is toegevoegd aan uw favorieten.

Doopsgezinde bijdragen, jrg 3, 1863, 01-01-1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ging *). Tot de onderteekenaars behooren van vvege Arnhem, Cornelis Jansz en Dirck Rendersen, die wel dezelfde zal wezen als Dirk Reyner van Bronkhorst, mandemaker. Indien wij dit voor oogen houden, zoo laat het zich verklaren waarom bovengenoemde vier personen, waarschijnlijk alle Oudsten van de gemeente, door de Leidsche afgevaardigden geëxcommuniceerd zijn geworden, toen zij zich niet bewegen lieten om af te zien van hun voornemen, om de vergadering van 21 April bij te wonen en tot meerdere aansluiting onder de Vlaamsche gemeenten, met voorbijzien van vroegere geschillen, mede te werken, en alzoo den weg te banen tot toenadering onder alle partijen, waarvoor de tijd meer en meer rijp werd.

Die vier mannen, Oudsten der gemeente, waren mannen van vrede en verzoening. Niet alleen blijkt dit uit de onderteekening der confessie van 21 April 1632, maar ook in het volgende jaar uit de poging, om in vereeniging met Oudsten en Dienaren van Amsterdam, Dordrecht, Leiden, Rotterdam, Haarlem en Utrecht, de geschillen bij te leggen, die te Haarlem gerezen waren tusschen Vincent de Hondt en Lucas Philips omstreeks 1620 f). — Een brief, gedateerd Utrecht den 14den Februarij 163-3, uitgegeven onder den titel: Vrede-bode aen onse lieve Vrienden, den

*) Belijdenisse van Adriaeu Cornelissen of confessie des christelijken geloofs, getrokken uit de Vredehandeling, geschied te Dordrecht in den jare 1632, op den 21sten April tusschen de Doopsgezinden, die men Vlamingen noemt.

f) Zie Blaupot ten Cate, Uesch. der Doopsgezinden in Holland enz. Deel I, bladz. 319.