is toegevoegd aan uw favorieten.

Doopsgezinde bijdragen, jrg 5, 1865, 01-01-1865

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verandering door Rotterdam, van 1848; VIII de Haarlemsche kerkgezangen van 1851 en IX de zes Harlinger liederen achter het psalmboek van 1856, terwijl eindelijk X de Evangelische gezangen in enkele onzer gemeenten gebruikt worden. Uit welke berijmingen de psalmbundel der Hervormden ontstaan is, vermeldt de laatste bladzijde van hun psalmboek; naamlijsten van de auteurs der Evangelische gezangen zijn in veler handen; — zoodat ik mij, bij de opgave welke de titel dezer mededeeling belooft, kon bepalen tot de verzamelingen, hierboven aangeduid onder 1, III, IV, V, AI, en VIII. Immers de zes Harlinger liederen, onder IX genoemd, werden reeds besproken. De gebruikte verkortingen hebben weinig verklaring noodig: Ev. G. zijn de Evangelische Gezangen van 1806; G. B. Groote bundel; H. G. Haarlemsche Gezangen van 1804; H. L. Haarlemsche (Lamistische) liederen van 1718 (1684); K. E. Kleine bundel; O. L. G. Oude Luthersche Gezangen vóór 1827 in gebruik; U. L. Uitgezochte liederen; Z. L. Zonsche liederen van 1762; Zw. L. Zwolsche liederen of toevoegsel op den Kleinen bundel, — terwijl een f te kennen geeft, dat er aan het overgenomen lied veel is veranderd, welk teeken ik echter, omdat het schier overal van toepassing geweest zou zijn, bij de Haarlemsche kerkgezangen van 1851 heb weggelaten.