is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1942, 01-01-1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hier brengt men ook voedsel naar het graf, uitsluitend maïs en jobstranen (dale kalisikan, Sa'd. dale sisikan; Coix agrestis) en wat lever van den geslachten buffel. Is men van dezen tocht weer thuis gekomen, dan wordt een maaltijd van varkensvleesch aangericht, welke plechtigheid kamaloloan „bevrijding van de weduwe (weduwnaar) van den rouw" heet. Bij deze gelegenheid komt de weduwe uit haar afzondering in huis te voorschijn, en zij en haar mede-rouwdragenden eten van de rijst zonder daarbij eenig voorschrift in acht te nemen. In Lemo worden eenige dagen (drie tot tien) na dit ma'lolo nog een varken in huis en een op den grond geslacht, waarvan een maaltijd wordt aangericht. Hierbij wordt voorgoed afscheid genomen van den doode. Deze plechtigheid heet papelango „om glad te maken", in den zin van „beëindigen".

In Seko heeft de slotacte pas ongeveer een jaar na de begrafenis plaats, wanneer de rijstoogst gelukt is. Dan komen de bloedverwanten bijeen om een gezamenlijken maaltijd te houden. Bij deze gelegenheid wordt door een broer of een ander familielid van den overledene een hond gedood, waarvan het vleesch echter niet gegeten wordt. Dit heet in Wono mangkala'i „een aandeel geven" (aan den doode); in Lodang malisongi (Sa'd. malison, „geheel ten einde, geheel voltooid van een werk"). Bij deze gelegenheid wordt een van bamboe gevlochten mandje (pakoe, Sa'd. bakkoe') met rijst, lever en vleesch van het geslachte dier naar het graf gebracht.

78. Hertrouwen van de weduwe

In het Galoempangsche en in Lemo is het regel dat een weduwe een jaar na het overlijden van haar echtgenoot mag hertrouwen. Eerder mag ook wel, maar de weduwe is bang dat ze er dan van verdacht zal worden, op de eene of andere wijze (door tooverij) de hand te hebben gehad in het overlijden van haar man om te kunnen hertrouwen. Bij de To Seko mag de weduwe na twee maanden hertrouwen, ofschoon ook hier de meesten fatsoenshalve langer wachten. In elk geval mag het huwelijk niet plaats hebben zoolang de akkers niet afgeoogst zijn; de tobara' zou het paar dan met een varken beboeten, omdat het gewas er anders onder zou lijden. Bij alle bewoners van het stroomgebied van de Karama is het niet geoorloofd dat een broer van den overleden echtgenoot de weduwe tot vrouw neemt, voordat zij eerst met een ander gehuwd is geweest; anders zou de ziel (bombo) van den overledene hem ziek maken. Als in Seko de broer van den overledene diens weduwe rechtstreeks tot vrouw wil nemen, dan brengt hij een koperen ring naar het graf van zijn broer, legt hem daar neer, en zegt: „Hier breng ik je goud, wees niet boos dat ik je vrouw tot echtgenoot neem".

78. Het menschenoffer bij een sterfgeval

Van het halen van een menschenhoofd, dat noodig was bij het overlijden van een tobara', gaf de toenmalige kapala van Galoempang mij de volgende beschrijving. Wanneer een tobara' patokke' stierf, werd op de gong geslagen om de mannen bijeen te roepen. Eenigen hunner