is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1890, 01-01-1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tens den rechtsregel „ne judex ultra petita", omdat bij het introductief rekest geen bepaalde hoeveelheid padie was geëiscbt, het eerste gedeelte der vordering heeft ontzegd, zonder acht te slaan op hetgeen door den requirant ter terechtzitting ter adstructie zijner vordering nader mondeling is aangevoerd;

4o a. Schending van art. 188 Inlandsch Reglement, doordien, terwijl het laatste gedeelte der vordering is afgewezen omdat de huur der 4Va bahoe sawah van nul en geene waarde, althans ijdel en onuitvoerbaar zoude zijn en wel omdat het contract ten opzichte dier gronden in botsing komt met de bestaande en anterieure bepalingen omtrent de verplichte levering van gronden door Inlanders aan de Regeering ten behoeve der gedwongene suikerkuituur en deze beslissing alzoo is gegrond op stellige wettelijke bepalingen, de rechter a quo verzuimd heeft deze bepalingen in het vonnis te vermelden;

b. Schending dan wel verkeerde toepassing der art. 178 Inlandech Reglement en art. 1338, 1342 en 1343 Burgerlijk Wetboek, doordien de rechter a quo den gedaagde niet heeft veroordeeld tot betaling van ƒ 16U—, en zulks niettegenstaande de gedaagde de 4V2 bahoe sawah aan eischer heeft verhuurd, hij de f 160. —, waarop hij geen recht heeft, heeft ontvangen, uit zijne erkentenis ten duidelijkste blijkt dat het de bedoeling van partijen is geweest dat de eischer gedurende vijf jaren alle voordeelen van den grond, onverschillig welke, zou genieten en hij erkend heeft bedoelde som van ƒ 160.— aan eischer te moeten afstaan, onder bijvoeging dat eischer slechts gemachtigde zijns vader was, welke laatste bewering echter gebleken is onjuist te zijn;

c. Schending dan wel verkeerde toepassing van art. 168 Inlandsch Reglement, doordien de rechter a quo zegt dat gedaagde geen recht had die 4V2 bahoe sawah te verhuren, zonder dit te bewijzen, doch slechts een beroep doet op bepalingen welke hij zoomin noemt als beschrijft, terwijl ook uit het vonnis niet op te maken is welke 4V2 bahoe worden bedoeld;

O. dat eerst en vooraf zal behooren te worden onderzocht of het ingestelde beroep in cassatie ontvankelijk is;