is toegevoegd aan uw favorieten.

Doopsgezinde bijdragen, jrg 3, 1863, 01-01-1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het maken van zulk een ,/statuit" schijnt bij het voornemen gebleven, en de provisionele voorziening voldoende bevonden te zijn, althans in het llaad-signaat is dit het laatste berigt, niet alleen omtrent deze zaak, maar ook in 't geheel omtrent de Doopsgezinden.

Wij zouden omtrent hun verder bestaan ter dezer stede waarschijnlijk geheel in 't onzekere hebben verkeerd en van dezen tijd af alle spoor verloren hebben, zoo er niet op den 30steu Januarij 1715 een huis en erf waren aangekocht door Barent van der Hoop en Thileman Smits en die verdere Doopsgezinde Gemeente alhier; welke koop de aanleiding is geworden, dat althans de gedachtenis en de naam der gemeente niet geheel zijn verloren gegaan. De enkele keer toch dat er sprake is van Doopsgezinden hier ter plaatse, staat in verband inet dat Huis en Erf, gelegen in de Rijnstraat en bekend geworden onder de benaming van: // Mennisten-erf."

Kon er in 1715 nog gesproken worden van: //die verdere Doopsgezinde Gemeente" langzamerhand, door welke oorzaken is onbekend, schijnt zij te zijn vervloeid en te niet gegaan. Althans den 21sten Februarij 1787 wendt Abraham de Haas zich bij request tot de WelEdel Groot Achtbare Heeren, de Heeren van de Magistraat der stad Arnhem, gevende te kennen: //dat hij, als de eenige overgebleven lidmaat van de Doopsgezinde Gemeente alhier, onder syne administratie heeft een huys en erve binnen deeze stad, staande en toebehoorende aan de diacony van de Doopsgezinden voornoemt, en waarvan de jaarlykse revenuen onder twee behoeftige vrouwspersoonen van deselve belydenis verdeelt wordt." — Verder geeft hij te kennen,