is toegevoegd aan uw favorieten.

Doopsgezinde bijdragen, jrg 1, 1867, 01-01-1867

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op hetwelk zij allen verschenen in de gedaante van booze geesten, om met elkander te overleggen, hoe zij best in de nieuwgezinden de godsdienstigheid, die zoo vurig scheen, weder zouden doen verflaauwen, en eindelijk geheel uitdooven. Tot velen zagen zij makkelijk kans, mids de één door strikken van overdaad, door brassen en zuipen ligtelijk ten verderve was te brengen, en anderen door dollen ijver om kerken te plunderen en geestelijken te mishandelen, tot grooten hinder van den voortgang der Reformatie. Doch tot de Herdoopers wisten zij geen raad; een orfhoozel, een eenvoudig, afgescheiden volk, door niemand verdedigd, en van het gebruik van oorlogswapenen ten uiterste afkeerig.

Vastigheid aan de aarde en aardsche goederen hadden zij niet, en zelfs hadden zij geen lust tot derzelver bezitting, gedwongen van de eene naar de andere plaats wegens de hitte der vervolging te vlugten. Derhalve was er nergens een handvatsel te vinden, bij hetwelk die godvruchtige gezindte was weg te slepen, en de booze geesten, na lang overleg, vertrokken radeloos en moedeloos van het tooneel!

Maar wat gebeurt er? Één van hunne makkers, al hinkende van achter het gordijn weder te voorschijn komende, doet hen terugkomen door een luid geschreeuw, dat hij een onfeilbaar middel had uitgevonden. En gevraagd zijnde, welk? antwoordt hij in dezer voege. Wij zullen de vervolgingen staken, en die lieden vrije tijden verschaffen, in dewelke zij hunne harten zullen beginuen aan de aardsche goederen te hechten; hunne liefde voor