is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1942, 01-01-1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kinderen bij de moeder achterlaat; dan laat hij alles bij de moeder voor de opvoeding van de kinderen. In het tweede geval trekt de vrouw het gemeenschappelijk eigendom aan zich.

Veelal wordt, wanneer men van elkaar afgaat, een mes, een wiedijzer of een lanspunt als teeken gegeven. Dit ijzer draagt den naam van parisona.

In Seko geldt dezelfde regel als boven vermeld is van de To Mangki. De boete die de vrouw moet geven als zij den man „wegwerpt", of de man als hij de vrouw zonder geldige reden verlaat, draagt hier den naam van peholi „om hem (haar) te doen omkeeren". In het eerste geval doet de man nog een poging om de vrouw tot andere gedachten te brengen door haar een mat en een doek te geven. Dit heet pentana.

Ten aanzien van de kinderen geldt als regel dat ze, als ze nog klein zijn, bij de moeder blijven; zijn de kinderen groot, dan doen ze zelf de keus, of ze bij den vader dan wel bij de moeder willen blijven.

Echtscheidingen komen naar het getuigenis der menschen veel in het stroomgebied van de Karama voor. Wanneer de gescheiden man en vrouw later tot elkaar terug willen keeren, is dit overal mogelijk. De boete die bij de scheiding gegeven is, wordt dan niet terug gegeven, maar de man geef zijn vrouw een geschenk, dat in Seko den naam draagt van popangoele „voor het terugkeeren", en dat bestaat uit een stuk katoen, een geïkatte doek, een vischvijver en dergelijke.

42. Overspel

Overspel plegen heet bij de To Mangki en To Lemo sialai bainena taoe „eens anders vrouw nemen". Ik hoorde overspel ook parakkoan „wat men naar beneden doet gaan" noemen. Vroeger werden overspelers wel gedood wanneer zij op heeterdaad werden betrapt. Wanneer echter de tobara' of de tomakaka de zaak te weten kwam, voordat de beleedigde echtgenoot zelf recht kon doen, werden de overspelers beboet. Deze boete is niet zoo hoog als wij elders op Midden-Celebes aantreffen. Onder welgestelde lieden had de overspeler twee buffels of een buffel en een stuk wit katoen te betalen; voor eenvoudige dorpelingen kwam men niet boven wat katoenen goederen uit. Deze boete draagt in het Galoempangsche den naam van bala bainena taoe , heining van eens andermans vrouw , vermoedelijk om haar te vrijwaren gedood te worden. I e Beroppa (Lemo) spreekt men van indan lembang „landsschuld". Ook had de overspelige vrouw een boete te betalen aan de echtgenoote van den overspeler. Welke boeten ook betaald werden, de overspeler moest er altijd een varken bij geven, dat dan in zijn plaats werd gedood; van het vleesch werd een maaltijd aangericht.

In Seko heet overspel bedrijven malaha. Ook hier is het voorgekomen dat de overspeler gedood werd (de overspelige vrouw werd niet gedood), maar men vertelde er bij, dat dit kwam omdat de tobara' niet flink genoeg had gesproken. Wanneer de overspeler merkte dat zijn daad bekend was geworden, bracht hij gauw wat katoenen goederen bijeen, en legde die vóór het woonvertrek van den beleedigden