is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1939, 01-01-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoek van Holland gegeven diepte-sein, dat sedert vele jaren gegrond was op een diepte van 95 dm bij L.W., kon met ingang van 1 Januari 1937 worden gebracht op 100 dm bij L.W. De doorgaande geul van tenminste 11 m diepte liep ook dit geheele jaar door tot de overeenkomstige diepte in zee. De grootste diepgang, waarmede de Rotterdamsche Waterweg werd bevaren, bedroeg 104 dm. Het aantal schepen van 90 dm diepgang en meer nam toe van 90 in 1936 tot 150 in 1937. In het mondingsgebied werd 1 299000 m3 gebaggerd en in zee gestort. Boven Maassluis en beneden Vlaardingen werd nog 656 000 m3 gebaggerd, welke specie in particuliere loswallen werd gestort.

De ankerplaats voor Rijnschepen aan den linkeroever van de Nieuwe Maas onder IJselmonde, waarmede in 1936 was begonnen, werd voltooid.

Van de overige rivieren is weinig bijzonders te vermelden. Voor onderhoud van de diepte werd op de Oude Maas 716 000 m° gebaggerd. Door particulieren werd daar nog krachtens vergunning 328000 m3 opgeruimd. In de Westerschelde werd op verschillende drempels voor Belgische rekening 3 230 000 m3 specie gebaggerd, terwijl in de Sardijngeul een ondiepte werd opgeruimd. Onderhoudsbaggerwerken werden voorts verricht in het Zwartewater en de Overijsselsche Vecht.

Ter voorbereiding van de voorgenomen verbetering van den Hollandschen IJsel als onderdeel van den vaarweg Amsterdam—Rotterdam werden verschillenden terreinen aangekocht.

Een aantal afvoermetingen werd wederom verricht op den Rijn en zijn takken, waarbij over het algemeen de afvoer van de Waal grooter bleek dan 6/9 en die van den Neder-Rijn kleiner dan 2/9 van den onverdeelden Rijnafvoer. Ook op de Maas bij Maastricht, Ravenstein en Alem werden verschillende afvoermetingen verricht. De studie van de zand- en waterbeweging in de bovenrivieren, in de Westeren Oosterschelde, langs de Noordzeekust en in verschillende zeegaten

werd voortgezet. .

Stormvloeden van eenige beteekenis kwamen in het verslagjaar op de benedenrivieren en langs de kust niet voor.

Kanalen hoofdzakelijk in het belang der scheepvaart. Met de verbetering van den vaarweg Groningen—Stroobos, het in de provincie Groningen gelegen gedeelte van den vaarweg Groningen IJselmeer, werd voortgegaan. De bouw van twee sluizen met toeleidende kanalen bij Oosterhoogebrug, de verbetering van het Hoendiep tusschen Noordhornerga en Gaarkeuken en tusschen Noordhornega en Stroobos met bijkomende werken werden voltooid. Het maken van een pontondraaibrug tegenover den Korreweg was nog in uitvoering.

Met een Rijksbijdrage van twee derde in de op ƒ 6850000 geraamde kosten zal door de provincie Groningen de vaarweg Groningen—Westerwoldsche A worden verbeterd. Begonnen werd met het maken van een dubbele schutsluis in het Winschoterdiep bij Waterhuizen.

Met de verbetering van de Hoogcveensche vaart ten behoeve van