is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1887, 01-01-1887

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lande verschuldigde langs minnelijken weg of door andere wettige middelen linnen den kring der bevoegdheid van den Directeur van Finantiën gelegen in te vorderen luiten het officie fiscaal en luiten rechten.

De Directeur van Finantiën handelt bij het verleenen van korting op pensioen alleen dan linnen den kring zijner bevoegdheid, wanneer hij claarlij de voorschriften van Staatsblad 1822 no. 49 en latere daarmede in verband staande bepalingen heeft opgevolgd.

Ten aanzien van schulden aan den Lande behoeven van die voorschriften slechts die toegepast te worden, welke daarvoor vatbaar ziju.

Staatsblad 1829 no. 86 bij Staatsblad 1832 no. 41 gehandhaafd, verbiedt de inhouding van pretentiën op ambtenaren wegens comptabel beheer na vijf jaren na hunne aftreding.

Ch. Boers, eischer, comp. bij den adv. en proc.

Mr. F. H. Gerritzen, contra

De Regeering van N. I., gedaagde, comp. bij den landsadvocaat Mr. C. A. Hennij.

HET HOOG-GERECHTSHOF VAN NEDERLANDSCH-INDIE,

Gehoord partijen;

Gezien de stukken;

Ten aanzien der daadzaken :

O. dat de eischer bij conclusie Van eisch, conform de dagvaarding, heeft gesteld, dat hem bij besluit van den GouverneurGeneraal van N. I. dd. 30 April-1882 no. 11 pensioen toegekend is als eervol uit 's Lands dienst ontslagen civiel ambtenaar; dat niettegenstaande het protest bij exploit van den deurwaarder F. Loriaux dd. 20 Januari 1886 namens eischer tegen gedaagde uitgebracht, deze heeft kunnen goedvinden van dit pensioen aan eischer niet uit te hetalen de sommen van f 32.50, f 292.50, f 326,84e n ƒ 87,36, uitmakende een totaal bedrag van ƒ 739,20 ? blijkens quitanties van den algemeenen ontvanger van 's Lands