is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1941, 01-01-1941

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oudste ommuring van 's-Hertogenbosch door de eeuwen heen slechts drie poorten bekend waren, terwijl door de recente opsporingen naar aanleiding van grondwerken en opgravingen is gebleken dat er in werkelijkheid vijf poorten hebben bestaan48). Het beloop der straten toont o.a. ook in Deventer aan dat er in de oude ommuring poorten moeten hebben bestaan waarvan de kennis is verbleekt. Zeer instructief is in dit opzicht alweer de toestand in Haarlem, waar door het beloop der straten op een niet te miskennen wijze wordt aangetoond dat op de Krocht, op het begin der Kruisstraat, in zeer vroege tijden een stadspoort moet hebben bestaan. Hier convergeeren de straten niet alleen uit verschillende richtingen, maar vindt tevens ook een verandering in de benaming der doorloopende hoofdstraat plaats ( Bartel j orisstraat-Kruisstraat).

Ook dit is weer een detail waaraan de noodige aandacht dient te worden besteed. Verandering van naam bij eenzelfde beloop van een straat in het kader der binnenstad is steeds verdacht, want hiervoor moet een reden bestaan. In Arnhem heeft de eene en doorloopende straat van de voormalige Velperpoort naar de voormalige Rijnpoort vier gedeelten met afzonderlijke benamingen: Roggestraat, Ketelstraat, Vijzelstraat en Rijnstraat. De benaming Vijzelstraat is pas in de 17de eeuw opgekomen. De andere naamsveranderingen zijn zeer typisch : de Roggestraat vormt het gedeelte tusschen de voormalige Velperpoort en de Stadsbeek, die als een zeer oude stadsgracht (van vóór de 14de eeuw) mag worden beschouwd, en de Rijnstraat is het gedeelte bewesten — d.i. buiten — het plein de Groote Oord, hetwelk evenals de Stadsbeek als opvolger der stadsveste van vóór de 14de eeuw mag worden beschouwd. In dit opzicht geldt vrij algemeen dat straatnamen die betrekking hebben op andere steden of op verschijnselen van het landschap buiten de stad, buiten de oudste kern worden aangetroffen. In Amsterdam beginnen de Leidsche straat, de Utrechtsche straat enz. pas buiten de oudste kern in het gebied der latere uitbreidingen, en hetzelfde geldt o.a. voor de Vughterstraat in 's-Hertogenbosch, de Molenstraat in Nijmegen enz.. Op de Krocht in Haarlem begint de Kruisstraat, genoemd naar het Vrijtkruis aan de voormalige Kruispoort; de oudere benaming „Albstraat" is nog niet voldoende verklaard49). Ook de bestudeering der straatnamen kan dus leiden tot het terugvinden van voormalige stadswallen: er zijn, zooals een nader onderzoek leert, in tal van steden aanzienlijk méér gevallen van uitleg dan uit de oorkonden of uit de overlevering blijkt.

Hetgeen hier over de poorten der middeleeuwsche versterkingen is gezegd, geldt in belangrijk mindere mate voor de versterkingen der 16de en 17de eeuw, die in de meeste gevallen het kader vormen waarbinnen de binnenstad als dusdanig nog thans in haar eigenaardige individualiteit zich voordoet. De middeleeuwsche ommuringen vormen een scherpe begrenzing naar buiten, maar zij zijn tevens aangepast aan

48) Mosmans, J., Twee onbekende poorten in den oudsten Bosschen ringmuur. Taxandria XXVIII, 1921, pag. 272 e.v..

49) Zie mijn artikel in de Oprechte Haarl. Crt. v. 5 April 1940.