vindt men o.a. nog in de voormalige gemeenten Strijp, Woensel en Aalst.

Een dries is in Noordbrabant algemeen de naam voor weiland, dat onmiddellijk aan de boerderij grenst. Vergelijk hiermede: dreisk, ruhender Acker für Viehtrift 4). Misschien is er verband met het drie-

1) Verpondingen van Aalst anno 1777 (Archief van Waalre).

2) L. Galesloot, Le livre des feudataires de Jean III, anno 1312/1350, blz. 301;

3) Tijdschrift voor Noordbrabantsche geschiedenis, iste jaargang, blz. 1/2.

4) H. Jellinghaus, Die Westfalischen Ortsnamen, Osnabrück 1923, blz. 56.